Opinie

Schandvlek Syrië blijft onverminderd groot voor internationale gemeenschap

Idlib

Commentaar

Een wapenstilstand in, rond en boven de zwaar belegerde Syrische plaats Idlib. Een bestand dat in elk geval de eerste 24 uur overeind is gebleven. Eindelijk een heel klein beetje hoop voor de naar schatting 900.000 vluchtelingen die nu al tijden in het noordwesten van Syrië, vlakbij de grens met Turkije verblijven. Maar voor echt optimisme is het nog veel te vroeg. Daarvoor is de chaos te groot en zijn de belangen van de diverse spelers in het nog altijd complexer wordende conflict te aanzienlijk. Er is slechts tijd gekocht; de schandvlek voor de passieve internationale gemeenschap blijft onverminderd.

„Cynisch” was deze week de meest gebezigde term rondom de Syrië-crisis. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan zou een „cynisch spel” spelen door tegen de afspraken in vluchtelingen uit zijn land naar Europa te sturen als hij niet meer steun kreeg vanuit Europa voor zijn offensief in Syrië. Natuurlijk is het als chantagemiddel gebruiken van mensen die toch al onder erbarmelijke omstandigheden leven van het allerlaagste allooi. Cynisch heette ook het optreden van de Russische luchtmacht met de aanvallen op ziekenhuizen in Idlib en omgeving. En terecht. Het zijn regelrechte oorlogsmisdaden.

Maar haast even cynisch zijn de verwijten van degenen die anderen van cynisme betichten. Want is het nu al jaren wegkijken voor het steeds verder uit de hand lopen van het Syrisch conflict door bijvoorbeeld de Europese Unie en de Verenigde Staten niet evenzeer een vorm van cynisme? Al negen jaar is de burgeroorlog in Syrië gaande. Honderdduizenden mensen zijn gedood, miljoenen burgers zijn op de vlucht. De Syrische president Bashar al-Assad heeft met steun van Rusland en gebruikmakend van niets en niemand ontziende methodes een groot deel van het land op de rebellen teruggewonnen.

Het terreurbewind waar het de opstandige Syrische bevolking in 2011 om was begonnen heeft zich met al zijn gruwelijkheden alleen maar meer gemanifesteerd. En de wereld kijkt er naar of knipt het conflict op in ‘deelproblemen’ waardoor de fundamentele oplossing onbesproken kan blijven. Zorgen uiten over kinderen van Jihadgangers in Syrische opvangkampen voor de Nederlandse samenleving is nu eenmaal overzichtelijker dan nadenken over het oplossen van een conflict dat door de Verenigde Naties is uitgeroepen tot de grootste humanitaire crisis van dit moment.

Op zijn manier deed de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) deze week een poging door in een opiniebijdrage aan deze krant een pleidooi te houden voor een ‘no-fly zone’ voor Syrische vliegtuigen boven Idlib. Een voorstel dat nogal onbeholpen overkomt als niet aangegeven wordt hoe zo’n verbod tot stand moet worden gebracht. Het noodzakelijke VN-mandaat is, zoals Blok notabene zelf schreef, onmogelijk zolang Rusland dit met een veto in de Veiligheidsraad kan tegenhouden.

Maar toch. Iets van de gedachte over een no-fly zone resoneert in de staakt-het-vuren overeenkomst tussen Rusland en Turkije van afgelopen donderdag. De positieve politieke betekenis van de interventie van Blok is dat Nederland met dit idee (afgezien van de beperkingen) eindelijk voor een meer actieve rol kiest. De vrijblijvendheid is voorbij. Daar kan Nederland in een later stadium als er echt geleverd moet worden nog wel eens aan worden herinnerd.

De ontwikkelingen van deze week zetten ook nog eens de schijnwerper op de groeiende migrantenaantallen aan de Griekse grens. Het manipuleren met vluchtelingen zoals president Erdogan deze week deed door hen vanuit Turkije het aan Griekenland grenzende niemandsland in te sturen tart alle vormen van beschaving. Maar dat neemt niet weg dat Erdogan dit kan doen omdat zijn land met bijna vier miljoen vluchtelingen zit. Turkije ondervindt dagelijks de gevolgen van de veel bepleite opvang in de regio.

Hem wordt nu verweten de in 2016 met de Europese Unie gemaakte migratiedeal te breken. Maar hoe staat het met de inspanningen op dit punt van Europa? De meest eenvoudige verplichting, het geleidelijk overmaken van zes miljard euro ten behoeve van de opvang van vluchtelingen in Turkije is ingelost. Maar met de toezegging van Europa om zelf ook vluchtelingen van Turkije over te nemen is nog maar heel weinig terecht gekomen.

De escalatie rond Idlib zorgde ervoor dat op diverse fronten weer zorgen werden geuit gecombineerd met even zovele oproepen tot een vergelijk te komen. Ze waren vooral een illustratie van de onmacht die alle verantwoordelijke partijen bij het Syrië-conflict nu al jaren in zijn greep houdt.