Kuchend Brabant moet binnenblijven – komt er een ‘kantelmoment’?

Covid-19 De bestrijding van het coronavirus bevindt zich in Nederland nog in de eerste fase. Wat gebeurt er als de situatie verslechtert? Tijd winnen is van belang, zeggen virologen. „Je wil niet in één klap zo veel patiënten dat de zorg het niet aankan.”

Verpleegkundigen en artsen maken een quarantainekamer klaar voor coronapatiënten. Ze prepareren een speekseltest om patiënten te testen op Covid-19.
Verpleegkundigen en artsen maken een quarantainekamer klaar voor coronapatiënten. Ze prepareren een speekseltest om patiënten te testen op Covid-19. Foto Robin Utrecht/ANP

Het aantal Nederlanders dat besmet is met Covid-19 nam de afgelopen dagen snel toe: van 38 op woensdag naar 188 op zaterdag. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) adviseerde inwoners van Noord-Brabant dit weekend om uit voorzorg thuis te blijven bij lichte griepverschijnselen. Is de bestrijding van het coronavirus in Nederland een nieuwe fase ingegaan? NRC sprak met twee virologen over de drie verschillende fasen van de virusbestrijding en welke maatregelen daarbij effectief kunnen zijn.

Fase 1: indammen

In deze eerste fase van de virusbestrijding is „alles erop gericht om te voorkomen dat het virus gaat circuleren onder de eigen bevolking”, zegt hoogleraar medische microbiologie Louis Kroes van de Universiteit Leiden. Het RIVM en de GGD’s zijn hiermee bezig sinds de eerste coronapatiënt in Nederland opdook, op 27 februari. Besmette patiënten worden in isolatie verpleegd in het ziekenhuis of zijn thuis, als ze mildere klachten hebben. De GGD doet onderzoek naar de contacten van de patiënten, die mogelijk ook besmet zijn en soms uit voorzorg thuis in quarantaine moeten.

Of Nederland dit beleid kan volhouden, hangt van twee belangrijke factoren af, zei minister Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD) donderdag in de Tweede Kamer. Als de GGD’s niet meer goed in staat zijn om al het contactonderzoek naar mogelijk besmette personen uit te voeren, kan er „een kantelmoment” komen, aldus Bruins. Afgelopen week bleek uit een rondgang van NRC al dat de druk op het personeel van de GGD’s groot is.

De tweede factor: de lijst met risicogebieden waaruit mensen terugkeren naar Nederland moet niet te lang worden. Op die lijst staan nu China, Zuid-Korea, Singapore, Iran en Noord-Italië. Als daar veel meer bestemmingen bij komen, raakt de route die het virus aflegt uit zicht.

Dat het aantal besmettingen de afgelopen dagen in Nederland snel opliep, verbaast en verontrust hoogleraar Kroes niet. „Dat zegt niks over de vraag of de aanpak werkt, maar heeft te maken met de incubatietijd van het virus. Het duurt even voor alle Nederlanders die de infectie op vakantie in Noord-Italië opliepen klachten krijgen en positief testen. Deze stijging hoort erbij.”

Belangrijker voor de eerste fase is dat de bron van alle besmettingen duidelijk blijft. Tot nu toe kon het RIVM bijna alle besmettingen linken aan Noord-Italië: de Nederlanders met Covid-19 waren daar óf zelf geweest, óf hadden nauw contact met andere mensen die daar waren. Voor een deel van de besmette mensen in Noord-Brabant geldt dat niet; bij hen is de bron van besmetting onbekend. Dat wijst erop dat het virus mogelijk al circuleert onder de Brabantse bevolking. Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding bij het RIVM, noemde dat vrijdag bij Nieuwsuur „verontrustend”. Het RIVM test dit weekend honderden ziekenhuismedewerkers in Noord-Brabant op het virus en riep Brabanders met lichte griep- of verkoudheidsklachten op om dit weekend uit voorzorg binnen te blijven. „Als er al verspreiding is, willen we er zo voor zorgen dat het virus zich niet verder verspreidt”, aldus Van Dissel.

De maatregel van het RIVM past nog altijd binnen de fase van indammen, zegt hoogleraar virologie Marion Koopmans van de Erasmus Universiteit Rotterdam. „Dit geeft het RIVM en de GGD meer tijd om te kijken of ze de bron van de besmettingen kunnen herleiden, of om te constateren dat er echt al lokale circulatie is.” Louis Kroes spreekt van „een opmerkelijke stap” van het RIVM. „Ze lijken nu te handelen vanuit de gedachte: kijken of alle beetjes helpen. Maar het is onzeker hoe effectief dit is.” Koopmans ziet ook veel laconieke reacties bij burgers. „Mensen denken al snel: huh, ik voel me best nog fit, waarom zou ik binnenblijven? Het is lastig om aan mensen uit te leggen dat ze dit niet moeten doen omdat ze zelf een groot risico lopen, maar omdat het kan helpen om de verspreiding in te dammen.”

Fase 2: vertragen

Het RIVM verwacht maandag of dinsdag meer te weten over de situatie in Noord-Brabant. Mocht het virus daar inderdaad onder de bevolking circuleren, „dan moet je meer drastische maatregelen nemen”, zegt hoogleraar Kroes. Omdat het bij circulatie onder de bevolking onmogelijk wordt om precies vast te stellen hoe mensen besmet zijn geraakt, is de beste tactiek volgens Kroes om te voorkomen dat mensen elkaar massaal opzoeken. „Mensen krijgen het virus van elkaar, dus als ze elkaar minder ontmoeten, is de kans op overdracht minder groot. In deze fase gaat de verspreiding van het virus door, maar kunnen we het wel vertragen.”

Maatregelen die daarbij kunnen helpen, zijn het afgelasten van bijvoorbeeld voetbalwedstrijden of het sluiten van scholen, zoals in Italië is gebeurd. Bij evenementen is het volgens hoogleraar Marion Koopmans mogelijk om per geval een afweging te maken. „Een golftoernooi waarbij mensen buiten op afstand van elkaar wandelen is wat anders dan een indoorfestival waar een stampende menigte boven op elkaar staat.”

In Roosendaal test een medewerker van een laboratorium een monster voor het coronavirus.

Foto Rob Engelaar/EPA

Wat ook meespeelt, zegt Koopmans, is waar de bezoekers van evenementen vandaan komen. Wat betekent dit voor bijvoorbeeld de marathon van Rotterdam (5 april) en het Eurovisie Songfestival (16 mei)? „Dat hangt echt van de situatie tegen die tijd af. Maar als je dan volop circulatie hebt van het virus in of rond Rotterdam, kan het zijn dat de burgemeester besluit om het niet te laten doorgaan .”

Het sluiten van scholen kan bij verspreiding onder de bevolking ook in beeld komen. Veel ouders zijn nu al heel bezorgd als er bij een leerling op een school van hun kinderen Covid-19 wordt vastgesteld. Kroes begrijpt dat, maar noemt het sluiten van scholen bij één of een paar besmettingen „niet nodig”. „Er vinden nu natuurlijk wel contactonderzoeken plaats. Op basis daarvan kan het nodig zijn om een bepaalde klas een tijdje thuis te houden.”

Hele wijken of gemeenten afsluiten, zoals in China en Italië is gebeurd, zal Nederland naar verwachting niet snel doen. Het RIVM zegt op de eigen website dat de overheid hier „in uiterste gevallen” voor kan kiezen, maar spreekt van „een zeer vergaande maatregel”. Sjaak de Gouw, directeur publieke gezondheid van de GGD, zei zaterdag tegen de NOS dat „de huidige draaiboeken niet voorzien in het afsluiten van gebieden”. Hoogleraar Koopmans zegt dat de situatie in China laat zien dat dit soort draconische maatregelen wel effectief kunnen zijn. „Door steden op slot te doen, zoals Wuhan, is het aantal gevallen in de rest van China beheersbaar gebleven.”

Je wil niet in één klap zo veel patiënten dat de zorg het niet aankan

Marion Koopmans, hoogleraar virologie

De tweede fase van vertraging is vooral belangrijk om tijd te winnen, zegt Koopmans: „Je wil niet in één klap zo veel patiënten dat de zorg het niet aankan. Daarom probeer je de infecties te spreiden over de tijd.” Tijd rekken is ook van belang om te zorgen dat de situatie beheersbaar blijft tot het warmer weer wordt, zegt Kroes. „Vanaf april zorgt de temperatuur en luchtvochtigheid ervoor dat virussen mensen minder snel kunnen infecteren. Ook zijn mensen vanaf het voorjaar meer buiten en zitten ze niet binnen boven op elkaar. Dat is voor het virus niet prettig.”

Fase 3: schade beperken

In de derde en laatste fase laten de overheid en het RIVM het idee los dat het virus nog onder controle te krijgen is. Er is dan sprake van „een grote uitbraak” in Nederland, zei minister Bruins donderdag in de Tweede Kamer. „Dan worden veel meer mensen ziek en ook ernstig ziek. We moeten dan maatregelen treffen om zo goed mogelijk om te gaan met de aanwezigheid van het virus.”

In de zorg kan een ongecontroleerde piek van het aantal patiënten leiden tot „een rampzalig scenario”, zegt hoogleraar Kroes. „Het systeem voorziet niet in het zorg verlenen aan heel grote aantallen zieke mensen in korte tijd. We hebben heel weinig reservecapaciteit, ook qua personeel. Dat kan leiden tot het overspoelen van intensive cares en grote schade aan de reguliere zorg.”

De overheid bereidt zich op zo’n scenario voor, zegt Marion Koopmans. „Hier zijn draaiboeken voor. Als je in de ziekenhuizen niet meer genoeg bedden hebt, kun je de zorg voor coronapatiënten concentreren in één of een aantal ziekenhuizen, of een calamiteitenhospitaal opzetten.”

In de ziekenhuizen zijn zo’n 250 bedden beschikbaar voor de isolatieverpleging van coronapatiënten. Van de 188 patiënten tot nu toe liggen of lagen er 24 in het ziekenhuis. De meeste mensen hebben nog milde klachten en kunnen thuis uitzieken. Marion Koopmans heeft goede hoop dat de derde fase Nederland bespaard blijft. „In China is het aantal besmettingen echt aan het afnemen.”