Brieven

Brieven

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Covid-19 ontwikkelt zich geleidelijk tot een pandemie. De Wereldgezondheidsorganisatie en nationale overheden dienen hun strategieën te herzien. Met SARS vers in het geheugen hebben ze, ter voorbereiding op dergelijke uitbraken, ingezet op snelle opsporing en het onder controle houden van de ziekte. De nadruk ligt op het opsporen en in quarantaine zetten van geïnfecteerden, reisbeperkingen en medische zorg die de ziekte onder controle moet houden. Helaas is de uitbraak van Covid-19 inmiddels zodanig wijdverspreid dat we kunnen spreken van een epidemie op wereldwijde schaal. We zijn in een nieuwe fase beland. Overheden moeten zich nu niet alleen richten op het bieden van zorg voor geïnfecteerden en het in goede banen leiden van de toenemende zorgvraag, maar dienen ook burgers aan te moedigen zich sociaal te distantiëren om nieuwe infecties te voorkomen. Dit staat op gespannen voet met individuele rechten, zoals het recht op bewegingsvrijheid. Ook creëert dit een economische last die het zwaarst zal vallen bij degenen met de minste middelen. Om mensen te motiveren mee te werken moeten beleidmakers ervoor zorgen dat mensen beschermd worden tegen het verlies van hun baan, inkomstenderving, en andere onevenredige lasten. Als mensen gevraagd wordt openbaar vervoer te mijden of niet naar hun werk te gaan, zullen overheid en werkgevers ze een prikkel moeten geven om thuis te blijven, middels een betaling of een compensatie voor verlies aan inkomen. Eén van de grootste uitdagingen is om ervoor te zorgen dat de lasten die deze ziekte met zich meebrengt niet onevenredig gedragen worden door mensen die kwetsbaar zijn vanwege hun economische of sociale status.


Temple University Beasley School of Law
Rijksuniversiteit Groningen