Profiel

Kalme ambtenaar met de bouw van een rugbyer

Pieter Hasekamp | Nieuwe directeur CPB Rustig, ervaren, analytisch, liefst actief achter de schermen. In zijn nieuwe functie zal Hasekamp vaker naar voren moeten treden.

André Rouvoet over Pieter Hasekamp: „Pieter is analytisch bijzonder scherp, maar wat secundair in het overdragen van zijn kennis.”
André Rouvoet over Pieter Hasekamp: „Pieter is analytisch bijzonder scherp, maar wat secundair in het overdragen van zijn kennis.” Foto Frank Ruiter

Haagse ambtenaren dienen er geen uitgesproken politieke opvattingen op na te houden, laat staan dat ze die uiten. Voormalige collega’s van topambtenaar Pieter Hasekamp weten dan ook niet waar hij op stemt.

Als scholier op het Stedelijk Gymnasium in Leiden (1977-1983) lag dat heel anders. Met toenmalig boezemvriend Stef Blok, nu voor de VVD minister van Buitenlandse Zaken, schreef Hasekamp een aantal jaren schoolkrant Socius vol.

Blok: „Op onze overwegend linkse school, met veel linnen tasjes en in klompjes gestoken geitenwollen sokken, zochten wij graag de discussie op.” Onder hun leiding gold de schoolkrant als veel te rechts. „Zo gingen we met z’n tweeën naar de antikernwapendemonstratie op het Museumplein [november 1981] en schreven daar een prikkelend, studentikoos verslag over”, vertelt Blok.

Na bijna twintig jaar als topambtenaar en een uitstapje naar de zorgverzekeraarslobby begon Pieter Hasekamp (54) deze week als directeur van het Centraal Planbureau (CPB). Hij beleefde dinsdag, op zijn tweede werkdag, zijn vuurdoop toen hij voor Haagse journalisten het jaarlijkse Centraal Economisch Plan toelichtte. Inhoudelijk ging hem dat gemakkelijk af. De gepromoveerde econoom heeft brede ervaring met overheidsfinanciën, belastingen, gezondheidszorg en arbeidsmarkt. Maar voor de media oogde hij nog wat onwennig. Vaker dan zijn voorganger Laura van Geest deed, gaf hij het woord aan CPB’ers die het Plan hadden geschreven. „Hebben we eigenlijk naar de OESO gekeken, jongens?”, reageerde hij op een vraag over het alarmerende OESO-rapport over de mondiale impact van het coronavirus.

Lees ook het interview met Van Geest: ‘Mensen laten zoveel achter op internet. Verzekeraars stappen in die bubbel’

Als baas van het CPB zal hij vaker naar voren moeten treden. Volgens vrienden en bekenden ligt die rol hem niet van nature. Hij heeft iets terughoudends, verlegens bijna. „Pieter hangt zijn inzichten niet snel aan de grote klok”, zegt Martin van Rijn, voor de PvdA staatssecretaris van Volksgezondheid in het vorige kabinet. „Hij opereert bij voorkeur achter de schermen.” Van Rijn was eerder directeur-generaal op hetzelfde departement en bereidde toen met Hasekamp het zorgstelsel voor dat in 2006 werd ingevoerd. Hasekamp was diens directeur zorgverzekeringen.

IJzig kalm

André Rouvoet, oud-voorzitter van branchevereniging Zorgverzekeraars Nederland (ZN) waar Hasekamp vanaf 2008 acht jaar directeur was: „Pieter is analytisch bijzonder scherp, maar wat secundair in het overdragen van zijn kennis.” Rouvoet beschrijft Hasekamps vergaderstijl. „Dan is hij vrij zwijgzaam. Hij laat vooral anderen hun ideeën spuien, kauwt daarop en komt aan het eind met een doorwrocht plan van aanpak.”

Minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) herkent die eigenschap en prijst Hasekamps koelbloedigheid. Als staatssecretaris van Financiën in Rutte II werkte hij nauw samen met Hasekamp, vanaf 2015 directeur-generaal fiscale zaken. „Er zijn wel eens verhitte momenten in de politiek, ook rond fiscaliteit. Zo hadden we veel discussie over de 5 miljard [de lastenverlichting in het Belastingplan 2016]. Dan blijft Pieter altijd ijzig kalm. Je ziet hem rustig met zijn stoel achteruit wippen om de tafel van wat grotere afstand te bekijken, en dan maakt hij een relativerende opmerking.”

Ik verheug me op zijn verstandige onderkoeldheid

Eric Wiebes minister van Economische Zaken

Het was Hans Wiegel, Rouvoets voorganger bij ZN, die Hasekamp in 2008 overhaalde om bij de lobbyclub te gaan werken. „Als we met de minister spraken in die tijd [VVD’er Hans Hoogervorst] ging het natuurlijk vaak en vooral over geld. Dan zag ik altijd één ambtenaar heel boos kijken. Maar wel pienter. Ik dacht: die moet ik hebben! Dat was Pieter Hasekamp.”

Hoewel niet het gezicht van ZN – dat is de voorzitter – leerde Hasekamp in die jaren al wel met de media omgaan. Hij gaf geregeld interviews, hield een blog bij en schoof aan bij kritische consumentenprogramma’s als Kassa. Het was leuk en leerzaam „om naar buiten te treden”, zei Hasekamp daarover in het tijdschrift voor topambtenaren ABD Blad.

De overstap van een groot departement naar de marktsector is evenzeer nuttig geweest voor Hasekamps kennis van het openbaar bestuur. „Hij heeft beide kanten van de Haagse lobby meegemaakt”, zegt Arco Timmermans, hoogleraar public affairs aan de Universiteit Leiden. De twee raakten bevriend toen ze begin jaren 90 beiden promotieonderzoek deden aan het European University Institute in Florence. Op verzoek van Timmermans schreef Hasekamp vorig jaar een bijdrage aan het wetenschappelijke boek Public affairs in maatschappelijk perspectief. Daarin betoogde hij dat het niet alleen onmogelijk is, maar ook onwenselijk dat een beleidsambtenaar zich opsluit in „zijn ivoren toren (of betonnen bunker) en alle contacten met de buitenwereld vermijdt”.

Streng toezicht op budgetten

Een kwestie van twee kanten bekijken is volgens Van Rijn kenmerkend voor de werkwijze van Hasekamp. Vormend daarbij is zijn overstap geweest, eind 2001, van Financiën naar Volksgezondheid. Van het ministerie dat begrotingsdiscipline predikt – Hasekamp maakte er vooral het lange regime van minister Gerrit Zalm (VVD) mee – naar het departement dat de meeste miljarden uitgeeft. Hij gaf daar onder meer leiding aan de sector zorg van de Inspectie Rijksfinanciën, die streng toeziet op de budgetten van departementen. Bij zijn afscheid van Financiën kreeg Hasekamp van zijn collega’s een dikke houten balk. Boodschap: na jarenlang geld te hebben bespaard, moest hij dat nu maar eens gaan uitgeven.

Mensen die hem goed kennen, geloven dat Hasekamp geschikt is voor zijn nieuwe rol als baas van het CPB. Hij paart inhoudelijke kennis en analytisch vermogen met overtuigingskracht. Hij heeft een zeker natuurlijk overwicht – geholpen door zijn imposante fysieke verschijning; hij heeft het lichaam van een stevige rugbyer – en straalt rust uit. Eric Wiebes gelooft daarbij ook dat Hasekamp zijn externe rol aankan, in de richting van kritische politiek en media. „Ik verheug me op zijn verstandige onderkoeldheid.”