Analyse

CDA en ChristenUnie zullen FVD niet uitsluiten

Politieke coalities Valt er met FVD of PVV samen te werken? Dat is een dilemma voor gevestigde partijen.

Leden van de Provinciale Staten in Noord-Brabant, onder wie FVD-fractievoorzitter Eric de Bie (staand).
Leden van de Provinciale Staten in Noord-Brabant, onder wie FVD-fractievoorzitter Eric de Bie (staand).

Samenwerking met een politieke tegenstander categorisch uitsluiten – daar kun je overheen groeien.

Tien jaar geleden leidde een petitie van Wouter Beekers tegen samenwerking met de PVV in het kabinet-Rutte I tot een heftig congres van het CDA, toen nog zijn partij. Nu is hij directeur van het wetenschappelijk instituut van de ChristenUnie en van mening veranderd. Over samenwerken met PVV en FVD zei hij vrijdag in NRC: „Het is niet goed als de landelijke partijtop een absoluut cordon sanitaire om zulke partijen legt.”

Inkapselen of buitensluiten, normaliseren of marginaliseren: het dilemma voor gevestigde partijen is nergens zo acuut als in Noord-Brabant. Daar maakten VVD, FVD en CDA deze week bekend aan een gezamenlijk college te werken, aangevuld met het kleine Lokaal Brabant.

Opnieuw is er intern verzet, vooral bij het CDA, al lijkt het vooralsnog geen gecoördineerd verzet. Een open brief van de voltallige CDA-afdeling Oisterwijk, met een oproep om de onderhandelingen met FVD te staken, is de meest breedgedragen actie tot nu toe.

Lees ook: Partij-ideoloog ChristenUnie: ‘Thierry Baudet schreef rake analyses’

De gemoederen sussen

Die brief vormt ook de basis van een petitie die sinds vrijdagochtend online staat. Binnen vijf uur had de petitie 2.200 ondertekenaars, maar dat zijn niet allemaal CDA’ers. De petitie werd in overleg met de fractievoorzitter van het CDA in Oisterwijk gestart op initiatief van De Goede Zaak, het maatschappelijk campagnebureau dat zich eerder hardmaakte voor de jonge Armeense asielzoekers Lili en Howick. Toen draaide het CDA onder druk alsnog.

Op Twitter roeren leden zich onder de hashtag #doehetniet. Een van de luidste stemmen is Dave Ensberg, oud-bestuurslid van het CDA in Brabant. Hij vindt dat de partij in Brabant een algemene ledenvergadering zou moeten uitroepen om de samenwerking met Forum voor Democratie te bediscussiëren.

Het provinciale CDA-bestuur is dat niet van plan en wil de gemoederen liever sussen door regionale bijeenkomsten met fractievoorzitters en afdelingsbesturen van het CDA in Brabant te organiseren.

Het alternatief? „Laat ze zo snel mogelijk regeren”, zo verwoordde CDA-prominent Piet-Hein Donner twee jaar geleden de visie van het andere CDA-kamp op samenwerking met nieuwkomers. Hoe sneller ze dat doen, hoe sneller ze afgaan.

Die uitspraak is emblematisch voor de houding van veel middenpartijen tegenover nieuwkomers als PVV en FVD in de afgelopen twintig jaar, zegt Sarah de Lange, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. En niet alleen in Nederland. „Met de opkomst van zulke partijen in Europa, begin deze eeuw, kwam ook het idee op dat ze zich wel aan de macht zouden branden. Door een tekort aan bekwame bewindslieden, door gebrekkige politieke behendigheid, door interne twisten.”

Dat gebeurde vaak ook – zie de afgang van de LPF en van de FPÖ in Oostenrijk. Maar in de afgelopen twintig jaar hebben de anti-establishmentpartijen ervaring opgedaan en bij elkaar afgekeken hoe ze zonder brokken toch kunnen meebesturen, zegt De Lange. „Ze hebben geleerd welke concessies ze kunnen doen, welke ministeries ze moeten bemachtigen, welke symbolische acties werken om ook als regeringspartij de kiezersgunst te behouden.”

Dat maakt de Donner-strategie riskanter dan vroeger. Tegelijkertijd zijn veel middenpartijen een eind in de richting van hun radicale uitdagers opgeschoven, ook al zijn ook die uitdagers op hun beurt weer verder verschoven op het spectrum.

Verschillen overbruggen

Inhoudelijk zijn de verschillen soms klein. Formeren draait altijd om verschillen overbruggen – hier een uitruil, daar een compromis. Dat geldt nog sterker voor de provinciepolitiek, waar de partijprogramma’s pragmatischer van aard zijn.

Lees ook over de formaties met FVD in 2019: Forum is flexibel en soms wispelturig

Volgens De Lange zit de twijfel dan ook vaker in andere factoren. Dat zie je goed bij Forum: „Inhoudelijk kunnen de programma’s dichtbij elkaar staan, de partij wordt ook gezien als onvoorspelbaar. Er is een grote kloof tussen het programma en publieke uitspraken. En het is onzeker hoever de provinciale afdelingen van de landelijke partij afstaan.”

Daarom zullen CDA of CU niet kiezen voor totale uitsluiting, zegt ze. „Het zou gek zijn als een partij als GroenLinks níét op een inhoudelijke barrière stuit bij Forum. Maar voor deze partijen ligt dat anders: zij kúnnen dat niet zo uitleggen. Dus beroepen ze zich op andere redenen.”

Dat was vrijdag terug te zien in de reactie van partijleider Gert-Jan Segers (ChristenUnie) op de uitspraken van zijn partijgenoot Beekers over samenwerken met een partij als Forum. „Je kunt altijd een bak koffie doen, je kunt altijd praten”, schreef Segers, die FVD niet principieel wil uitsluiten. Maar de publieke uitlatingen van partijleider Thierry Baudet maken samenwerking met FVD nu onmogelijk. „Als je uiteindelijk de afweging moet maken of je geloofwaardig met elkaar in een coalitie kunt stappen, dan denk ik van niet.”