Zelfde busdienst, lager loon

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week <naam soort recht: fiscaal recht, arbeidsrecht, Europees recht, vetgedrukt>.

Foto Getty Images

Reiner Grafe was 39 jaar als buschauffeur in dienst van SBN toen hij in augustus 2017 werd ontslagen omdat het vervoerbedrijf stopte met busdiensten op het platteland van Oberspreewald-Lausitz in Oost-Duitsland. Voortaan verzorgde busbedrijf OSL het openbaar vervoer. OSL nam de meeste werknemers van SBN over, maar niet de bussen, want die waren te oud. Ook Grafe stapte over, maar hij kreeg veel minder loon omdat OSL geen rekening wenste te houden met zijn lange arbeidsverleden.

Grafe vocht dat aan en de arbeidsrechter in Cottbus legde de kwestie voor aan het Europees Hof: kan Grafe volgens de Europese regels voor bescherming van werknemers bij overgang van activiteiten in andere handen aanspraak maken op behoud van loon?

OSL vindt van niet. Er zijn geen materiële activa (bussen) overgenomen, dus er is geen ‘overgang van onderneming’ geweest. Maar het Hof wees die redenering vorige week af als te simpel. Dat de bussen niet zijn overgegaan, is relevant, maar niet doorslaggevend. Beslissend is of „de identiteit van de betrokken economische eenheid behouden is”. Met dit richtsnoer moet de Duitse rechter nu de knoop doorhakken.

Uitspraak: ECLI:EU:C:2020:121