Reportage

Het dilemma over een anti-Joods reliëf: weghalen of juist niet?

Judensau-Skulptur Wat te doen met het middeleeuwse, antisemitische reliëf: verwijderen óf bewaren, ter herinnering aan een duister verleden?

Aan de buitenmuur van de Stadskerk in Wittenberg is het Judensau-reliëf te zien. Bij een zeug, onrein in het joodse geloof, hangen Joden met puntige hoed aan de tepels, terwijl een rabbijn de staart optilt om in de anus van het dier te kijken.
Aan de buitenmuur van de Stadskerk in Wittenberg is het Judensau-reliëf te zien. Bij een zeug, onrein in het joodse geloof, hangen Joden met puntige hoed aan de tepels, terwijl een rabbijn de staart optilt om in de anus van het dier te kijken. Foto’s Felipe Trüba/EPA

Als je het niet weet, loop je er zo aan voorbij. Dat neemt niet weg dat het een schandvlek voor zijn kerk is, zegt dominee Johannes Block. Aan de buitenmuur van de Stadskerk in Wittenberg, waar ooit de reformator Maarten Luther (1483-1546) preekte, is al zeven eeuwen lang op zo’n acht meter hoogte een uitgesproken anti-Joods reliëf te zien.

Het is een Judensau-Skulptur, ooit een bekend middeleeuws motief. Bij een zeug, onrein in het joodse geloof, hangen een paar Joden met puntige hoed aan de tepels, terwijl een rabbijn de staart optilt om in de anus van het dier te kijken. „Om goed zicht te hebben op de Talmoed” (een van de belangrijkste teksten van het jodendom), verklaarde Luther, op latere leeftijd een fervent Jodenhater.

Al jaren wordt gestreden over de vraag of het antisemitische reliëf niet verwijderd moet worden. De kerkgemeente is er tegen, gesteund door de stad. De discussie laaide onlangs op, omdat een rechtbank een Joodse klager die verwijdering eist ongelijk gaf.

Deze Michael Düllmann, die evangelische theologie studeerde en later tot het jodendom overging, heeft al hoger beroep aangekondigd. „De Judensau schendt de mensenrechten van mij en alle Joden”, zegt hij aan de telefoon. „Wij worden erdoor gedehumaniseerd, van onze waardigheid beroofd. De kerk moet kiezen of ze antisemitisme verkondigt of het evangelie.” Hij kijkt uit naar de volgende stap in de rechtsgang.

‘Beschamend erfstuk’

In zijn pastorie in de Jüdenstrasse, op een steenworp van de kerk, verzekert de evangelische (lutherse) dominee Block: „We zijn geen pleitbezorgers van dit beeldhouwwerk. Wij zijn de erfgenamen. Het is een beschamend, verschrikkelijk erfstuk. We zijn er niet gelukkig mee, maar moeten er zevenhonderd jaar nadat het gemaakt is verantwoord mee omgaan.

„Het is echt een dilemma, voor elk besluit is een tegenargument. Laat je het hangen dan zegt men: het is toch beledigend? Wil je het weghalen, is de tegenwerping: jullie willen je geschiedenis schoonwassen, je duistere verleden niet onder ogen zien.”

Vooral in Duitsland, maar ook in andere Europese landen, zijn er nog enkele tientallen van dergelijke reliëfs – onder meer in Regensburg, Neurenberg en zelfs in de Dom van Keulen. Vooral over de Judensau van Wittenberg woedt het debat. Misschien omdat het stenen reliëf zo goed geconserveerd is, waarschijnlijk ook omdat het gaat om de Stadskerk, die wordt beschouwd als de moederkerk van de reformatie (niet te verwarren met de Slotkerk, even verderop, waar Luther zijn 95 stellingen tegen de aflaathandel volgens de legende op de deur gespijkerd zou hebben). De Stadskerk is een toeristenmagneet vanwege zijn grote rol voor het Duitse protestantisme, én door de beroemde schilderijen van Cranach de Oude en de Jongere die er hangen.

Op een regenachtige februaridag is het stil in en rond de kerk. Om dicht bij het omstreden plastiek te komen moet je langs een grote, oranje puincontainer, bij de buren wordt verbouwd. In de hoogte, net onder de daklijst van de kerk, is het varken met de figuren er omheen goed zichtbaar.

Het reliëf hangt aan de buitenmuur van de Stadskerk, waar Maarten Luther ooit preekte.

Foto Felipe Trüba/EPA

In de jaren 80, ten tijde van de DDR, besloot men dat er iets moest veranderen. Aan de voet van de kerk kwam een zuil met historische context bij het reliëf. Er vlakbij een ceder, die symbool van vrede zou zijn. Een kunstenaar ontwierp in opdracht van de kerkenraad een ingetogen gedenkteken, in het plaveisel recht onder het reliëf: een vierkante plaat, die iets lijkt te bedekken dat niettemin in brons uit de naden naar boven borrelt.

Toenemend antisemitisme

Een kruis omsnijdt de gedenkplaat, eromheen een cryptische tekst die een verband legt tussen het reliëf, de Shoah en „de naam van God die onder een kruisteken stierf in 6 miljoen Joden”. Waarbij het woord ‘kruisteken’ kan verwijzen naar het christelijke kruis én het hakenkruis van de nazi’s.

„De smadelijke plastiek staat niet meer op zich”, weet dominee Block, „maar is onderdeel geworden van een gedenkplaats. Hier kwamen 27 januari nog 200 mensen bijeen voor de herdenkingsdag voor de Holocaust. Elk jaar gedenken we hier in november de Rijkspogromnacht van 1938. Het is paradoxaal: het is een kwaadaardig reliëf, én het spoort ons aan om de geschiedenis onder ogen te zien.”

Lees ook: Uitbannen is nooit gelukt

Nu in Duitsland weer sprake is van toenemend antisemitisme, klinkt steeds vaker de roep de plastiek weg te halen uit de openbare ruimte en onder te brengen in een museum. Dat laatste bepleit de regeringsadviseur voor antisemitisme, Felix Klein.

In Die Welt schreef de (Joodse) commentator Alan Posener dat veel christenen maar al te graag het antisemitisme en anti-judaïsme, zo lang met hun geloof verbonden, willen verdoezelen. „De geschiedenis moet zichtbaar blijven”, betoogt hij, ook tegen „politici die met gladde tong en goed geweten spreken over het ‘joods-christelijke erfgoed’ van Europa. De Judensau is een belediging voor iedere Jood, maar ook een slag in het gezicht van alle christenen.”

Dominee Block wil de gedenkplaats aan de voet van de kerk verder ontwikkelen. „De joods-christelijke dialoog boekte de voorbije dertig jaar veel vooruitgang. We willen ook die verzoening tonen. Een kunstenaar gaan we om een artistieke installatie vragen, die aan de gedenkplaats kan worden toegevoegd.”

Klager Michael Düllmann spreekt honend over „het zogenaamde gedenk-ensemble”. „Een schandaal. En de Stadskerk staat ook nog op de Unesco-lijst van Werelderfgoed. Veel andere kerken en gebouwen hebben hun Judensau allang verwijderd.”