Vijftien uur vast in een krappe meterkast

Wie: Anil, Bennie en Evert

Kwestie: Vrouw bestolen en in kast opgesloten

Waar: Rechtbank Zwolle

De Zitting

Om haar kat naar buiten te laten, doet Beppie (82) rond half acht ’s avonds de deur op een kier. Ze woont afgelegen, in de omgeving van Coevorden. Voor zich ziet ze een man met een bivakmuts, die de deur verder open duwt. Een andere man houdt iets bij haar wang dat knettert. Ze ziet lichtflitsen, maar voelt geen pijn. De man heeft per ongeluk zichzelf getaserd en wankelt terug, de bosjes in.

Beppie wordt door de man met de bivakmuts de gang ingeduwd en dan de meterkast in. De sleutel wordt omgedraaid en de vrouw zal vijftien uur in de koude meterkast doorbrengen, hij is te klein om comfortabel in te kunnen zitten.

Ze hoort meerdere mannen ongeveer een half uur in haar woning rondlopen. Dan vertrekken ze met haar handtas, drie gouden ringen, de accu van haar elektrische fiets en een zitmaaier, die ze op een aanhanger laden.

Dat ze nog leeft, is niet te danken aan de overvallers. Als ze de ochtend na de overval niet verschijnt op volksdansles gaan vriendinnen naar haar huis. Door te roepen weten ze contact met haar te leggen.

Opsporing Verzocht besteedt aandacht aan de beroving. Er komen meerdere tips binnen, vooral over de gele zitmaaier die her en der is gezien. Onder meer in het voortuintje van Bennie (44). Hij wordt aangehouden, evenals Evert (47) en Anil (20).

De verdachten hebben gemeen dat ze in min of meerdere mate verstandelijk beperkt zijn. Evert maakt tijdens de rechtszaak in Zwolle een versufte indruk. Komt door medicijnen die hij gebruikt „om te kunnen slapen”, legt hij uit als een van de rechters opmerkt dat uit zijn houding weinig interesse voor de zaak blijkt.

Hij en Bennie hebben beiden een lang strafblad en de kans dat hun gedrag nog kan worden gecorrigeerd, is volgens deskundigen klein. Bij de veel jongere Anil lijkt dat nog wel mogelijk, hij is niet eerder veroordeeld voor vergelijkbare feiten.

Ook het slachtoffer is naar de zitting gekomen. Ze maakt van haar jas een kussentje voor op de houten banken. Ze wil geen verklaring afleggen en claimt ook geen schade. „Er zijn meer goede dan slechte mensen”, laat ze de officier van justitie namens haar zeggen. En zij maakt „van elke dag een feestje”.

De drie mannen hebben bekend dat ze meededen aan de overval. Bennie en Evert hadden Beppie als makkelijk slachtoffer gespot toen ze twee weken eerder om oud ijzer vroegen bij haar huis.

Maar de officier merkt op dat ze in hun verklaringen proberen zo ver mogelijk bij de meterkast vandaan te blijven. Dat geeft volgens hem aan dat ze snappen hoe ernstig de vrijheidsberoving was.

Evert zegt dat hij de vrouw niet heeft opgesloten, want hij was even „in de bossies” gaan liggen toen hij zichzelf getaserd had. Bennie zegt dat hij aanvankelijk in de auto was gebleven. Dat hadden ze afgesproken. Omdat hij een zoontje heeft, moest hij zo min mogelijk risico lopen. Blijft over: Anil.

Volgens Beppie had de man die haar de kast induwde „bruine ogen en een atletisch voorkomen”. De voorzitter van de rechtbank zegt tegen Anil: „U hebt bruine ogen en u lijkt van de drie wel het meest atletische type.” Anil „weet het allemaal niet meer”. De „grote impact” van het gebeuren heeft zijn herinneringen vervaagd, zegt hij.

Wat de officier betreft is het: gelijke monniken, gelijke kappen. Hij eist tegen alle drie zeven jaar gevangenisstraf.

De rechtbank gelooft dat het Anil was die Beppie opsloot, maar houdt ook Bennie en Evert verantwoordelijk, al waren zij wellicht niet in de buurt toen het gebeurde. Van tevoren hadden ze de mogelijkheid besproken de vrouw te taseren. De verdachten hebben toen volgens de rechtbank het risico aanvaard dat een van de anderen „alternatieve handelingen” zou verrichten om onbelemmerd spullen te kunnen meenemen. Ook hebben ze niets ondernomen om de vrouw uit de kast te (laten) bevrijden, zoals een anoniem telefoontje naar een hulpdienst. De rechtbank vindt de overval „laf en verwerpelijk” en legt alle drie zes jaar celstraf op.