Reportage

‘Ook de Grieken kunnen de grenzen openen’

Lesbos Lesbos is boos. Van de steun voor vluchtelingen van een paar jaar geleden is weinig meer over.

Na een mislukte poging om de grens met Griekenland over te komen, lopen migranten terug Turkije in (boven).
Na een mislukte poging om de grens met Griekenland over te komen, lopen migranten terug Turkije in (boven). Foto’s TOLGA BOZOGLU/EPA en Sakis MITROLIDIS / AFP

Aan de haven van Mytilini staat een grote donkerblauwe politiebus. Griekse agenten kijken op hun telefoons, wachten als schoolkinderen op orders. De schilderachtige omgeving ten spijt is de hoofdstad van het eiland Lesbos maandag geen toeristisch oord maar, steeds zichtbaarder, de frontlinie van Europa. Sinds de Turken weer boten doorlaten gebeurt hier heel veel, heel snel. Inwoners van Lesbos zijn boos en bang. Sommigen willen migranten eigenhandig tegenhouden. ’s Ochtends is een kind overleden dat met familie de oversteek naar Griekenland had gewaagd.

„Ik snap heel goed dat mensen agressief worden en zelf in actie komen. We willen dat ons leven weer rustig wordt”, zegt een 47-jarige radio-dj die niet met naam (bekend bij de redactie) in de krant wil. Hij zit met zijn vriend op een terras, met koffie en sigaretten. „Lesbos was vroeger een fijn eiland. Als je in één huis honderd mensen van verschillende culturen plaatst, gaat het vroeg of laat mis.” De man noemt de premier van de vorige linkse regering, Alexis Tsipras, een „malakas”, een ‘rukker’, omdat hij de grenzen zou hebben opengezet voor vluchtelingen. Sinds maandag is hij blij met de nieuwe rechtse regering die op het vasteland vluchtelingen wegstuurt. „Onze nieuwe leider sluit illegale migranten tenminste op.”

Lees ook: EU en Turkije: hard tegen hard

Aan de grens met Turkije proberen duizenden mensen de Europese Unie binnen te komen. De Griekse premier Kyriakos Mitsotakis zei zondag een maand lang geen nieuwe asielaanvragen te accepteren. De UNHCR, vluchtelingentak van de Verenigde Naties, zei maandag dat dit niet mag: „Het is belangrijk dat de autoriteiten afzien van maatregelen die het lijden van kwetsbare mensen kunnen vergroten.”

Recht op een normaal leven

De 20-jarige techniekstudent Marianna Tampakopoulou poseert met een been over de ander voor het water – de zon glinstert in de Egeïsche Zee. „Mijn ouders bellen vaak om te vragen hoe het gaat.” Ze zien beelden van boze mannen die met stokken autoruiten inslaan. In het noorden van Lesbos is zondag een UNHCR-ontvangstplaats in brand gestoken. „Ik vind het niet de schuld van de vluchtelingen dat ze hiernaartoe komen, maar wij kunnen niets meer voor ze betekenen. De vluchtelingen én Grieken hebben beiden recht op een normaal leven.”

Dat gevoel wordt door de meeste mensen op het eiland gedeeld. Aanvankelijk was er veel steun. De man op het terras vertelt dat hij vluchtelingen naar het ziekenhuis reed, hun eten, kleding en geld gaf. „Omaatjes liepen met Tupperwarebakjes naar Moria”, herinnert de 54-jarige Katerina Kovaiou zich. Samen met haar man Nikos zet ze zich sinds 2015 in voor de nieuwe inwoners van haar eiland. Ze ontvangen vluchtelingen die een paar uur weg willen uit het kamp, voor een gratis diner in hun restaurant. Wegens de spanningen hebben ze dat drie dagen geleden gesloten. „We zijn bang dat onze hulpverleners of bezoekers worden aangevallen.” Ze snapt dat mensen boos zijn. „Ze denken: de EU geeft geld aan Turkije en wij zitten met de vluchtelingen opgescheept. Enkele duizenden kunnen ze accepteren, maar niet meer dan twintigduizend.”

Kovaiou gelooft niet in de nieuwe maatregelen van de regering. „Bij de verkiezingen beloofden ze ook dat ze de kampen zouden sluiten en vluchtelingen naar het vasteland zouden brengen. Daar is niks van terecht gekomen.” Dat verklaart ook waarom er nu veel woede heerst, zegt ze. „In theorie doen de autoriteiten van alles, maar in de praktijk valt het tegen.” Een deel van de inwoners van Lesbos wordt onder invloed van de extreem-rechtse politieke partij Gouden Dageraad steeds agressiever, zegt ze. Hulpverleners en journalisten kregen maandag te horen dat het beter is zoveel mogelijk binnen te blijven.

„Drie vrijwilligers vliegen woensdag daarom terug naar Nederland. Ik zit thuis soms te huilen over deze situatie. Zo veel conflicten, terwijl iedereen hetzelfde wil: de Grieken, de vluchtelingen én de hulpverleners willen dat de mensen door andere landen worden opgevangen.”

Ze wijst naar de zee. „Dit is niet de grens van Griekenland, maar van Europa.” Kovaiou vindt dat de onhoudbare situatie op het eiland een gevolg is van foute politici. „De migranten verlaten hun thuisland wegens slechte politici. De Europese politici zitten al jaren fout door Griekenland, een land dat herstelt van een economische crisis, als opslagplaats te gebruiken. En de Griekse politici laten dit allemaal maar toe.”

Ze hoopt dat andere Europese lidstaten snel in actie komen. „Want de grenzen opengooien zoals de Turken hebben gedaan, kunnen de Grieken natuurlijk ook.”