Recensie

Recensie Muziek

‘Tiaré Tahiti’ is waanzinnige volière van melodieën

Hedendaags Een concert met vijf stukken die alle vijf voltreffers waren (●●●●●). Naast vier composities van Claude Vivier zorgde de première van Reza Namavars ‘Tiaré Tahiti’ voor het hoogtepunt.

Asko|Schönberg
Asko|Schönberg Foto Ada Nieuwendijk Fotografie

Je moet als componist van goeden huize komen om in een concert met vier topstukken van Claude Vivier voor een hoogtepunt te zorgen. In de NTR ZaterdagMatinee ging het nieuwste werk van de Nederlandse componist Reza Namavar (39) in première, Tiaré Tahiti, vernoemd naar de nationale bloem van zijn favoriete eiland, en het maakte een geweldige indruk.

Oorspronkelijk zou Reinbert de Leeuw het concert dirigeren, maar wegens gezondheidsproblemen moest hij zich al voor zijn dood op 14 februari terugtrekken. Het concert was zaterdag aan hem opgedragen. Van de vele componisten die De Leeuw bewonderde en in ons land introduceerde behoorde Claude Vivier (1948-1983) tot de voornaamsten. Bas Wiegers nam zijn taak met verve over en leidde Asko|Schönberg en Slagwerk Den Haag in een vijfluik van voltreffers.

De geurige Polynesische bloem had Reza Namavars verbeelding in klinkende galop op hol doen slaan. Tiaré Tahiti begon als een turboversie van de storm uit Vivaldi’s Zomer, hortend, maar energiek en dreigend. Barokcontouren waren hoorbaar door de matglazen harmonieën. Namavar deelt Viviers belangstelling voor exotische kleuren en hij zette een vervormde ukelele in, vogelfluitjes, veelvormig resonant slagwerk. Sowieso suggereerde het werk verwantschap met Vivier: het obsessieve gehamer, de magie van het uitgesponnen elegische einde. Het mooist was een enorm crescendo, gedragen door omineuze bassen, waarboven een waanzinnige volière van melodieën losbarstte.

Lees meer over Marco Polo: Angstdromen van Claude Vivier werden realiteit

Van Vivier klonken twee vocale stukken uit zijn ‘opéra fleuve’ rondom Marco Polo. Oorverdovende, toonloze herrie onderstreepte de uitzichtloosheid in Wo bist du, Licht!, tot de krachtige mezzo van Barbara Kozelj opbloeide en het duister even verdreef. Sopraan Katrien Baerts maakte de schrijnende hartenkreet Lonely child met een prachtig versmeltend timbre invoelbaar.

Pulau Dewata etaleerde Viviers fascinatie voor Balinese gamelan, in een geslaagd arrangement voor slagwerkers en contrabas van Arnold Marinissen (Vivier liet de bezetting vrij). In de oriëntaalse fantasie Zipangu vonden de grimmigheid én de schoonheid hun ultieme uitdrukking. Enerzijds zwoele melodie met vette glijers, anderzijds vernietigende ruis: Wiegers’ dertien strijkers verhieven de worsteling tot een adembenemende luistertrip.