Brieven

Geluidsoverlast: verbied lawaaivoertuigen

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Na zijn verhelderende stuk tegen de SUV overtrof Bas van Putten zichzelf in het artikel Een fluisterstille porsche, dat is voor fans even wennen (20/2). Onder het mom van een artikel over de elektrische Porsche Taycan zet hij een drietal infantiele en meelijwekkende macho’s te kijk: „Waar iedere normale automobilist vooral rust zoekt, kan voor de Porsche-gemeenschap de motor niet hard genoeg brullen.” In een samenleving die gek is op ‘beleving’ daagt juist de opkomst van elektrische motorvoertuigen de ‘geluidsliefhebbers’ uit om onbeschaamd te verklaren dat het hun behalve om heel hard rijden, vooral om de herrie gaat.

Aan zo’n ‘geluidsobsessie’ lijden meer weggebruikers. Veel Harley-Davidson-rijders halen de geluiddemper van hun motor, om die te vervangen door een zogenaamde dragpipe.

Van Puttens Porsche-trio rijdt graag oerend hard, hoewel een ervan een enkele keer twijfelt. Hij reed in Duitsland ooit 305 km/uur en toen zat hij met het zweet in zijn handen: „We hebben nog wel wat verantwoordelijkheden naar vrouwen en kinderen.” Kleffe kleinburgers blijken ze dus ook nog. Want wel eens gedacht aan ‘verantwoordelijkheden naar medeweggebruikers’? Stel dat zo’n sneue man met tweehonderdvijftig kilometer per uur achter op je inrijdt omdat hij ‘even uit de concentratie raakt’?

Een steeds voller land met steeds vollere wegen zou lawaai- en fun-voertuigen moeten verbieden.