De wereld veranderde, Afghanistan bleef

Afghanistan Zaterdag sluiten de VS en hun bondgenoten een akkoord met de Taliban. Na jaren van buitenlandse interventie is het land nog steeds niet stabiel. Een terugblik op Afghanistan.

Een VS marinier rent weg van een ontploffing in Helmand waarbij twee van zijn collega's gedood werden, juli 2009.
Een VS marinier rent weg van een ontploffing in Helmand waarbij twee van zijn collega's gedood werden, juli 2009. Foto Manpreet Romana

In donkerblauw pak en babyblauwe das beklimt de president de kansel van National Cathedral in Washington. Hij verwoordt de rouw van de natie. Biedt troost aan nabestaanden. Huldigt heldendaden. George W. Bush oogt kalm en spreekt met vaste stem.

Het is vrijdagmiddag 14 september 2001. Drie dagen na de aanslagen in Washington en New York, waarbij 2.977 mensen omkwamen, hebben de VS, zegt hij nog geen afstand te hebben genomen tot de aanslagen. Maar het land weet al wel wat het te doen staat. „Ons antwoord op de moorden is duidelijk: deze aanvallen beantwoorden en de wereld bevrijden van het kwaad.”

De strijd tegen het kwaad laat niet lang op zich wachten. Op 7 oktober, het is al nacht in Afghanistan, bombarderen de VS een vliegveld in Kandahar. Het is de openingszet van wat zal uitdraaien op de langste oorlog die de VS ooit hebben gevoerd.

We zijn nu bijna twee decennia verder. De VS hebben volgens conservatieve schattingen bijna 1.000 miljard dollar uitgegeven. Er zijn 2.419 Amerikaanse soldaten omgekomen, 20.500 raakten gewond. In 18 jaar hebben 775.477 Amerikaanse soldaten op zijn minst één keer in Afghanistan gediend. Er kwamen 1.145 militairen om van NAVO-bondgenoten. Over Afghaanse slachtoffers circuleren alleen maar schattingen: 110.000 burgers en militairen, ruim 42.000 Taliban. Er stierven 424 hulpverleners en 67 journalisten. Bijna 157.000 doden in 18 jaar.

Operation Enduring Freedom (OEF) had één simpel doel: bevrijd het land van de streng islamitische Taliban en vernietig terreurbeweging Al-Qaida. Taliban-leider Mullah Mohammad Omar weigerde de aanstichter van de aanslagen, Osama bin Laden, uit te leveren. Omar woonde in een villa die door Bin Laden was betaald en ingericht.

Deze zaterdag sluiten supermacht VS en zijn bondgenoten mogelijk een akkoord met de Taliban in Doha. Er zijn maanden van besprekingen aan vooraf gegaan – het zou een tussenstap naar vrede kúnnen zijn en het begin van vergaande vermindering van buitenlandse troepen. Maar voorzichtig: de geschiedenis van de Afghaanse oorlog is er ook een van gefnuikte hoop op vrede.

Na de shock van de aanslagen in de VS moest de westerse krantenlezer de woordenschat snel aanvullen met ‘nieuwe’ plaatsen en begrippen: loya jirga, (beraad van stamoudsten) Pathanen (grootste etnische groep), Tora Bora (bergketen op de grens met Pakistan). Hij of zij moest onder ogen zien dat er een deel van de wereld was dat onbekend was en dat er een religie was die hij of zij min of meer veronachtzaamd had. Veel Amerikanen vroegen zich af: waarom zijn ze zó boos op ons?

In de loop der jaren verwerd Afghanistan tot liftmuziek bij het wereldnieuws. De wereld veranderde, Afghanistan bleef. Republikeinen en Democraten wisselden elkaar af in het Witte Huis. Rusland keerde terug op het wereldtoneel, China ontwaakte, Syrië veranderde in een chaos – en altijd was er op de achtergrond die oorlog in Afghanistan. De dood van Bin Laden in het Pakistaanse Abbottabad was in 2011 – ook alweer negen jaar geleden.

De oorlog zelf en de terugblik op de oorlog gingen naast elkaar bestaan. De wapens van het eerste uur hangen inmiddels in het museum. ‘Vietnam’ kreeg ooit Apocalypse Now, Afghanistan werd Homeland.


Bijna twintig jaar oorlog

Bijna twintig jaar oorlog. Is er iemand iets mee opgeschoten? En, waarom duurt het eigenlijk zo lang?

Voor Afghanistan, net iets kleiner dan Texas, is geweld geen uitzonderlijk verschijnsel. In de negentiende eeuw, in de tijd van het touwtrekken tussen de grootmachten, was het land een bufferzone tussen de invloedssferen van Rusland en het Britse rijk: het kwam tot drie oorlogen. In de tweede helft van de twintigste eeuw werd Afghanistan gemangeld in de geopolitieke strijd tussen Moskou en Washington. In 1979 viel de Sovjet-Unie binnen, de CIA steunde de opstandelingen, de moedjahedien.

Na de val van de Sovjet-Unie werd het land geteisterd door een burgeroorlog die gewonnen werd door de Taliban, religieuze fanaten die de vooruitgang wilden tegenhouden. Toen Talibanstrijders in 1996 Kabul innamen sleurden ze president Najibullah uit het kantoor van de Verenigde Naties en hingen hem op.

De 21ste eeuw begon met Bush’ oorlog. Het was een antwoord op 9/11, maar het touwtrekken met de Taliban om de uitlevering van Bin Laden was al eerder begonnen. Al-Qaida had aanslagen gepleegd op de Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania. De VS zetten daarop de Taliban onder druk met diplomatie, economische sancties en een aanval met kruisraketten. De Taliban bogen niet.

Desondanks zag niemand 9/11 aankomen. Laat staan dat de VS waren voorbereid op een oorlog in Afghanistan. Het Pentagon had geen uitgewerkte plannen. In eerste instantie, zou minister van Defensie Donald Rumsfeld later verklaren, werkten de Amerikanen met Britse stafkaarten.

Toch lijkt het allemaal snel te gaan. De Amerikaanse luchtmacht, de CIA en enkele honderden commando’s ondersteunen een Afghaanse anti-Taliban coalitie, de Noordelijke Alliantie. Deze trekt al na een paar weken Kaboel binnen. De aandacht verschuift vrijwel onmiddellijk van verovering naar stabilisering. De VN nemen de vorming van een overgangsregering op zich. In Bonn komen alle belangrijke Afghaanse partijen bijeen. De wereld maakt kennis met Hamid Karzai, die de leider van een overgangsregering wordt en later president.

Het Taliban-regime zakt ineen als Mullah Omar een paar dagen later uit Kandahar vlucht. En Bin Laden? Hij verschanst zich in de grotten bij Tora Bora. Na twee weken van hevige gevechten ontkomt hij te paard naar Pakistan.

De Amerikanen zijn te optimistisch – ook een constante in de oorlog. Al in het vroege voorjaar van 2002 moeten Amerikanen en Afghanen een gezamenlijk offensief beginnen tegen 800 strijders van Taliban en Al-Qaida. Maar de VS zijn in gedachten al verder. Er worden troepen gereserveerd voor een nieuw slagveld in de War on Terror: Irak. Tegelijk legt Bush de lat voor Afghanistan hoger. Het gaat niet meer om Bin Laden alleen, maar om wederopbouw in de traditie van de Marshall-hulp die West-Europa na WOII op de been hielp. Een stabiel Afghanistan is de beste remedie tegen terrorisme. Nation-building wordt het devies. Welvaart, scholing, vrouwenrechten en democratie gaan deel uitmaken van project-Afghanistan.


Internationale steun

Bush weet zich vanaf het eerste moment verzekerd van internationale steun. De NAVO verklaren dat de aanval op de VS een aanval op alle bondgenoten is onder artikel 5 van het NAVO-verdrag. Het is de eerste en enige keer dat het artikel wordt aangeroepen. De VN geven groen licht voor vredesmacht ISAF die in januari 2002 onder Brits commando van start gaat met militairen uit 18 landen. De vredesmacht komt vervolgens onder Turks en daarna onder Duits-|Nederlands commando.

Om de wederopbouw te organiseren richten de VS Provinciale Reconstructie Teams (PRT’s) op. Een PRT is een speciale militaire eenheid die assisteert bij civiele projecten en veiligheid biedt. Nederland leidde een PRT in Pol-e Khomri in het noorden en later een in Uruzgan. Er werden scholen en bruggen gebouwd, er kwam een bloedbank en training voor verloskundigen. Nederland maakte in de coalitie furore met de 3D-benadering. In fragiele staten, is de filosofie, kun je alleen iets bereiken als je veiligheid, diplomatie en ontwikkeling (defence, diplomacy, development) gelijktijdig en in onderlinge samenhang bedrijft.

Was steun voor de VS na 9/11 vanzelfsprekend, de Amerikaanse oorlog in Irak splijt in 2003 het NAVO-bondgenootschap: Frankrijk en Duitsland doen niet mee. De ruzie loopt hoog op. De NAVO heeft een „bijna-dood”-ervaring, zegt een Amerikaanse diplomaat. De gezamenlijke missie in Afghanistan wordt een manier om het conflict bij te leggen. Afghanistan had „grote politieke en diplomatieke voordelen voor de Atlantische relatie”, aldus Seth Johnston, majoor in het Amerikaanse leger, die onderzoek doet aan Harvard. De NAVO krijgt de leiding over ISAF en NAVO-landen blijven jarenlang in Afghanistan actief, maar het blijf een in hoofdzaak Amerikaanse operatie.

De coalitie krijgt Afghanistan niet onder controle. Als Barack Obama in 2009 Bush opvolgt is Al-Qaida zo goed als verdwenen uit Afghanistan, maar de Taliban hebben een comeback gemaakt. Obama gooit het roer om. Hij vervangt de anti-terreur-strijd met relatief weinig mensen door een grootschalige campagne waar tijdelijk 150.000 man aan deelnemen. Er gaat daarnaast veel geld naar een zwakke Afghaanse regering. Obama zegt al op voorhand wanneer hij de troepen weer terug wil halen. Ook zijn aanpak mislukt.

Donald Trump wil in 2017 zo snel mogelijk van de oorlog af, maar laat zich in eerste instantie nog overreden om te blijven. Toen hij vorig jaar begon te koersen op terugtrekking, kreeg hij steun van de door hem zo gesmade The New York Times. De VS zijn wel klaar met Afghanistan.

Afghanistan Papers

Waarom werd Afghanistan een ‘eindeloze’ oorlog? Die vraag zal experts nog jaren bezighouden, maar betrokkenen hebben jaren geleden al conclusies getrokken.

Eind vorig jaar publiceerde Washington Post-journalist Craig Whitlock de ‘Afghanistan Papers’, een verwijzing naar het roemruchte interne onderzoek naar de Vietnam-oorlog, de Pentagon Papers. De Afghanistan Papers bestaan uit de verslagen van 400 interviews die een overheidsdienst deed naar de ervaringen van militairen en diplomaten, aangevuld met 190 korte memo’s van Rumsfeld.

Whitlock liet zien dat de Amerikaanse overheid de oorlog stelselmatig te mooi voorstelde. Terwijl in verklaringen de nadruk lag op de vooruitgang, was men achter de schermen radeloos. Na zes maanden stelt Rumsfeld bijvoorbeeld dat het Pentagon eigenlijk niet weet wat het doet. Na jaren oorlog verklaren generaals dat ze Afghanistan nog steeds niet begrijpen. Ook als zich het bewijs opstapelt dat de oorlog niet te winnen is, geven generaals en diplomaten rooskleurige prognoses af.

De gesneefde waarheid kreeg veel aandacht. Maar de Afghanistan Papers zetten ook de redenen voor mislukking nog eens op een rij. In het kort: de oorlog werd slecht gepland, kreeg eerst te weinig middelen en later ineens te veel, en het schortte aan de uitvoering.

De VS waren te snel afgeleid. Door al snel middelen en mensen weg te halen kregen de Taliban de kans om te hergroeperen Terwijl de VS zich concentreerden op Irak vergaten ze ook Pakistan, waar de Taliban een onderkomen vonden én steun.

De multinationale aanpak leidde ook tot problemen. Landen namen gebieden onder hun hoede of namen een specifieke taak op zich („lead-nation”). Dat klinkt naar efficiënte arbeidsdeling, maar in de praktijk ging elk land zijn eigen gang, zonder veel coördinatie.

Ook was er te weinig expertise voorhanden. Eén generaal vertelde dat er in 2009 in de ISAF-staf maar één medewerker was die het lokale Dari machtig was. En na een paar maanden werd ook die overgeplaatst.

Geen exit-strategie

De VS alleen al geven 132 miljard dollar ontwikkelingshulp. Een deel van het geld wordt verspild of gestolen. Afghanistan heeft niet de capaciteit om veel geld goed te besteden.

En er was ook geen duidelijk omschreven einddoel. Wanneer is de klus geklaard? Wanneer ben je tevreden? Er was, kortom, geen exit-strategie.

‘Afghanistan’ staat inmiddels te boek als mislukt. Het land is niet stabiel. De Taliban hebben zich van aartsvijand opgewerkt tot gesprekspartner. Daar staat tegenover dat er geen aanslagen meer hebben plaatsgevonden in de VS. Er worden verkiezingen gehouden, maar een toonbeeld van democratie is het niet. Aan het overleg van de afgelopen maanden nam wel de Taliban deel, maar niet de Afghaanse regering.

Het land heeft ondanks aanhoudende gevechten een grote sprong in ontwikkeling gemaakt. De armoede daalde, het analfabetisme werd aangepakt. De positie van vrouwen en meisjes is in sommige delen van het land enorm verbeterd, maar de vraag is of dat zonder westers toezicht zo blijft. En dan nog: op een VN-ranglijst van de positie van vrouwen (Gender Development Index) staat Afghanistan op plaats 163 van de 164. De economie groeide en de infrastructuur is verbeterd, maar het land is nog voor 60 procent van zijn inkomen afhankelijk van buitenlandse hulp.

Nation-building is sinds Afghanistan in elk geval uit de mode. En het is de vraag of buitenlandse interventie überhaupt wel wijs is.

In de National Cathedral zei Bush dat de vijand een oorlog is begonnen, maar, zei hij, de VS zullen bepalen wanneer en onder welke voorwaarden die zal ophouden. Dat het ‘kwaad’ daarin nog een stem zou hebben was uiteraard niet de bedoeling.

De grafiek over de Amerikaanse troepen miste de eenheid bij de verticale as; dit is gecorrigeerd (1 maart 2020).