Bernie Sanders doet niet aan small talk

Amerikaanse verkiezingen Als hij president wordt, wil Bernie Sanders dezelfde strategie hanteren als toen hij in de jaren tachtig burgemeester was van Burlington, Vermont – maar dan „op iets grotere schaal”. Wat was zijn aanpak toen, en wat zegt dat over een eventuele president Sanders?

Sanders voert campagne in Californië voor zijn kandidatuur.
Sanders voert campagne in Californië voor zijn kandidatuur. Foto David McNew/Getty Images/AFP

Het moet 4 maart 1981 zijn als Sandy Baird het kantoor van Bernie Sanders in Burlington, Vermont, binnenloopt. Haar medestrijder in het sociaal activisme heeft de dag ervoor de Democratische burgemeester verslagen. Baird was niet op het uitslagenfeest. In de gang staat Sanders’ vertrouweling John Franco. „Goedemorgen, kameraad”, zegt hij grijnzend. „Je hebt de revolutie gemist.”

In Amerikaanse media heet de nu 78-jarige Democratische presidentskandidaat Bernie Sanders, zoon van Pools-Joodse immigranten, steevast liberal (progressief, in de vriendelijke versie) of communist (in conservatieve media). Zelf noemt hij zich een „democratic socialist” – wat veel Amerikanen de kriebels bezorgt. Hij heeft drie voorverkiezingen voor de Democratische kandidatuur gewonnen, verwacht wordt dat hij dinsdag ook zal zegevieren op Super Tuesday, als veertien staten tegelijk stemmen.

Er wordt druk gedebatteerd over Sanders’ veronderstelde radicale, compromisloze, voor gematigde kiezers mogelijke afschrikwekkende aanpak, over de vernietigende nederlaag die zijn eventuele kandidatuur de partij over de hele linie zal bezorgen en over de peilloze afgrond die hij in de overheidsbegroting zal slaan met zijn plannen voor, in de woorden van critici, ‘free stuff’.

Op dit moment is Sanders senator voor de staat Vermont. Niet namens de Democratische Partij, maar als partijloze. Hij is in zijn zeer lange leven als politicus negen jaar bestuurder geweest: van 1981 tot 1989 was hij burgemeester van Burlington, de grootste stad van Vermont.

In een interview zei hij dat hij als president van plan is zijn oude burgemeesterlijke strategie te volgen „on a somewhat larger scale”. Dus wat ligt meer voor de hand dan kijken naar burgemeester Sanders om te zien of we een glimp van president Sanders kunnen opvangen?

Omaha Beach, D-Day

In de jaren zestig en zeventig zag het wat slaperige Vermont ineens allemaal nieuwe inwoners verschijnen. Mensen die in communes gingen wonen, mensen die tegen de Vietnamoorlog demonstreerden, die hun eigen groenten teelden, die experimenteel wilden leven, zegt Baird in haar kantoortje voor rechtshulp. „Bernie was een van die nieuwkomers.”

Timmerman Erhard Mahnke was in die jaren de politiek goed zat. „Nixon, Watergate, de Vietnamoorlog.” Sanders was „een van de eerste authentieke politici” die hij zag. „Hij kwam op voor mensen die door politici van het midden werden genegeerd.” Jarenlang waren de Democraten aan de macht geweest in Burlington, vertelt Mahnke in muziekcafé Radio Bean, net buiten het centrum. „En toch zag je dat de straten in het oude noorden van de stad niet werden gerepareerd. Als het sneeuwde, werden de wegen dáár als laatste schoon geveegd. Het maakte het Democratisch etablissement niet uit; de mensen daar stemden toch niet op hen. Die stemden helemaal niet meer.”

Mahnke besloot Sanders te helpen bij diens campagne in 1981. Hij won met een verschil van tien stemmen. „Je komt nog altijd mensen tegen die zeggen: ík heb Bernie Sanders burgemeester gemaakt.”

Na de zege begon de strijd pas, zegt vertrouweling John Franco door de telefoon. „Het was Omaha Beach op D-Day. De Democraten waren erg chagrijnig over het verlies. De gemeenteraadsvergaderingen op maandag werden ‘Monday night fights’ genoemd.”

Raadsleden en ambtelijk apparaat werkten openlijk tegen. Mahnke herinnert zich een van de eerste initiatieven van Sanders: het herplanten van bomen langs het Lake Champlain die door de iepziekte waren geveld. „‘Doe ik niet’, zei het hoofd plantsoenendienst. ‘Mijn baas zegt dat ik iets anders moet doen’.” Sanders deed een beroep op de bevolking, die massaal kwam opdagen om bomen te planten.

Lees ook: Denkt een kandidaat straks nog aan ons, wil Allendale weten

„Alles wat wij voorstelden, ook als het een plan was dat Democraten normaal gesproken zouden steunen, was taboe – omdat wíj het voorstelden”, zegt Mahnke. „Dus zochten we steun bij de Republikeinen”, zegt Franco. „Zij konden goed met Sanders overweg omdat hij zo scherp op de begroting lette.”

David Thelander beaamt dat telefonisch. De advocaat werd raadslid voor de Republikeinse Partij in 1988, toen de Democratische politici zich nog altijd verzetten tegen de burgemeester, zelfs toen die inmiddels drie keer met grote meerderheden was herkozen. „Een Republikeinse collega en ik moesten steeds bemiddelen tussen de Democraten en de burgemeester.”

Thelander en Sanders verschilden van mening bij veel onderwerpen. „Maar alle partij-etiketten vallen weg als je problemen op straatniveau aanpakt. Dat Sanders zo verantwoordelijk met de gemeentebegroting omging, heeft hem grote steun bezorgd in Burlington, en later als senator voor Vermont. Je wordt hier echt niet gekozen als je in het wilde weg met geld smijt.”

Schraper

Econoom Bruce Seifer werd in 1983 door Sanders naar het stadhuis gehaald om een economisch ontwikkelingsfonds op te zetten. Dat was een van de omwegen die Sanders nam om de barricades van de Democraten te omzeilen, zegt Mahnke. De bondgenoten van de burgemeester noemden zichzelf „de Sanderista’s”, een knipoog naar de linkse Sandinisten die even eerder de macht in Nicaragua hadden gegrepen.

Op de begroting had Sanders – „een schraper”, zegt Mahnke – 200.000 dollar vrij kunnen maken. Met dat geld mocht Seifer het lokale bedrijfsleven steunen. „Toen ik kwam, trokken de bedrijven de stad uit”, zegt hij door de telefoon. Die 200.000 dollar investeerde het fonds in lokale bedrijven en in negentien jaar tijd is volgens Seifer zo’n 10 miljoen dollar gegenereerd. Zo kregen kwakkelende buurten een injectie, arbeiders voldoende loon – „we eisten dat deelnemers hun werknemers meer dan het minimumloon betaalden” – en werd het aantal belastingbetalers vergroot. „Kortom, hij probeerde het leven van arbeiders beter te maken.” En, zegt Seifer: „Bedrijven en gezinnen begonnen terug te keren.”

Timmerman Mahnke nam plaats in de planologische commissie, als eerste bondgenoot van Sanders daar. „Dit was een van de machtigste commissies van de stad. Hier werden alle besluiten over projectontwikkeling genomen, hier werd besloten over het bestemmingsplan.”

Dertig jaar na het vertrek van burgemeester Sanders zijn de gevolgen van zijn initiatieven nog te zien.

Met een paar honderdduizend dollar werd de Burlington Community Land Trust opgezet die grond in erfpacht uitgaf, zegt Mahnke. „Daarnaast zetten we een woningcorporatie op. Zo probeerden we grond en woningbouw uit de klauwen van speculanten te halen, zodat huizenprijzen en huren betaalbaar bleven. Huren stegen met de inflatie, Erfpachtwoningen mochten alleen voor een gecontroleerde prijs worden verkocht.”

Sanders was tegen, zegt Mahnke. „Zijn opvatting was: waarom zouden we armere mensen de kans ontzeggen hun financiële situatie te verbeteren door hun huis tegen de marktprijs te verkopen? Uiteindelijk konden we Bernie ervan overtuigen dat collectief gedeeld bezit beter was. Hij kan dus wél van mening veranderen, in tegenstelling tot wat zijn tegenstanders nu beweren.” Republikein Thelander beaamt dat: „Sanders kan goed luisteren. Hij is tot compromissen bereid mits het zijn agenda vooruit helpt.”

Lees ook: Sanders wint ruim in Nevada, Biden houdt campagne in leven

Bruce Seifer zette jongeren uit kansarme gezinnen, onder toezicht van de vakbond, in een bouwploeg. „De eerste bouwval die we uitkozen, stond aan een straat die naar de populairste middelbare school voerde. Zo zagen langslopende schoolkinderen hoe kansarme leeftijdsgenoten werkten aan het opknappen van de buurt. En die kansarme jongeren voelden zich trots over hun maatschappelijk waardevolle taak. Zoiets verandert de psychologie van de stad.”

Sanders’ oude medestrijders sommen meer initiatieven op: een woninginspectie, een duurzame elektriciteitscentrale („Het heeft dertig jaar geduurd”, zegt Seifer, „maar het is bij Bernie begonnen”), een gezondheidscentrum. Een omstreden renovatie van het aan het meer gelegen park, met ruimte voor hotels, ging door bewonersprotest, onder meer van Sandy Baird, niet door. Sanders haalde bakzeil en spande een procedure aan tegen de grondeigenaar om de wens van de bewoners – onbeperkte toegang – te vervullen.

Dertig jaar na het vertrek van burgemeester Sanders zijn de gevolgen van zijn initiatieven nog te zien. De woningcorporatie bezit nu 2.500 huurwoningen. Tal van bedrijven die begonnen met een investering van Seifers economische fonds bestaan nog: Lake Champlain Chocolates, Rhino Foods, een cruisebootmaatschappij. „Meer bedrijvigheid betekent meer inkomsten, betekent meer belastingen, betekent meer armslag voor nieuwe plannen”, zegt Seifer.

‘Ik moest maar weer eens gaan’

Komt een meisje van een jaar of negen naar de burgemeester en vraagt om een pretpark. „Goed idee”, vindt de burgemeester. Het is maart 1988, in het winkelcentrum van Burlington. Tussen 1986 en 1989 trok Sanders er regelmatig op uit met een cameraman. De 52 filmpje, destijds uitgezonden door een lokale zender, staan sinds kort online.

„Ik wéét wel dat het een goed idee is”, zegt het meisje, „maar gebeurt er ook iets mee?” Sanders ontlaadt het volle gewicht van zijn politieke dilemma’s boven haar negenjarige hoofd: „Het eerste dat we moeten doen, is zorgen dat we de grond in bezit krijgen. Dat is een lastige kwestie. Op dit moment bezit de gemeente niet veel grond in het centrum. De meeste grond is eigendom van de spoorwegen. Wat we nu proberen uit te vinden, is welke percelen we willen kopen en wat we ervoor moeten betalen. Dus er wordt aan gewerkt.” Het meisje knikt. „Ik moest maar weer eens gaan”, zegt ze.

De stoomwals van Sanders staat altijd ‘aan’, de politieke traktaten rollen als vanzelf uit zijn mond. „Hij heeft een menselijke kant, heus”, zegt Sandy Baird. „Maar hij is zo verdomde politiek. Hij doet niet aan small talk. Je zult hem niet over zijn gezin horen.” Sanders houdt „al veertig jaar dezelfde toespraak”, zegt Erhard Mahnke. „Ik geloof niet dat een van zijn principes sindsdien is veranderd”, zegt David Thelander.

Mahnke wijst op onderwerpen die Sanders door de jaren heen belangrijker is gaan vinden: milieu en rassenongelijkheid. Over dat laatste zegt Mahnke dat dit bij Sanders stoelt op „een klassenanalyse”, anders dan de identiteitspolitiek waar andere Democratische politici „zichzelf voor op de borst kloppen”. Zo kunnen rijke mensen zichzelf goed en ruimdenkend voelen, aldus Mahnke. „Maar dat politieke correcte geouwehoer verdeelt de arbeidersklasse alleen maar.”

Schoothondje van het grootkapitaal

Ziedaar de kloof tussen de Democraten en de onafhankelijke, maar dicht tegen de linkervleugel van de partij aan schurkende Sanders. De Democratische Partij is nog altijd in grote mate de partij van Bill Clinton, die als president tussen 1992 en 2000 de partij naar het grote bedrijfsleven stuurde. Dat gegeven gaf Sanders vleugels toen hij de gedoodverfde Democratische kandidaat van 2016, Hillary Clinton, uitdaagde. Hij schilderde haar af als een schoothondje van het grootkapitaal en deed dat zo effectief dat een flink deel van zijn aanhang niet op haar stemde bij de presidentsverkiezingen, waarna Trump won. Clinton neemt het hem nóg kwalijk, getuige haar uitspraken in een documentaire die deze maand uitkwam: „Niemand vindt hem aardig. Niemand wil met hem samenwerken.”

Het klopt dat Sanders in de Senaat moeite heeft om steun te krijgen voor zijn wetsvoorstellen; hij hangt onderaan de effectiviteitslijstjes. Zijn invloed moet hij vooral uitoefenen via amendementen op andermans voorstellen. De overige presidentskandidaten noemen Sanders’ plannen onrealistisch en bekritiseren zijn onduidelijkheid over hoe hij bijvoorbeeld door de overheid georganiseerde gratis gezondheidszorg of het kwijtschelden van studieschulden wil gaan bekostigen.

Bruce Seifer zegt: „In 2016 zette Bernie gratis collegegeld op de agenda. Sindsdien is dat ingevoerd in zes of zeven staten. Hij hamerde op de verhoging van het minimumloon, dat is in tal van staten verhoogd. De overheid is een tanker, die heeft een roer en een hulproer. Als je de steven wilt wenden, moet je eerst het hulproer omzetten en daarna pas het roer. Bernie Sanders is het hulproer van de politiek.” Zijn toenmalige rechterhand

John Franco zegt: „Twintig jaar Sanders heeft het centrum van het politieke debat naar links verplaatst.” Volgens Franco bevinden de plannen van presidentskandidaat Sanders zich „stevig binnen de grenzen van het mogelijke”.

Sandy Baird noemt Sanders een New Deal-Democraat, verwijzend naar president Franklin Delano Roosevelt, die het land met werkgelegenheidsprojecten uit de crisisjaren tilde. „FDR kon de Amerikanen verenigen”, zegt Baird. „Waarom zou Bernie dat niet kunnen?”

Sanders spreekt de arbeiders aan die bij de laatste verkiezingen op Trump hebben gestemd, zegt Bruce Seifer. David Thelander – „ik ben een Republikein, maar een Vermont-Republikein, een zeldzame diersoort” – zegt dat Sanders bereid moet zijn z’n plannen wat te verzachten, wil hij Trump verslaan. „Maar dat is precies wat hij als burgemeester deed.”