Groots wind-voor-waterstofplan is ‘nog verre van haalbaar’

Vier vragen over het megawindparkplan NortH2, een enorm windpark op zee, moet straks waterstof produceren. Volgens kenners is dit technisch nog niet realistisch.

Gasunie, Groningen Seaports en Shell willen in 2040 800.000 ton waterstof produceren met elektrolyse.
Gasunie, Groningen Seaports en Shell willen in 2040 800.000 ton waterstof produceren met elektrolyse. Foto Koen Suyk/ANP

Shell, Gasunie en het havenbedrijf Groningen Seaports willen in 2030 een zeer groot windpark aanleggen op de Noordzee: het NortH2-project. Dat wordt gekoppeld aan een enorme fabriek om waterstof te gaan maken. Dat maakten de drie bedrijven donderdag bekend.

1Wat willen Shell, Groningen Seaports en Gasunie precies?

Ze willen in de Noordzee een windpark aanleggen met een vermogen van 3 à 4 gigawatt (GW) in 2030. Dat zijn honderden windmolens. Het kabinet wil tussen 2023 en 2030 in totaal nog 7 GW aan nieuwe windparken op de Noordzee laten bouwen, dus het plan van de drie bedrijven zou een fors deel van die totale opgave beslaan.

Het windpark moet tot 2040 verder worden uitgebouwd naar 10 GW. De elektriciteit die de windmolens produceren wordt dan gebruikt om waterstof te produceren. Waterstofgas is een brandstof die aardgas kan vervangen, en die schoon geproduceerd kan worden uit water. Daarvoor wil het consortium, dat NortH2 is gedoopt, een enorme elektrolysefabriek bouwen. De provincie Groningen „wordt het Europees centrum van groene waterstofproductie”.


2Kan zo’n windpark aangelegd worden op de Noordzee?

Niet op de manier die de drie bedrijven voor zich zien. Volgens Shell is de bedoeling dat het windpark ten noorden van de Wadden wordt aangelegd, omdat dan gebruikgemaakt kan worden van gas- en stroominfrastructuur in het noorden van het land.

Het is de bedoeling om het windpark „zoveel mogelijk” binnen de bestaande kabinetsplannen aan te leggen. Dat kan echter niet. In 2018 heeft het kabinet een kaart getekend voor de uitbouw van windparken op zee tot 2030. Ten noorden van de Waddeneilanden is alleen ruimte aangewezen voor een kleiner windpark van 0,7 GW, niet van 3 à 4 GW.

„Daarom is het nodig om nu met de overheid het gesprek aan te gaan”, aldus een woordvoerder van Shell. Na 2030 zullen er nog wel veel windparken op de Noordzee bijkomen. Minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) noemt het NortH2-project in een reactie „een mooi voorbeeld van de noordelijke ambitie om voorop te lopen in de energietransitie.”

Overigens kan een bedrijf in Nederland niet zomaar een vergunning aanvragen voor een windpark op zee. Ieder nieuw park wordt aanbesteed na een competitie (‘tender’) waarop bedrijven kunnen inschrijven; het rijk beslist. Shell hield desgevraagd de mogelijkheid open dat de windmolens op het continentaal plat van andere landen komen, of dat het gebruikmaakt van al gebouwde windmolens in bijvoorbeeld het Duitse deel van de Noordzee.

3Hoe realistisch zijn de plannen technisch gesproken?

„Met de techniek van nu zijn de plannen verre van haalbaar”, zegt waterstofexpert Lennart van der Burg van onderzoeksinstituut TNO, dat zelf werk verricht voor het consortium. „We hebben deze schaal zeker nodig op termijn, en daarom is dit ook een goede ontwikkeling. Maar nu is het nog niet realistisch. Het is gigantisch.”

Gasunie, Groningen Seaports en Shell willen in 2040 800.000 ton waterstof produceren met elektrolyse. Daarbij wordt water gesplitst met elektriciteit, waarbij waterstof ontstaat. Volgens van der Burg is daarvoor alle stroom van het beoogde windpark nodig.

Bestaande ‘elektrolysers’ zijn nog veel te klein voor zulke bulkproductie, vertelt Van der Burg. „Fabrikanten maken die dingen nu nog grotendeels handmatig.” De grootste industriële elektrolysers die nu in aanbouw zijn, zijn ongeveer 10 megawatt. Daarvan zijn er 500 nodig om de hoeveelheden waterstof te produceren die de drie bedrijven voor zich zien. Een dergelijke fabriek zal miljarden kosten – de uiteindelijke kosten hangen af van toekomstige prijsdalingen.

Een elektrolysefabriek van die afmeting zou de helft van het huidige waterstofgebruik in de Nederlandse industrie kunnen vergroenen. Om waterstof een rol te geven in verdere verduurzaming – zoals meer fabrieken, vrachtwagens of huizen op waterstof – moet er dus nog veel meer waterstof gemaakt worden.

4Welke rol speelt de overheid in de ontwikkeling van dit megaproject?

Die is hier vergunningverlener, subsidieverstrekker en deels ook aandeelhouder: en dus doorslaggevend. In Europa zijn de afgelopen maanden meerdere miljardenprojecten op het gebied van waterstof gelanceerd met fabelachtige namen als White Dragon, Silver Frog en Rainbow Unhycorn. Ze hopen op publiek-private financiering via de Europese Unie, waarvoor de lidstaten het geld inbrengen. De woordvoerder van Shell noemt het plan desgevraagd „een ask aan andere partners en overheden om dit te gaan bouwen”.

Het Groningse project NortH2 ís bovendien deels een overheidsproject. Alle aandelen van het Groningse havenbedrijf zijn in handen van de provincie Groningen en de noordelijke gemeenten Delfzijl en Het Hogeland. Gasunie, dat het Nederlandse hoofdgasnet beheert, is een staatsbedrijf. De drie bedrijven willen een eerste haalbaarheidsstudie voor het einde van dit jaar afronden.