Opnieuw weet Ajax zich geen raad met het geslepen Getafe

Europa League De fortuinlijke zege (2-1) van Ajax was onvoldoende om tegen Getafe uitschakeling te voorkomen. Nieuwe Europese glorie is ver weg.

Getafe kwam door een doelpunt van Jaime Mata (rechts) vroeg in de wedstrijd op voorsprong in de Johan Cruijff Arena. Op de rug Ajax-aanvaller Ryan Babel.
Getafe kwam door een doelpunt van Jaime Mata (rechts) vroeg in de wedstrijd op voorsprong in de Johan Cruijff Arena. Op de rug Ajax-aanvaller Ryan Babel. Foto Olaf Kraak/ANP

Nog geen vijf minuten leek een comeback mogelijk. Totdat Getafe op 1-0 kwam en Ajax vier keer moest scoren tegen een team dat als geen ander de kunst verstaat om een wedstrijd lam te leggen. Dat lukte slechts twee keer: 2-1. Wat rest is de jacht op de landstitel en de KNVB-beker, nu zonder vermoeide benen van al die Europese duels.

Vooraf had Ajax-trainer Erik ten Hag de ijdele hoop dat zijn ploeg zou vliegen, voortgestuwd door de interactie met het publiek. Dat extra duwtje kon Ajax wel gebruiken tegen een elftal dat allesbehalve wilde vliegen. Zo bleek vorige week, toen Getafe Ajax sarrend en tijdrekkend met 2-0 versloeg, nabij Madrid.

Terwijl Ajax vooruit wil als een tgv, verkiezen de Spanjaarden de vaart van een boemeltje bergop. Ergerlijk voor Ajax, maar zolang het fenomeen zuivere speeltijd in het voetbal niet bestaat, staat het clubs vrij om een wedstrijd zo te ontregelen dat tegenstanders het veld afstappen met de lege blik van een automobilist in de file.

Donderdag was het niet anders. Toppunt was de hoekschop in de eerste helft die na lang weifelen werd getrapt door de speler die het verst van de hoekvlag vandaan stond. De Johan Cruijff Arena was des duivels, al durfde de scheidsrechter van deze week wel de nodige gele kaarten te trekken.

Tegelijk verstaat Getafe naast tijdrekken ook een andere kunst: counteren. Een kleine kans is genoeg en in de vijfde minuut was het raak. Lisandro Martínez kon de bal niet verwerken, waarna Jaime Mata de bal binnen prikte (0-1). Hij wist: Ajax is gezien.

Wat het strijdplan van Ten Hag ook mocht zijn, door de vroege treffer wachtte Ajax een bijna onmogelijke opgave: vier keer scoren, en dat zonder Hakim Ziyech, de koning van het middenveld, die Ajax zo hard nodig had gehad om de stugge defensie te kraken en alsnog de achtste finale van de Europa League te halen.

Door blessures schonk Ten Hag zijn vertrouwen aan nieuwkomer Danilo Pereira, een twintigjarige basisdebutant, die in de straten van São Paulo leerde voetballen met sinaasappels en alles waarmee hij ook maar kon scoren op een denkbeeldig doel van slippers, voordat hij via Santos bij Ajax belandde. Hij scoorde donderdag meteen, een intikker waarmee hij de hoop in het stadion terugbracht.

Meer dan zijn doelpunt zat er niet in. Pereiro wilde graag, maar kwam er niet doorheen en maakte in de rust alsnog plaats voor Quincy Promes, wiens doeltreffendheid Ajax van belang kon zijn. Zeker omdat de doelpunten momenteel niet van Ryan Babel komen, wiens terugkeer bij Ajax nog weinig hoogtepunten kent. Spits Dusan Tadic? „Tadic on fire”, zingen de fans voor elk duel, maar dit jaar lijkt de aanvaller vooral zoekende naar zijn topvorm.

Pijnlijk, maar overkomelijk

Er was veel wat Ajax miste tegen Getafe. Niet alleen spelers, maar ook enige hardheid. Vooraf nam directeur Edwin van der Sar het woord om de onlangs overleden Barry Hulshoff te memoreren, voormalig lid van het gouden Ajax van weleer. Had Ajax donderdag maar een Hulshoff gehad. Al was het maar om tegenstander af te schrikken met die woeste tronie.

Tussen 1969 en nu bereikte Ajax veertien keer de volgende ronde na een nederlaag in de heenwedstrijd, en al was het ditmaal een hels karwei, het kon in de tweede helft nog steeds, doordat Carel Eiting de bal met enig fortuin in het doel krulde.

2-1 was de stand op dat moment en met nog 25 minuten te gaan had Ajax nog steeds genoeg tijd om een pijnlijke aftocht in Europa te voorkomen. Want pijnlijk is het als je het ene jaar bijna in de Champions League-finale staat en het andere ten onder gaat in de eerste beste knock-outronde van de Europa League.

Pijnlijk, maar overkomelijk. Zo’n uitschakeling kan een Nederlandse club te allen tijde overkomen. Getafe is geen voetbaldwerg. Ajax mocht blij zijn dat de Spanjaarden twee keer de paal troffen, en niet het net. Dan was de strijd al na een uur verloren.

De kans is groot dat dit misschien wel het laatste Europese avondje was van spelers als Donny van de Beek en Tadic. Met het vertrek van Ziyech naar Chelsea zal het topelftal van vorig seizoen langzamerhand plaatsmaken voor een ander Ajax. Misschien wel dat van jongens als Ryan Gravenberch (17), Eiting (22) en Perr Schuurs (20), die nu al volop de kans krijgen om meters te maken.

Routinier Klaas-Jan Huntelaar werd aan het eind nog ingebracht voor het slotoffensief, maar zo bezien lijken zijn beste jaren nu dan echt voorbij. Hij oogde stram en symboliseerde zo ongewild de machteloosheid van Ajax.