Profiel

Priti Patel staat voor een keiharde aanpak

Priti Patel | Minister Binnenlandse Zaken (VK) Gebrek aan kansen? Onzin. Als dochter van immigranten, voert de Britse minister van Binnenlandse Zaken Patel een streng immigratiebeleid.

Priti Patel tijdens een conferentie van de Tories in Manchester afgelopen oktober. „De Noord-Londense kosmopolitische liberale elite hoeft deze dochter van migranten niet de les te lezen.”
Priti Patel tijdens een conferentie van de Tories in Manchester afgelopen oktober. „De Noord-Londense kosmopolitische liberale elite hoeft deze dochter van migranten niet de les te lezen.” Foto Neil Hall

Priti Patel houdt van law and order in het Verenigd Koninkrijk in 2020 zoals de sheriffs in het Amerikaanse Wilde Westen van de negentiende eeuw: spijkerhard en zonder genade. Terroristen zijn bij haar „lafaards zonder ruggengraat”. Criminelen worden gewaarschuwd: „Wij komen jullie achterna.” In 2011 had Patel, toen een beginnend Lagerhuislid, in een gesprek bij de BBC begrip voor herinvoering van de doodstraf om te voorkomen dat moordenaars en verkrachters recidiveerden.

Nu Patel minister van Binnenlandse Zaken is, zegt ze niet langer dat ze criminelen wil executeren. Wel wil ze dat ze bibberen van „de terreur” die hen wacht als ze de wet overtreden. De inbreker die met zijn koevoet voor de deur van een woonhuis staat, of de verkrachter die met een flesje GHB op zak een kroeg binnenstapt, moet worden afgeschrikt door de keiharde aanpak waar Patel, haar politie-agenten en de gevangenisbewaarders voor staan.

Lees ook: Boris Johnson zet Britse regering naar zijn hand

Patel is als politieke baas van de politie, de binnenlandse inlichtingendiensten, de migratieautoriteiten en terreurbestrijders een van de zichtbaarste ministers van de regering-Johnson. De belofte van Johnson om na de Brexit twintigduizend extra agenten op straat te krijgen? Patel mag het regelen. Het plan voor een migratiebeleid dat laaggeschoolde nieuwkomers uit de EU weert? Patel mocht het vorige week presenteren in het Britse parlement.

Hoe Patel over de maatschappij denkt, wordt duidelijk in Britannia Unchained, een boek dat ze in 2012 met vier partijgenoten schreef. Het begint met een anekdote over de 20-jarige Ashraf Rossli, een getalenteerde student die vanuit Maleisië naar Londen is verhuisd om accountant te worden. Tijdens de rellen in 2011 in Tottenham, niet toevallig de Noord-Londense wijk waar Patels vader in de jaren zeventig een krantenkiosk runde, wordt Ashraf in elkaar geslagen door Beau Isagba, een 17-jarige jongen die eerder is opgepakt voor mes- en drugsbezit. Een meisje filmt de mishandeling en de beelden gaan viral. „Deze gebeurtenis symboliseert de thema’s die we willen aankaarten. Ashraf vertegenwoordigt het beste van de nieuwe, ambitieuze, hardwerkende en opkomende wereld. Jammer genoeg, staat Beau Isagba voor het slechtste van het VK”, schrijven Patel en haar mede-auteurs.

Excuuscultuur

Het VK is de weg kwijt, vervolgen zij. Tenzij er een einde gemaakt wordt aan de „excuuscultuur” en de teloorgang van het Britse arbeidsethos, zal het bergafwaarts gaan, klinkt de waarschuwing. Wat nodig is: meer innovatie, minder belastingdruk en een minder comfortabel maatschappelijk vangnet. De geglobaliseerde wereld is hard. Om te overleven en concurreren kom je er niet met een verzorgingsstaat naar Europees model.

Zie hoe men in Zuid-Korea, Singapore en Hongkong wél bereid is te werken, verzuchten Patel en haar collega’s. „Als wij willen bloeien moeten wij leren van de wereld van Ashraf”, luidt de conclusie.

Patel schreef Britannia Unchained toen ze een onbekende backbencher was, samen met andere onbekende backbenchers. Nu oefenen vier van de vijf auteurs significante invloed uit op het regeringsbeleid en de toekomst van de Britse maatschappij. Dominic Raab is minister van Buitenlandse Zaken. Liz Truss is minister van Internationale Handel. Kwasi Kwarteng is staatssecretaris voor het Bedrijfsleven.

Toen Boris Johnson vorige zomer aantrad als premier, klonk de verwachting dat hij een pragmatische regering zou leiden zodra de Brexit geregeld was. Als centristische premier maakte hij volgens de geldende politieke logica de meeste kans meermalen herkozen te worden. Die redenering lijkt mank te gaan. De macht en positie van de 47-jarige Patel duiden erop dat Johnson denkt dat electoraal succes verzekerd is met een andere aanpak: een rechtse regering met ideologisch bevlogen bewindspersonen.

Als ze wordt beticht van hypocrisie en verraad trekt Priti Patel hooguit een wenkbrauw op

Dat Patel in zo’n regering een prominente rol heeft, is geen verrassing. Zij is al decennia een overtuigd euroscepticus en was halverwege de jaren negentig betrokken bij de Referendum Party, een beweging die toen een plebisciet over uittreding wilde. Ze heeft ervaring bij het grote bedrijfsleven, als lobbyist voor British American Tobacco en drankbedrijf Diageo. Als minister van Ontwikkelingssamenwerking in de regering van Theresa May was ze meer begaan met efficientieslagen en bezuinigingen dan met het uitgeven van het miljardenbudget dat Britse soft power bevordert. Bovendien ontsloeg premier May haar als minister in 2017. Tijdens een vakantie had Patel Israëlische politici ontmoet om politieke zaken te bespreken. Zelfs voor de zwakke May ging deze eigengereide diplomatie, die buiten de formele kanalen als de ambassade liep, te ver.

Voor de media was het ontslag puur theater. Patel was op dienstreis in Afrika toen het nieuws aan het licht kwam en May liet haar duizenden kilometers terugvliegen naar Londen om haar haar congé te geven. Journalisten berichtten nauwgezet over de voortgang van haar vlucht – „6.28 a.m., wheels up van Jomo Kenyatta International Airport in Nairobi”.

Maar voor politieke insiders was het relevanter wie Patel in contact had gebracht met de Israëlische politici. Dat was Stuart Polak, een succesvolle zakenman die jarenlang directeur was van de invloedrijke beweging Conservative Friends of Israel.

De werkrelatie met Polak was een bevestiging dat Patel goed ligt bij de rijke haviken die via donaties invloed hebben op de Tories. In het parlementaire register van financiële belangen meldt Patel dat zij donaties ontving van bekende conservatieve powerbrokers als bankier Peter Cruddas en topconsultant Jon Moynihan.

Lagerhuislid als verdienmodel

Patel heeft van haar functie als volksvertegenwoordiger een verdienmodel gemaakt. Jarenlang had ze haar echtgenoot in dienst als kantoormanager. Ze liet zich uitnodigen door een Saoedische zakenman voor de paardenraces van Ascot. Ze werd ook commissaris bij een Londense startup die software ontwikkelt voor het Indiase midden- en kleinbedrijf. In ruil kreeg ze ruim 13.000 pond (15.248 euro) en een aandelenpakket dat mogelijk lucratief is. Het bedrijf zint op een beursgang.

Bijklussen is niet tegen de Britse politieke mores, maar bij Patel rezen vragen over de schijn van belangenverstrengeling. Voordat Johnson haar in juli vorig jaar rehabiliteerde als minister, leverde ze advies, á raison van 5.000 pond per maand, voor Viasat, een Amerikaans telecombedrijf. Viasat dingt mee naar een contract ter waarde van 6 miljard pond voor de aanleg van Skynet 6, een nieuw communicatienetwerk voor de Britse krijgsmacht. De minister van Defensie is verantwoordelijk voor het contract, maar Patel praat wel mee in het kabinetsberaad.

Patel staakte haar werkzaamheden voor Viasat toen ze minister werd, maar de LibDems riepen haar op zich niet politiek te mengen in de discussie. Patel geeft daar geen gehoor aan en zegt dat haar nevenactiviteiten zijn goedgekeurd door de parlementaire toezichthouder.

De modus operandi van Patel is duidelijk. Ze etaleert dat ze er trots op is om rechts, invloedrijk, streng en welvarend te zijn, met een bestuurlijk netwerk van topniveau.

Lees ook: Laaggeschoold en slecht betaald? Dan kom je het VK niet zomaar binnen

Als gevolg hiervan is ze een mikpunt van kritiek. The Times berichtte dat zij een autoritaire baas is, die ruziet met de hoogste ambtenaar op haar departement. De krant meldde ook dat MI5, de binnenlandse inlichtingendienst, haar niet vertrouwt en informatie achterhoudt. De linkse pers is vernietigend. „Voor Boris Johnson kan Patel nooit te veel een Brexiteer zijn, te veel rechtse dogwhistles gebruiken of te dom of incompetent zijn. Dat zijn juist de kwaliteiten die hij het meest bewondert”, schreef John Crace deze week in zijn dagelijkse satire in The Guardian. De rechtse pers neemt het juist voor Patel op. De schermutselingen en strapatsen op haar departement zijn een vorm van racisme en seksisme, schrijft columnist Allison Pearson in The Daily Telegraph. Witte ambtenaren uit traditioneel elitaire kringen zien haar als een indringer, aldus Pearson. „Ik ben bang dat Sir Humphrey (de ambtenaar in tv-serie Yes Minister, red.) heeft besloten die kleine aanmatigende bruine vrouw niet langer te dulden op zijn leengoed”, sneert Pearson.

Patel lijkt niet onder de indruk te zijn van de kritiek. Als Labour en progressieve activisten, die volgens het conservatieve cliché allemaal in Noord-Londen wonen, haar betichten van hypocrisie en verraad, trekt ze hooguit een wenkbrauw op. Priti Patel heeft geen geduld voor verwijten dat uitgerekend zij, een kind van migranten, juist een streng migratiebeleid wil voeren en het maatschappelijk vangnet wil verkleinen, terwijl zijzelf van beide profiteerde. Kom bij haar niet aan met elegieën over racisme en gebrek aan kansen. Als een situatie je niet zint, moet je die zelf veranderen, is de les die zij uit haar familiegeschiedenis trekt.

Haar grootouders verhuisden van het Indiase Gujarat naar Oeganda, omdat ze daar kansen zagen, omdat ze daar middenstander konden worden. Haar ouders verkasten naar Hertfordshire, een paar jaar voordat de autocraat Idi Amin aan de macht kwam die in 1972 de Aziatische minderheidsbevolking uitzette.

„Ik zal jullie iets vertellen”, hield Patel het partijcongres van de Tories in Manchester afgelopen najaar voor. „De Noord-Londense kosmopolitische liberale elite hoeft deze dochter van migranten niet de les te lezen.”