Recensie

Recensie

Een ingenieur die alle problemen oploste

Stadsplannen Amsterdam Artis verplaatsen naar het Amsterdamse Bos, hoge bruggen over het IJ, ingenieur Perdijk zag het in de jaren 50 allemaal voor zich. Zijn plannen staan nu in een boekje.

„Men zou Amsterdam de stad der problemen kunnen noemen.” Dat schreef de gepensioneerde ingenieur Pieter Perdijk aan de gemeenteraad in 1952. Maar hij signaleerde niet alleen problemen, hij leverde ook de oplossingen. In een gestage stroom maakte hij grootschalige ontwerpen voor het autoverkeer en de spoorwegen, de locatie van grote gebouwen en hij ontwierp verschillende overbruggingen van het IJ. Een van zijn nazaten heeft onlangs deze plannen aan de vergetelheid onttrokken in een vermakelijk boek.

Portret van ingenieur Pieter Perdijk (1879-1963). Beeld uit besproken boek

Een van de opvallendste van deze in totaal 12 plannen van Perdijk was om een parkeergarage te bouwen in de koepels van het Centraal Station. Daar zouden 2.000 auto’s hun plaats kunnen vinden en zo zou het beginnende parkeerprobleem van de stad worden verlicht. Dat gebeurde niet, maar zoals de schrijver van het boekje opmerkt is er wel een busstation op die plek gekomen, zij het onder een nieuwe overkapping.

Perdijk stelde ook voor Artis naar het Amsterdamse Bos te verhuizen en ‘doorbraken’ te maken in het centrum om het verkeer beter te laten stromen. Dat betekende dat bepaalde straten verbreed zouden moeten worden, tot 30 meter.

De voorstellen van ‘raadgevend ingenieur’ Perdijk (1879-1963) waren financieel en technisch onderbouwd. Toch werden ze meestal terzijde geschoven. Hij gaf dan niet op, maar reageerde uitgebreid en met kracht van argumenten.

Voor het IJ ontwierp hij een hangbrug van 50 meter hoogte. Die kon volgens hem een alternatief vormen voor de IJtunnel die toen werd aangelegd. Het gemeentebestuur zag er niets in en bedankte hem hartelijk voor zijn belangstelling in de publieke zaak. De pogingen van Perdijk bleken niet meer dan een episode in het lange debat over een brug over het IJ. Perdijk hoopte maar dat Amsterdam door zijn inspanningen minder afwijzend tegenover een brug over het IJ zou staan.

In de pers kreeg Perdijk een welwillende, licht ironische behandeling

In de pers kreeg Perdijk een welwillende, zij het licht ironische behandeling. In een column in het Algemeen Handelsblad in 1960 werd hij „de laatste grote man van Amsterdam” genoemd. „Perdijk staat alleen, als een brug.” De Groene Amsterdammer schreef: „Hij is een stevig brok zout in de nu en dan wat flauwe democratische soep.” 

Volgens kleinzoon Peter Schukking, die het boek maakte, waren de plannen van zijn grootvader onorthodox maar ook praktisch. De stad had er in ieder geval behoorlijk anders uitgezien als de plannen van Perdijk waren gerealiseerd.

Peter Schukking, Amsterdams problemen en wat daaraan te doen, New Brave Books, 86 blz., € 30,90.

●●●●●