Ook in Oostenrijk blijft AZ weer ver onder de maat

Europa League Voor AZ rest alleen nog de Nederlandse competitie. Na de nederlaag (2-0) tegen LASK Linz zit ook het Europese bekerseizoen erop.

Rene Renner (links), speler van LASK Linz, wint een kopduel van AZ-middenvelder Dani de Wit.
Rene Renner (links), speler van LASK Linz, wint een kopduel van AZ-middenvelder Dani de Wit. Foto Christian Bruna/EPA

Voetballers die een vormcrisis doormaken, zijn vervuld van hoop. Hoop dat ze hun controle over de bal terugkrijgen en weer de oude worden. Eén overwinning, één prachtprestatie kan die ommekeer bewerkstelligen. Maar die hoop vervloog in Oostenrijk, waar AZ donderdag door een 2-0 nederlaag tamelijk onnodig door LASK Linz werd uitgeschakeld in de Europa League. Nu resteert de eredivisie, zondag te beginnen tegen Ajax.

Wat hapert toch aan AZ, de ploeg die in de eerste seizoenshelft zo vorstelijk voetbalde, PSV en Ajax versloeg en zelfs even de koppositie van de eredivisie met Ajax deelde? Alsof na de jaarwisseling alle brille uit het elftal is verdreven, zo minnetjes speelt AZ in 2020. Nederlagen tegen Willem II en FC Twente, maar vooral de uitschakeling in het KNVB-bekertoernooi door eerstedivisieclub NAC onderstrepen de wankelmoedigheid.

Het elftal kampt met blessures, dat hakt erin, zeker als de vaste krachten Ron Vlaar, Pantelis Hatzidiakos en Stijn Wuytens uit het hart van de verdediging wegvallen. Dan is de opbouw van achteruit niet meer goed verzorgd, concludeerde Jordy Clasie na videoanalyses. Maar de middenvelder was meer opgevallen, namelijk dat het de spelers ontbreekt aan lef. Kritiek die de spitsen Myron Boadu (19) en Calvin Stengs (21) zich mogen aantrekken. Zij zijn in 2020 geen schim van de lefgozers die zich vorig najaar brutaalweg in Oranje voetbalden.

Weerbarstige praktijk

Trainers die hun elftal zien zwalken, zijn eveneens vervuld van hoop. Alleen zal Arne Slot zijn twijfels over AZ niet blootgeven. De trainer spreekt voortdurend zijn vertrouwen uit in de ploeg en ziet altijd aanknopingspunten. In zijn geval de Europese wedstrijd tegen Royal Antwerp eerder dit seizoen, toen een 1-1 gelijkspel in de thuiswedstrijd in België met een 4-1 overwinning werd weggepoetst. „Dat heb ik de spelers voorgehouden”, sprak hij hoopvol in aanloop naar het duel met LASK Linz. De praktijk bleek in Oostenrijk weerbarstiger.

AZ liet zich kinderlijk eenvoudig wegzetten door een kwaliteitsarmere tegenstander. Maar LASK Linz heeft wel eigenschappen waaraan het AZ momenteel schromelijk ontbreekt: strijdlust en de onvoorwaardelijke wil om te winnen.

LASK Linz is een vechtmachine die de tegenstander opjaagt en ontregelt om vooral bij spelhervattingen toe te slaan. Net als vorige week scoorde de thuisclub via Marko Roguz na een verre ingooi van de Australiër James Holland. Dat betekende 2-0, nadat diezelfde Roguz uit een strafschop al de 1-0 had gemaakt.

Die strafschop was zowel onnodig als exemplarisch voor AZ anno 2020. Een foutieve pass van aanvoerder Teun Koopmeiners werd door Oussame Idrissi te klunzig in het strafschopgebied gerepareerd. En zo ging het voortdurend.

AZ ontworstelde zich maar niet aan de wurggreep van LASK Linz en eenmaal bevrijd van een lastige horzel ontbrak het de spelers aan gogme, rust, overzicht en verfijning om genadeloos toe te slaan.

Met name de spitsen Idrissi, Boadu en Stengs verdronken in een put van ellende. Zij tructen op verkeerde momenten, verloren onnodig duels, waren te onzorgvuldig met hun eindpass en in de afwerking. Maar waar het hen vooral aan ontbrak: gif, heel veel gif.