Advocaat: OM houdt cruciale informatie over kroongetuige achter

Marengo-proces Het OM heeft een verklaring van kroongetuige Nabil B. onvolledig weergegeven, zegt advocaat Nico Meijering. Zo wordt volgens hem verzwegen dat B. allang in het criminele milieu zat.

Zware bewaking bij het Marengo-proces in ‘de bunker’, donderdag in Amsterdam.
Zware bewaking bij het Marengo-proces in ‘de bunker’, donderdag in Amsterdam. Foto Bart Maat/EPA

Het Openbaar Ministerie heeft bewust een deel van de verklaring van kroongetuige Nabil B. achter gehouden. Dat zegt advocaat Nico Meijering van een van de verdachten in het Marengo-proces. In dat weggelaten deel zou duidelijk worden dat B. betrokken was bij een schietpartij op een woonwagenkamp.

De schietpartij is recentelijk besproken tijdens een verhoor van Nabil B. bij de onderzoeksrechter. “Ik had een revolver op zak en er is iemand in zijn been geraakt”, aldus een recente verklaring van de kroongetuige. Het OM wil niet veel over de schietpartij kwijt omdat er nog onderzoek naar wordt gedaan door de recherche.

De verklaringen van Nabil B. zijn een essentieel deel van het onderzoek Marengo naar een serie liquidaties in de onderwereld die volgens justitie zijn gepleegd in opdracht van hoofdverdachte Ridouan Taghi.

Volgens advocaat Nico Meijering, die verdachte Mohammed Razzouki verdedigt, is dit niet het enige strafbare feit waarbij B. mogelijk betrokken is geweest maar waarvoor hij niet wordt vervolgd. Meijering vindt deze feiten van belang omdat B. heeft verklaard dat hij door Taghi en de gebroeders Razzouki betrokken is geraakt bij zwaar geweld en liquidaties. Zijn rol bij de schietpartij laat volgens de advocaat zien dat dit niet klopt. Hij vindt het opmerkelijk dat deze kwestie nu pas wordt onderzocht, zo zei hij donderdag tijdens een inleidende zitting van het Marengo-proces. Vandaag maakte Meijering bekend dat hij met kantoorgenoot Christian Flokstra ook Saïd Razzouki gaat bijstaan. De oudere broer van Mohammed is onlangs aangehouden in Colombia.

Lees ook over de rol van Taghi in twee grote processen

‘Akkefietje’

Nabil B. had in het Utrechtse milieu veel contact met Mohammed Razzouki. In de verklaringen die Nabil B. heeft afgelegd voordat hij zijn kroongetuigendeal sloot, is ook gesproken over de schietpartij op het kamp, stelt Meijering. “Een akkefietje met een kamp. Dat heb ik jullie al een keer verteld. Staat ook op tape.”

Volgens Meijering blijkt uit de context van het verhoor dat het gaat om een schietpartij in 2010 waarbij iemand in zijn been is geschoten. Uit het verslag van het verhoor blijkt dat na deze passage iets is weggelaten.

Die weglatingen hebben volgens het OM betrekking op de veiligheid van betrokken personen of onderzoeksmethoden van de politie en gaan niet over inhoudelijk relevante passages over de kroongetuige of strafbare feiten van anderen.

Volgens zijn cliënt M. Razzouki is B. een leugenaar die anderen beschuldigt om zelf buiten schot te blijven. Of dat klopt wil Meijering controleren door de kroongetuige te confronteren met mogelijk strafbare handelingen uit het verleden.

Oplichting, ontvoering en drugs

Nabil B. zou betrokken zijn geweest bij oplichting, ontvoering van zijn vader, geweldsdelicten en drugshandel. De vraag is nu of B. zich mag verschonen als het om deze zaken gaat. Volgens het OM is de kroongetuige verplicht om te verklaren over de strafbare feiten in de deal die hij heeft gesloten met de overheid. “De kroongetuige kan op grond van die afspraak niet worden verplicht zichzelf te belasten over strafbare feiten die niet zijn opgenomen in de deal”, aldus de officier van justitie donderdagochtend.

Meijering en zijn collega-advocaten zijn het daar niet mee eens. Zij vinden dat ze de kroongetuige ook over andere zaken vragen moeten kunnen stellen om zijn betrouwbaarheid te toetsen.

De rechtbank zal over de reikwijdte van de vragen aan de kroongetuige een beslissing moeten nemen. Daarvoor is van belang waarom de verklaring van Nabil B. over de schietpartij in 2010 is weggelaten. Die is immers afgelegd voordat de deal is gesloten. Meijering heeft de rechtbank voorgehouden dat de kroongetuige dit niet wilde vanwege de mogelijke straf voor een dergelijke schietpartij. Woorden van die strekking heeft B. uitgesproken bij zijn politieverhoor.

In het Passage-onderzoek naar onderwereldmoorden aan het begin van deze eeuw heeft het Openbaar Ministerie ook delen van verklaringen van een kroongetuige weggelaten. Het ging toen over de betrokkenheid van Willem Holleeder bij bepaalde moorden. Het weglaten, met als motief dat kroongetuige Peter la Serpe vreesde voor zijn veiligheid, heeft grote gevolgen gehad in het voordeel van een van de verdachten die toen ook werd bijgestaan door Meijering.

Lees ook: Dit zijn de nieuwe cocaïnebaronnen van Nederland