Reportage

Skischaamte op 20 kilometer van Syrië

Wintersport In Libanon duurt het ski-seizoen van eind december tot half april. Vanaf de pistes kun je de Middellandse Zee zien liggen.

Foto Wael Hamzeh/EPA

Over Libanon doen veel clichés de ronde. In het Westen gaan die meestal over een oorlog die al dertig jaar afgelopen is. In de regio is er het cliché dat je in Libanon in de ochtend kan skiën en in de namiddag op het strand liggen.

Dat klopt: op een heldere dag kan je de Middellandse Zee zien liggen van op de skipistes. Maar de laatste maanden is een andere slogan toepasselijker: Libanon, waar je ’s ochtends kan skiën en ’s avonds revolutie voeren.

Want toen in december het protest tegen de politieke klasse soms gewelddadig werd, hadden veel Libanezen het goede idee om hun skihelmen en -brillen te gebruiken om zich te beschermen tegen het traangas en de rondvliegende projectielen.

Dat je er kan skiën, is een van de zaken die van Libanon een leuk land maken om te wonen, ondanks al zijn problemen. Dat veel mensen geen idee hebben dat hier überhaupt kan worden geskied, geeft het nog een extra cachet.

Libanon heeft zes skidomeinen. Een aantal zijn privé: het zijn ‘gated communities’ met een eigen skidomein. Het hoogste (2.850 meter) en het enige met een zwarte piste is Les Cèdres, zo genoemd naar een cederbos vlakbij. Les Cèdres kan bogen op de oudste skilift van het Midden-Oosten. Hij wordt uitgebaat door het Libanese leger en alleen soldaten van de skibrigade mogen hem gebruiken.

Les Cèdres ligt net te ver van Beiroet voor een dagtrip en krijgt daarom niet zoveel bezoekers. De meeste skiërs trekken naar Mzaar, op een uurtje rijden van Beiroet. Mzaar is drie onderling verbonden skidomeinen: Mzaar, Warde en Refuge. Het laatste is voor de gasten van het Intercontinental-hotel dat uitkijkt op de pistes.

80 kilometer piste

Mzaar is natuurlijk niet te vergelijken met de gigantische, grensoverschrijdende skigebieden in de Alpen. Maar met 20 skiliften, 42 afdalingen en 80 kilometer piste is het net uitdagend genoeg voor een goede skiër.

Zie ook deze video van de skipistes in Libanon

In tegenstelling tot sommige plekken in Europa is er in Libanon dit jaar geen gebrek aan sneeuw. Het heeft zelfs op 800 meter hoogte gesneeuwd. Maar het klimaat is wel wispelturig. In 2014 viel er zo weinig sneeuw dat de pistes slechts één weekend open waren. In een goed jaar duurt het skiseizoen van eind december tot half april.

De meeste skiërs in Libanon trekken naar Mzaar, op een uurtje rijden van Beiroet. Foto Bilal Hussein/AP

Maar de ski-industrie in Libanon kent andere uitdagingen. Door de zware economische crisis – de aanleiding voor de revolutie die in oktober losbarstte – is Warde dit jaar niet opengegaan. Omdat er te weinig skiërs zijn, zegt de directie. Daardoor is het nu wat drukker op de pistes die wel open zijn. Maar files zoals in de Alpen, heb je er nooit.

Libanon lijdt ook onder de onrust in de regio. In Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten is om politieke redenen al jaren een reisverbod voor Libanon van kracht waardoor de rijke Golfarabieren niet meer komen. Skiën in Libanon is daarom vooral een lokale industrie geworden, en dat heeft zo zijn gevolgen voor het economisch model erachter.

Wanneer Nederlanders gaan skiën, reserveren ze meestal maanden op voorhand trein, vliegtuig, hotel of chalet. Dat kost per gezin gemiddeld vierduizend euro. In Libanon heb je die pre-investering niet. Hier kijk je ’s ochtends uit het raam en als de besneeuwde bergen in het zonlicht baden, ga je skiën.

Met zo’n wispelturig publiek is het niet evident om uit de kosten te geraken. Het tijdschrift Le Commerce du Levant berekende in 2018 dat enkel Mzaar geld verdient aan het skiën alleen. De overige skidomeinen zijn in essentie vastgoedoperaties die het moeten hebben van de verkoop van chalets.

Daar is veel geld mee verdiend. Het terrein voor de Faqra-club bijvoorbeeld werd in 1974 aangekocht tegen 50 dollar (45 euro) per vierkante meter; wie daar vandaag een chalet wil kopen, betaalt 1.000 tot 1.300 dollar per vierkante meter. De Zaarour-club werd ook in 1974 aangekocht voor 1 dollar per vierkante meter; de chalets rond een kunstmatig aangelegd meertje gaan daar nu voor 2.500 tot 3.200 dollar per vierkante meter.

Is skiën in Libanon elitair? Ja, dat is skiën natuurlijk altijd wel een beetje. Bij de aanvang van het seizoen zie je veel rijke mensen in dure skipakken. Die drinken graag champagne en eten oesters op het terras van het Intercontinental-hotel.

Maar na een paar weken is de nieuwigheid ervan af en zie je vooral toegewijde skiërs. Veel Libanezen die nu dertigers of veertigers zijn, hebben leren skiën tijdens de burgeroorlog. De bergen waar de skidomeinen liggen, waren meestal veilig gebied, en terwijl papa in Beiroet ging werken, gingen de kinderen skiën.

Bankencrisis

Natuurlijk is skiën niet voor iedereen weggelegd. De prijzen zijn door het sluiten van Warde iets goedkoper dit jaar. Een dagpas voor Mzaar kost nu 19 dollar tijdens de week en 30 dollar in het weekend. Maar door de bankencrisis – mensen kunnen slechts mondjesmaat bij hun spaargeld – is het voor veel mensen niet evident om zelfs dat op te hoesten. De gesprekken in de skilift gaan dit jaar vaak over de revolutie en de woede over de politieke klasse die het land om zeep heeft geholpen.

Wat je wel hebt is een zekere skischaamte, en niet over het milieu. Syrië ligt hemelsbreed 20 kilometer van Mzaar. Dat daar al acht jaar een oorlog woedt is op zich geen reden om niet te gaan skiën in Libanon. Maar de blijdschap over de eerste sneeuw wordt wel getemperd door de wetenschap dat de Syrische vluchtelingen in de Bekaavallei weer een vreselijke tijd gaan hebben. Tenten storten in onder het gewicht van de sneeuw, en mensen verwarmen zich met toxische materialen omdat zij zich geen hout of mazout kunnen veroor- loven.

Die schaamte kun je afkopen door bijvoorbeeld kleren te doneren of een overschrijving te doen naar een organisatie die zich inzet voor de vluchtelingen.