Techstudenten weten: dat salaris, dat komt sowieso wel goed

Techstudenten Studenten Artificiële Intelligentie of Data Science zijn gewilde arbeidskrachten. Hoe kies je een baan als je overal kunt werken?

Enkele honderden studenten en promovendi Artificiële Intelligentie, Data Science en Machine Learning kwamen vorige week af op carrièrebeurs Tech020.
Enkele honderden studenten en promovendi Artificiële Intelligentie, Data Science en Machine Learning kwamen vorige week af op carrièrebeurs Tech020. Foto Aziz Kawak

De vraag die Adyen-recruiter Hugo Meijer het vaakst krijgt van bijna afgestudeerde studenten: „Wat doet jullie bedrijf precies?”

En, direct daarna: „Wat kunnen jullie voor mij betekenen?”

De kraam van het Amsterdamse onlinebetaalbedrijf was afgelopen donderdag één van de drukst bezochte plekken op Tech020 – een carrièrebeurs voor technologiestudenten. Enkele honderden studenten en promovendi Artificiële Intelligentie, Data Science en Machine Learning kwamen af op het evenement in het hippe The Student Hotel in Amsterdam.

Deze studenten hebben de banen straks letterlijk voor het uitkiezen. Ze hoeven niet op zoek naar een werkgever, werkgevers zijn op zoek naar hén. En die bedrijven betalen „flink” om überhaupt op de beurs aanwezig te kunnen zijn, zegt een lid van de organisatie.

Leon Bakker (27): „Soms sturen bedrijven een mailtje in programmeertaal, om indruk te maken.” Foto Aziz Kawak

Nijpende tekorten

Ze zoeken studenten als Lotte Meijs (25), als kind altijd al bezig met wiskunde en bijna klaar met haar bachelor Business Analytics. „Je hoort steeds vaker: mensen die goed zijn met data en statistiek, daar zijn er meer van nodig.” Ze wil liefst half werken, half studeren. „Ik ben gefascineerd door data. We krijgen steeds beter inzicht in wat we ermee kunnen. Dat klinkt vaak eng, maar ik wil er graag iets goeds mee doen.”

Of neem Leon Bakker (27), een snelle prater en masterstudent Informatiekunde, die eerder tot drie keer toe een verkeerde studie koos. Nu heeft hij „minimaal elke twee weken” een recruiter in zijn inbox, voor bedrijven die „allemaal zeggen hoe innovatief ze zijn”. Bakker wordt er moe van, zegt hij. „Soms sturen ze dan een mailtje in programmeertaal, om indruk te maken.” Hij kan nu al overal werken, maar maakt liever eerst zijn master af.

De studenten kunnen zich eisen permitteren, want de personeelstekorten in de automatisering zijn al jaren nijpend en lopen nog steeds op. Uit onderzoeken blijkt dat tussen 30 tot 40 procent van de ict-bedrijven kampt met een gebrek aan medewerkers. De branche telt volgens een inventarisatie van ABN Amro in Nederland 55.000 bedrijven die gezamenlijk 90 miljard euro omzet maken, en groeit komend jaar met 4,5 procent. De aanvoer van talent kan die groei niet bijbenen, waardoor bedrijven noodgedwongen in het buitenland op zoek gaan naar personeel.

Daarmee is de ict momenteel, naast zorg en onderwijs, de sector met de grootste tekorten aan gekwalificeerde mensen. Uit recent onderzoek van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt blijkt dat in de ict het tekort aan personeel met een hbo-opleiding of hoger het grootst is, en dat het aantal banen tot 2024 met 1,3 procent per jaar stijgt. Tienduizenden vacatures voor technische beroepen blijven onvervuld – ook in allerlei andere sectoren. Nu elk bedrijf digitaliseert, heeft ook elk bedrijf technische mensen nodig.

Lees meer over het ROA-onderzoek over tekorten op de arbeidsmarkt. Voor wie werk zoekt, is een economisch-adminstratieve mbo-opleiding geen goede keus.

Tekenen in een vliegtuig

Bedrijven doen intussen van alles om met hun vacatures op te vallen. Soms ludiek: consultancybedrijf Peak-it haalde onlangs het nieuws door werknemers hun contract in een vliegtuig te laten ondertekenen, om zo „letterlijk een vliegende start te maken”. Bij Neomax kun je via WhatsApp solliciteren en bij IT-dienstverlener Pink Elephant krijg je een stukje Schotland en bijbehorende adellijke titel als je in dienst komt.

Anderen pakken het serieuzer aan. Bedrijven richten zelf talent academies op, besteden werk uit aan technici in het buitenland (nearshoring), of werken samen met technische universiteiten om de meest getalenteerde studenten vroeg op de radar te hebben. Universiteiten investeren in techniek en onderlinge samenwerking – zo kondigden Amsterdamse kennisinstellingen eind vorig jaar aan 300 miljoen euro extra in artificiële intelligentie te steken, onder meer om het aantal studenten uit te breiden. TU Delft, Erasmus MC en Erasmus Universiteit bouwen samen aan een nieuwe gezondheidstechnologiecampus met extra ruimte voor onderzoek en onderwijs.

Een ict-bedrijf biedt een stukje Schotland en bijbehorende adellijke titel

Nieuw zijn start-ups die door techbedrijven worden ingehuurd om hobbyisten om te scholen. Zoals het Zweedse Salt, dat in drie maanden amateur-programmeurs klaarstoomt voor een baan bij een techbedrijf en onlangs begon met een programma in Nederland. In mei moeten 24 deelnemers bij techbedrijven als CenturyLink en DFFRNT Media aan de slag gaan.

De studenten zijn na de training een jaar ‘eigendom’ van Salt – dat hen verhuurt aan werkgevers. „Het interesseert ons niet als je de middelbare school niet hebt afgemaakt”, zegt Salt-oprichter Richard Andemark aan de telefoon. „Als je maar gedreven bent.”

Lotte Meijs (25): „Ik ben gefascineerd door data.” Foto Aziz Kawak

Hackathon

Voor de studenten is het soms best lastig, vertellen ook Lotte Meijs en Leon Bakker. Er komt zo veel op je af, er is zo veel te kiezen. Hoe bepaal je dan wat de juiste keuze is?

Marc Salomon, decaan op de Amsterdam Business School, valt het op dat vooral bedrijven die data „erbij zijn gaan doen” het lastig hebben onder zijn studenten. „Ze willen allemaal bij Booking.com of Google werken, bedrijven die echt uit data zijn ontstaan. Een bank moet toch extra meters maken. Die moeten weer een of andere hippe hackathon organiseren”, een evenement waarop programmeurs binnen 24 uur iets bouwen.

Studenten willen uiteindelijk vooral aan de slag bij een bedrijf waar ze, aldus Salomon, „iets leren en iets goeds doen”. Salaris is volgens hem, met zo veel keuze, niet de belangrijkste factor waarop studenten hun beslissing baseren.

Student Leon Bakker wil „natuurlijk wel goed verdienen”, maar dat is niet zijn voornaamste drijfveer, vertelt hij. „Dat komt vanzelf wel goed.” Hij wil na zijn master graag in de energiesector aan de slag, om een bedrijf te helpen de transitie naar groene energie te maken. „Dat doe ik dan toch liever dan ING nog rijker maken.”