Opinie

Méér, méér, méér verengelsing graag

Rosanne Hertzberger

Het woord van deze tijd is ‘doorgeslagen’. Marktwerking in de zorg, kapitalisme, regeltjes- en administratiedruk, liberaal internationalisme, competitie in de wetenschap, flexibilisering van de arbeidsmarkt, schaalvergroting of economische groei. Alles is doorgeslagen. Overal wordt driftig aan teugels getrokken. Overal roept men: tot hier en niet verder.

Volgens mij is het wijs om niet te vergeten waarom we ook al weer één van deze richtingen in waren geslagen. ‘Doorgeslagen’ impliceert dat de richting namelijk ooit wel goed was. Een aantal voorbeelden: we wilden competitie omdat ooit hoogleraren lekker zaten te suffen in de academie, matig onderzoek deden en nutteloze vakken doceerden, onbedreigd door welke jonge ambitieuze hond dan ook. Ooit waren wij het land dat veruit de meeste bedden had in de ouderenzorg, de geestelijke gezondheidszorg en de jeugdzorg. Ooit hadden wij bijna één miljoen arbeidsongeschikten. Studeren mocht eindeloos duren. De vakbonden maakten een nieuwe bedrijfsstrategie haast onmogelijk omdat werknemers heilig waren. En kent u de wachtlijsten uit de ziekenfonds-tijd nog?

Vergeten we dat allemaal niet alsjeblieft? Na een overdaad aan het woordje ‘doorslaan’ in de krant volgt vaak een periode waarin veel kinderen uit het badwater moeten worden gered.

Een voorbeeld is de steeds vaker hardop uitgesproken wens tot deglobalisering. Eén van de symptomen van die onderstroom is de groeiende aversie ten opzichte van het Engels. Als ergens het woordje doorgeslagen veel wordt gebruikt, is het wel in de ‘verengelsing’, met name op de universiteit.

In het boek De ideale universiteit dat deze week verscheen droomt wetenschapshistoricus Floris Cohen hardop over een universiteit waar overal standaard Nederlands wordt gesproken. Het is een extreme versie van een populaire opvatting bij talloze hoogleraren, prominenten en schrijvers: het hoger onderwijs verarmt door het soms matige Engels van docenten en studenten, en de Nederlandse taal verpietert ondertussen. Verder nemen al die buitenlandse studenten op de universiteit maar plek in. En bovendien was het besluit om te verengelsen voornamelijk door de markt ingegeven. Bah!

Internationale studenten moeten van deze mensen gewoon Nederlands leren, wat natuurlijk in de praktijk betekent dat je buitenlandse geïnteresseerden buiten de deur houdt. Wie wil er in godsnaam ons microtaaltje leren terwijl elke idioot op straat hardnekkig en vloeiend in het Engels blijft antwoorden?

Slaan we hier door? Integendeel, van mij mag de verengelsing verder aangemoedigd worden. Geen grotere verrijking dan in de collegebanken niet alleen kennis te maken met wereldse kennis, maar ook letterlijk de rest van de wereld te ontmoeten. Dat je leert hoe klein je bent, hoe beperkt je blik is. Juist in een land waar de academische lingua franca zo goed gesproken wordt, is hoger onderwijs in het Engels een no-brainer. En van die verarming van een stevig gevestigde en geïnstitutionaliseerde taal als het Nederlands moet men eerst maar eens iets meer dan alleen anekdotisch bewijs leveren.

En dan tot slot, de marktwerking, want ook die is uiteraard hartstikke doorgeslagen. Maar is het echt zo’n gruwel om vanuit de handelsgeest naar de universiteiten te kijken?

Waarom zouden we overal onze kennis en kunde, diensten en technologie willen verkopen, maar ons uitstekend hoger onderwijs voor onszelf willen houden? Geen mooier exportproduct dan een opleiding. Niets dat een warmere band schept met een land dan er een tijdje studeren, de kwaliteiten, gewoontes en gevoeligheden van een land leren kennen en waarderen. Het enige wat Nederland ervoor hoeft te doen is de toegang tot onze enorme intellectuele rijkdom niet te beperken door het koste wat kost in een obscure en nauwelijks uit te spreken taal te verstoppen als de onze.

Maar ja, die argumenten landen niet wanneer je de wereld steeds meer bekijkt van achter de dijken. Ik weiger mee te gaan in dat perspectief. Internationalisering is wat mij betreft pure verheffing, verbreding, verdieping voor onze studenten en getalenteerde gaststudenten zijn een pure verrijking van Nederland, letterlijk en figuurlijk. En van die deglobalisering? Daar zouden we nog weleens spijt van kunnen krijgen.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.