Reportage

De energietransitie van rijksmonument Meermansburg

Meermansburg Energietransitie in een rijksmonument? Van de lage huur is het moeilijk te betalen. In Leiden lukt het stapsgewijs.

Meermansburg in Leiden. Sommige bewoners hebben nu isoglas en koken elektrisch.
Meermansburg in Leiden. Sommige bewoners hebben nu isoglas en koken elektrisch. Foto Walter Herfst

Achter een statige toegangspoort in hartje Leiden ligt een van de duurzaamste hofjes van Nederland: het rijksmonument Meermansburg, opgeleverd in 1681 en op weg naar energielabel B. Hét duurzaamste hof van Nederland, durft regent-rentmeester Frits van Oosten wel te zeggen.

„Als de regent-rentmeester het zegt…”, zegt regent Leendert Jonker met een buiginkje. Met dertig woningen is Meermansburg in ieder geval het grootste van alle 37 Leidse hofjes.

De naam is een samentrekking van de oprichters: VOC-bewindhebber Maarten Ruychaver Meerman (1627-1684) en zijn vrouw Helena Verburg (overleden 1683). Ze overleefden al hun kinderen en lieten daarna een groot armenhof bouwen. Bestemd voor alleenstaande „eerbaere, nugtere Weduwen ofte Vrouspersonen” van veertig jaar en ouder.

De regentenkamer ademt de geschiedenis, met historische portretten en een Weense Belehradek-vleugel uit 1880. De kleine hofwoningen staan in carré om rijen leilindes, fruitboompjes, grasperken en een grote waterpomp heen. Onder leiding van Van Oosten zien de huidige regenten – vrijwilligers – nog altijd toe op een goed beheer van het hof.

Tegenwoordig is Meermansburg een soort mini-woningcorporatie, de Stichting Meermansburg is de eigenaar. De woningen worden ‘sociaal’ verhuurd, voor gemiddeld 575 euro per maand. De doelgroep bestaat uit alleenstaande dertigplussers met een modaal inkomen. Mannen worden inmiddels gedoogd. Jonker: „Je hebt ook huurbescherming in Nederland. Als iemand verliefd wordt, houd je dat niet tegen.”

In 2017 kregen de regenten het plan voor een ‘project energietransitie’. De woningen hadden enkel glas, waren tochtig en sommige hadden schimmel. Het doel was alle dertig huurwoningen goed te isoleren en van het ‘kookgas’ af te halen. De blokverwarming met drie grote cv-ketels blijft voorlopig zitten. Als het warmtenet vanuit de Rotterdamse haven er ooit komt, kan Meermansburg worden aangesloten.

Foto Walter Herfst

Opklapbare achterzetramen

De regenten belegden een bewonersavond om de plannen te delen. Van Oosten: „We dachten: ze gaan zingend en juichend de deur uit. Maar dat was dus niet zo.”

Een meerderheid had bezwaren tegen de tijdelijke huuropslag (10 procent voor 15 jaar) of vreesde voor een permanente huurverhoging. Een deel had ook geen zin in de verbouwing van twee weken en de tijdelijke verhuizing naar een lege wisselwoning aan het hof – al wordt die voor hen betaald.

Van Oosten: „Uiteindelijk zeiden elf van de dertig bewoners: ik doe mee. De anderen zeiden: wij wachten het af, en als het een goed plan is, kijken we of we mee gaan doen.”

Inmiddels zijn die eerste elf woningen verduurzaamd. Ze hebben opklapbare achterzetramen van isoglas gekregen – want dubbel glas mag niet in een rijksmonument. De buitenmuren en het dak zijn van binnen geïsoleerd met vlas. De woningen zijn van het kookgas gehaald en er is moderne ventilatie: de verse koude lucht wordt voorverwarmd met de vertrekkende lucht.

„Je kunt het bij wijze van spreken met een waxinelichtje warm krijgen”, zegt Eli Graaf, al 35 jaar beheerder bij Meermansburg. Gemiddeld hebben de bewoners 10 tot 20 procent minder verbruikskosten, schatten de regenten. Al bleek uit metingen dat de ene bewoner 400 en de ander 1.500 kuub gas per jaar verbruikt, zeggen ze.

Waterbassins

Achteraf is het maar goed dat niet alle bewoners direct stonden te zingen en te juichen. Daar zou geen geld voor zijn geweest; de kosten van de verduurzaming bedragen gemiddeld bijna 30.000 euro per woning. Gemeente en provincie hebben ruim een ton bijgedragen en de rest is vooral betaald uit de reserves van het hof. De rest van de woningen wordt nu stuk voor stuk aangepakt, als de bewoner verhuist, met het geld van de huurinkomsten.

Het volgende duurzame project is de restauratie van de waterpomp, met bovenop een beeldje van een meerman. Onder de grond zijn vier gemetselde bassins voor regenwater herontdekt. Jonker: „De kwaliteit van dat water is zo goed dat we schertsenderwijs al eens hebben gedacht: kunnen we niet een plaatselijke brouwer interesseren voor ‘Leids hofjesbier’? En dat wij daar natuurlijk ook centen van krijgen.”

Foto Walter Herfst