Werken voor niets, hoe wenselijk is dat?

Gratis werk Van vrijwilligerswerk op festivals tot onbetaalde stage bij je droombaas. Veel mensen doen gratis werk. Maar is dat wel wenselijk?

Ook het Holland Heineken House tijdens de Olympische Spelen werkt met vrijwilligers.
Ook het Holland Heineken House tijdens de Olympische Spelen werkt met vrijwilligers. Foto’s ANP

Vier jaar geleden liep Adriaan de Jonge (25) stage bij het Amsterdamse cultuur- en debatcentrum Pakhuis De Zwijger, met nog tien anderen. Onbetaald, terwijl ruim de helft van hen al was afgestudeerd. Vreemd, vond De Jonge, want ze werden tóch bijna als volwaardige werknemers ingezet.

Zoiets gebeurt veel vaker. Uitzendbureau Adecco zocht onlangs ‘vrijwilligers’ om komende zomer tijdens de Olympische Spelen in Japan bij het Holland Heineken House te werken. De oproep oogstte kritiek: waarom zou je gratis voor een bedrijf met een miljardenomzet én miljardenwinst willen werken? Vakbond FNV sprak zelfs van „verdringing van betaald door onbetaald werk”.

Een werkervaringsplaats, zoals die onbetaalde stage van De Jonge, of vrijwilligerswerk doen op festivals – het is allemaal gratis werk, en met name jonge mensen tekenen ervoor. Meedraaien bij de Olympische Spelen, ervaring opdoen bij een tof bedrijf – het staat goed op je cv of is simpelweg een mooie ervaring. Maar wanneer is gratis werk te verdedigen, en wanneer is het uitbuiting?

Als we allemaal gratis werken, zijn er straks geen betaalde banen meer

Ton Wilthagen hoogleraar

Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan Tilburg University, waarschuwt voor de deflatie van betaald werk. „Als we allemaal gratis werken, zijn er straks geen betaalde banen meer. We zien verdringing van betaalde door onbetaalde krachten op de arbeidsmarkt, maar ook oneigenlijke concurrentie: wie gratis arbeidskrachten gebruikt, is natuurlijk ook in het voordeel.”

Wetten voor werkervaringsplaatsen zijn er niet, maar de Inspectie SZW hanteert wel criteria. „De plek moet gericht zijn op leren en ervaring opdoen, anders is het ‘gewoon’ werk”, zegt Wilthagen. „Stel jezelf de vraag: word ik goed begeleid? Draagt dit bij aan mijn cv? Let op dat je niet uitgebuit wordt.”

Ook onlinemarketingbureau Drijfveer Media in Assen let bij werkervaringsplekken op goede begeleiding. „Toen we er in 2014 mee begonnen, zagen we het als een manier om de grote hoeveelheid werk die binnenkwam aan te pakken”, zegt oprichter en eigenaar Robert Boersma. Maar al snel kreeg hij „het morele besef dat beide partijen moesten profiteren”.

Boersma ontwikkelde een traject dat bestaat uit een mix van meewerken, zelfstudie en trainingen. „Wij stomen mensen nu echt klaar voor een betaalde baan, niet zelden bij een concurrent”, zegt hij.

In opkomst

Feit is dat de – al dan niet betaalde – werkervaringsplaats in opkomst is. In het studiejaar 2016-2017 liepen bijna 27.000 jongeren ‘stage’ na hun opleiding. Een stijging met een kleine 20 procent in vergelijking met 2013: toen waren het er nog 22.500. Hoe dat te verklaren valt? „Jongeren willen hun dromen achterna, en van alles uitproberen”, zegt Wilthagen. „Bovendien duurt het in diverse sectoren lang om een reguliere baan te vinden.”

Tegelijkertijd is het voor bedrijven aantrekkelijk via werkervaringsplaatsen een talentenpool op te bouwen. Wilthagen: „Je weet al precies wat een medewerker in huis heeft voordat je hem aanneemt.”

In de muziek- en entertainmentindustrie komt (bijna) gratis werken veel voor. Als de 44-jarige drummer Sven Bakker mazzel heeft, verdient hij honderd euro per optreden. Vaker worden alleen zijn onkosten vergoed en krijgt hij er een gratis maaltijd bij. En wat als hij op een dag zou besluiten om meer te vragen? Zinloos, denkt Bakker, die lichte muziek studeerde aan het conservatorium. „Er zijn altijd mensen die dit werk gratis willen doen, dus dan kiest de organisator iemand anders.”

Wilthagen herkent het patroon: „In het begin moet je je invechten en dan wil je niet te veel eisen stellen. Maar muzikant zijn is een vak. Dat moet je niet uithollen.” De hoogleraar stelt dat het beter is om een ‘plan B’ te hebben, als het niet lukt om te leven van optreden alleen.

Bakkers plan B is inmiddels zijn fulltimebaan: hij heeft een goedlopende drumschool in Hoorn. „Als het zou kunnen, zou ik fulltime spelen, maar dat is niet realistisch. Tijdens mijn studie gaf ik al muziekles en dat is mijn werk geworden.”

Wordt het voor muzikanten niet steeds moeilijker betaald op te treden als collega’s het voor zulke kleine bedragen doen? Eigenlijk wel, vindt Bakker, maar hij ‘kan niet anders’. „Dit probleem bestaat in bijna alle creatieve beroepen: er zijn altijd mensen die het gratis willen doen. Ik speel voor m’n eigen plezier en groei nog steeds in mijn muzikale ontwikkeling.” FNV-bestuurder Felix Alejandro Pérez denkt er anders over. „Het standpunt van de vakbond is: ál het werk moet betaald worden, want uitbuiting ligt altijd op de loer.”

Goede deal

Student journalistiek Maaike Schneiders werkte twee keer onbetaald op Down The Rabbit Hole. „Ik stond vijf uur bij de entree om kaartjes te scannen en polsbandjes om te doen. In ruil daarvoor kreeg ik een gratis toegangskaartje, vier consumptiemuntjes en gratis eten tijdens de shift.” Goede deal, vindt de 26-jarige Haagse.

Maar FNV-bestuurder Alejandro Pérez zet ook bij deze constructie kanttekeningen. „Stel dat iemand een vals toegangskaartje heeft. Je confronteert die man daarmee en krijgt een hoek. Je hebt helemaal geen ervaring met dit soort situaties. Wat doe je dan? Deze dingen gebeuren echt.”

In alle creatieve beroepen zijn er mensen die het gratis willen doen

Sven Bakker drummer

Dat er ook betaalde beveiligers in de buurt staan en dat de festivalorganisatie Schneiders verzekerd had tegen ongevallen, vindt de FNV-bestuurder niet afdoende. „Als volwaardig werknemer ben je ook verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid, je kunt immers ernstige en langdurige schade oplopen.”

Stel dat je daadwerkelijk uitbuiting en verdringing op het werk tegenkomt, wat dan? Hoogleraar Wilthagen: „Het is aan de werknemer om melding te maken bij de arbeidsinspectie, de overheid kan onmogelijk alles in de gaten houden.” Toch komen er nauwelijks meldingen binnen, en niet alleen omdat de klager dan „geen werknemer van de maand meer wordt”, zegt Wilthagen. „Veel meer dan vroeger leven we in een ‘kluseconomie’. Als er incidenten zijn, nemen mensen dat sneller voor lief. Ze gaan toch gauw weer ergens anders aan de slag.”