Jonge mensen kraken weer, ook in Rotterdam

Wonen Kraken is voor deze jonge Rotterdammers een manier om tegenwicht te bieden aan de veranderende stad én maatschappij. „Een huis hebben is gewoon je recht”.

Het huis in het Oude Noorden stond een jaar leeg toen de krakers erin trokken. Ze onderhielden vanaf het begin contact met de woningcorporatie. Ze wonen er nu met z’n vieren.
Het huis in het Oude Noorden stond een jaar leeg toen de krakers erin trokken. Ze onderhielden vanaf het begin contact met de woningcorporatie. Ze wonen er nu met z’n vieren.

Vier jonge krakers huizen sinds maart 2019 in het Oude Noorden. Buiten wappert een zwart-rode anarchistische vlag, binnen zitten Kiko en Jet (allebei 19) aan de zelfgemaakte keukentafel, ze eten Turks brood met humus. Jet: „Dit is een oude deur die we aan een paar bouwvakkers hebben gevraagd. Hier zie je waar de klink zat.” De bar heeft Kiko de week daarvoor samen met haar vriend gebouwd. Jet: „Als je klust voelt het echt als je eigen huis.” Jet is bezig met haar tweede tussenjaar, Kiko zit inmiddels op de kunstacademie.

Hun huis stond een jaar leeg voordat de krakers erin trokken. Jet: „In deze straat moeten eigenlijk de funderingen worden vervangen. Dat is nog niet gebeurd. Er heeft hier iemand een tijd antikraak gezeten maar die werd eruit gezet omdat ze zouden beginnen. Daarna heeft het een jaar leeg gestaan en wij zitten hier nu al bijna een jaar. Het is toch zonde dat wanneer er iemand kan wonen, dit niet gebeurt?”

De vier bewoners hadden vanaf het begin contact met de wonigbouwcorporatie die eigenaar is van het huis. Jet: „Zij vinden het niet erg dat we hier zitten. Kraken op zich is niet illegaal, inbreken wel. Officieel stond de deur dus gewoon open. Je hebt het recht om ergens te wonen, dus als je dat eenmaal doet kun je er niet zomaar uit worden gezet.” Daags nadat ze het pand kraakten, stuurden ze een e-mail naar de woningbouwvereniging. „Daarin vertelden we dat we hier nu wonen en graag met ze wilden praten. Het is belangrijk dat ze het meteen weten. Als ze er zelf achter moeten komen, is de kans groot dat ze boos worden.”

Foto Robin Utrecht

Dat is een van de tips die ze kregen van ervaren krakers met wie ze van tevoren in gesprek gingen. Kiko: „Online zijn krakershandleidingen, we kenden krakers in Amsterdam en we zijn een keer naar het Poortgebouw geweest en de Fietsenwerkplaats.” Het Poortgebouw werd in de jaren ’80 gekraakt en geldt, ondanks dat het kraken al snel in huren werd omgezet, als notoir krakersbolwerk.

Tot in Apeldoorn weten ze: in de Rotterdamse Wielewaal kun je makkelijk kraken

In eerste instantie weet de corporatie niet goed wat ze met de nieuw bewoners aan moeten, vertelt Jet: „Ze reageerden een beetje macho. Maar we zijn naar hun kantoor geweest en hebben een overeenkomst getekend.” Kiko: „Dat was wel belangrijk, gaven ze aan. Daar stond in dat we niet alles mochten slopen en moeten betalen voor de energierekening.” Jet: „We mochten wel allemaal dingen aanpassen in het contract, zodat we hier wel kleine evenementen mogen houden.” Kiko: „En van de twee maanden opzegtermijn voordat de funderingswerkzaamheden beginnen, hebben we twee weken gemaakt.” Jet: „In eerste instantie zouden we maar zes maanden mogen blijven, maar het laatste bericht was dat ze in ieder geval niets doen tot eind 2020.”

Een echt huis

In het begin woonden ze met zeven man in het pand, bestaande uit drie verdiepingen (inclusief zolder). Jet: „We sliepen met elkaar in een kamer op campingmatjes, we hadden nog helemaal geen meubels. Dat was heel gezellig. Het was een groepsproject om het huis mooi te maken en te verdedigen. Maar na verloop van tijd werd het echt een huis en niet langer een kraakpand en denk je: als ik thuis ben wil ik me kunnen terugtrekken en elke avond in mijn eigen bed slapen.” Ze brachten het aantal bewoners terug naar vier, met elk een eigen slaapkamer. Toch is samenwonen wat hen betreft wel een manier om individualisme tegen te gaan. Jet: „Als je met mensen op een plek woont moet je wel delen en met elkaar omgaan.”

Kiko legt uit waarom ze kraken: „We waren klaar met de middelbare school, hadden een tussenjaar en wilden niet bij onze ouders blijven wonen. Als je niet naar school gaat kun je geen geld lenen. En we zijn het er niet mee eens dat de huur van woningen zo hoog is en dat jonge mensen heel veel moeten lenen om huur te betalen.” Jet: „Vrienden van ons hebben net een huis gevonden, maar betalen 600 euro huur. Terwijl er superveel mis mee is.” Kiko: „Ondertussen staat er best veel leeg, dat zie je als je door de stad loopt. Wij hebben hier al jonge mensen over de vloer gehad die geïnteresseerd zijn in kraken en ons om tips vragen.”

Het gaat ze niet alleen om goedkoop wonen, benadrukt ze. „Maar om een bepaalde vrijheid. Dingen organiseren zou anti-kraak niet mogen. Terwijl dat voor ons een belangrijke motivatie om te kraken: een plek te hebben om dingen te organiseren. Van etentjes, tot bijeenkomsten over een politiek thema of een kledingruil.”

Daarnaast hebben ze als krakers meer macht dan wanneer ze anti-kraak zouden huren. Jet: „Wij hebben nu een actieve band met de woningcorporatie. Wij kunnen daarin sturen en hoeven niet passief af te wachten tot we weer naar een volgende plek worden gestuurd. Antikraak is niet per se slecht en ik snap waarom het bestaat, maar er zijn allemaal regels. Gisteren sprak ik nog iemand die al na drie maanden uit haar huis moest, dan kun je niet echt settelen en je betaalt ondertussen ook nog huur.” Naast de hoge huren en de nadelen van anti-kraak is er de kwestie van de huidige woningnood. Jet: „Met name jongeren kunnen geen huis vinden. In Utrecht heb je mensen die in tenten slapen. Ik ken een student die geen woning kon vinden en toen maar is gestopt met studeren.” Kiko: „Een huis hebben is gewoon je recht.”

Gewassen en gestreken

Op dat moment klopt iemand op het raam. De meisjes kijken elkaar vragend aan: ze verwachten niemand. Het blijkt een buurvrouw van een paar huizen verderop die dekbedden en beddengoed over heeft. „Het is allemaal gewassen en gestreken”, klinkt het vanuit de voordeur. Jet is in de wolken, ze slaapt nog steeds in een slaapzak. Jet: „Er komen regelmatig mensen langs om te vragen of we iets willen hebben dat ze wegdoen. De sfeer in deze straat is heel goed. In het rijtje hier tegenover woont volgens mij een grote familie. We zeggen elkaar altijd gedag en vinden het belangrijk om goed contact te hebben en niet tot overlast te zijn. Als we harde muziek aan hebben gehad vragen we de volgende dag of iemand last heeft gehad maar dat is nooit zo.”

Kiko: „De weggeefkast voor de deur wordt ook goed gebruikt, kijk er staat nu ook iemand bij.” Jet: „Ik heb er zelf een vergiet en theepot ingedaan. Het gaat heel snel! Als ik thuiskom staan er vaak mensen in te kijken, dan heb je meteen een praatje. Soms komt iemand met een hele tas aan, mensen stoppen als ze langsfietsen en -lopen. Het is leuk dat zo’n klein kastje zoveel mensen blij maakt.”

Als ze moeten vertrekken is een ding zeker: weer kraken. Jet: „Het is een hele leuke, beetje avontuurlijke manier van leven. Het geeft je een bepaalde energie”. Kiko: „Het gevoel dat alles mogelijk is.” Jet: „Ik heb er zelf voor gezorgd dat ik hier heel normaal, aan deze eettafel kan zitten. Dat hebben we zelf gedaan. En dat je zelf kunt onderhandelen met een eigenaar zonder een tussenpartij.”

Kiko vindt het belangrijk dat er alternatieve vormen van wonen zijn. „Het idee dat de manier waarop we in een stad wonen en samenleven kan veranderen, geeft me energie. Maar kraken moet nooit een doel op zichzelf worden, dat het is: ‘Oh kraken, vet, geen huur, whoehoe’. Kraken is voor mij een methode om iets te bereiken.” Het liefste zou ze de manier waarop mensen leven willen veranderen. „Voor mij heeft het allemaal met elkaar te maken: de manier waarop mensen naar hun werk gaan, geld hebben, consumeren en daar alles omheen organiseren. Maar ook klimaatverandering: dat er nu al groene blaadjes aan de bomen hangen.”

Foto Robin Utrecht

Niet welkom

Ze maken zich zorgen op de manier waarop Rotterdam zich ontwikkelt. Jet: „Veel sociale huur wordt de stad uit gedreven, waardoor het lijkt alsof mensen met lage inkomens hier niet langer welkom zijn. Ondertussen heb je gentrificatie, waarmee hippe plekjes de buurt aantrekkelijk maken voor rijke mensen. Terwijl ik liever door een straat als de Zwartjanstraat loop dan de hippe Zwaanshals. Het is een beetje chaotisch, maar dat vind ik juist leuk.” Kiko: „Ik vind het wel ironisch dat er op de Noordsingel in de voormalige gevangenis luxe appartementen worden gebouwd. Lekker met het hek eromheen zodat hun kinderen veilig kunnen spelen en ze hier wel durven te wonen.”

Op hun manier proberen de jonge krakers antwoorden te geven op maatschappelijk complexe problematiek, van woningnood en overconsumptie tot individualisering. Jet: „Bij de evenementen die we organiseren gaat het erom dat we mensen bij elkaar brengen, die met elkaar praten, discussiëren en elkaar zo energie geven. Het kost tijd en inzet om dingen te veranderen, op deze manier faciliteren we dat op kleine schaal.”

Jet en Kiko willen niet met hun volledige naam in de krant, deze zijn bij de redactie bekend.