Geschiedenis die zich niet meteen gewonnen geeft

Tv-recensie Geschiedenisfans konden woensdag kiezen tussen het makke Historisch bewijs en het ingenieus vormgegeven Het vermoorde theater.

Vincent van der Valk speelt Nathan in Frans Weisz’ documentaire 'Het vermoorde theater'.
Vincent van der Valk speelt Nathan in Frans Weisz’ documentaire 'Het vermoorde theater'. Beeld EO

Woesjflap! Daar schiet de kogel in slow motion door de vilten hoed. En nog een keer. En nog een keer, wat zeker niet de laatste keer is. Het geschiedenisprogramma Historisch bewijs, woensdag op NPO2, kijkt niet op een visueel effectje meer of minder. In de zesdelige reeks van AvroTros onderzoeken specialisten van het Rijksmuseum de authenticiteit van verschillende historische objecten, waarvan de meeste zich in de collectie van het Rijksmuseum bevinden.

De afdeling publiciteit van het Rijksmuseum kan dus tevreden zijn, maar verder is Historisch bewijs een mak programma geworden. Woensdag draaide alles om de hoed van Ernst Casimir, het hoofddeksel dat deze voorvader van Beatrix en Willem-Alexander op zou hebben gehad toen hem in 1632 in Roermond een Spaanse kogel door de kop werd geschoten. Spannende muziekjes en ronkende teksten konden niet verhullen dat de bevindingen basaal waren. Het gat in de hoed was een kogelgat, veroorzaakt toen het ding door een mens werd gedragen en Ernst Casimir had ook een vilten hoed (twee zelfs).

„Daarmee is het historisch bewijs geleverd”, klonken er grote woorden aan het slot, wat overdreven was. Het is zeer aannemelijk dat de hoed van de ongelukkige Ernst Casimir is geweest, maar een hoedverwisseling is niet uitgesloten. Een historicus is blij als iets zeer aannemelijk gemaakt kan worden, maar onomstotelijk bewijs is iets anders. Al begrijp ik ook wel dat een programma met de titel ‘Historisch aannemelijk’ lastig langs een netmanager te loodsen is.

Hoe mooi geschiedenis kan zijn

Hoewel? Twee uur later was op dezelfde zender de documentaire Het vermoorde theater (EO) van Frans Weisz te zien. Het ingenieus vormgegeven verhaal van het Joods Staatstheater Gosset in Moskou toonde vooral hoe mooi geschiedenis kan zijn als die zich niet meteen gewonnen geeft. Heel makkelijk maakte Weisz het zijn kijkers niet – de man is eigenlijk ook geen documentairemaker. Mooie archiefbeelden werden ingenieus gepresenteerd in een oud theater, waar de geschiedenis uit de doeken werd gedaan door de fictieve ooggetuige Nathan, gespeeld door acteur Vincent van der Valk.

Dat verhaal kroop intussen onder je huid. Het Joods Staatstheater werd in 1920 opgericht door onder anderen Marc Chagall, met steun van Lenins jonge communistische bewind – later zou het een speelbal van de dictatuur worden. Het van de creativiteit bulkende gezelschap werd beroemd, vooral dankzij het duo Solomon Michoëls en Benjamin Suskin – „het hoofd en het hart van het gezelschap”. Schitterend zijn vooral de beelden van Suskin, een nar van geboorte.

Achter humoristische voorstellingen over het joodse leven werden donkere wolken zichtbaar. Dan klonk er op het podium: „Jullie god trekt zich niets van jullie Joden aan. Hij heeft jullie failliet verklaard.” Sigmund Freud zag er de aankondiging van groot onheil in. Onder Stalin werd het onheil concreet. „Jiddisch spraken we alleen nog fluisterend”, aldus Nathan. „Alleen op het podium waren we luid.” Van een tournee door West-Europa besloot artistiek leider Granowsky niet terug te keren.

Tijdens de oorlog werd Michoëls ingezet om in de Verenigde Staten met name bij Joden geld los te weken voor het Rode Leger in de strijd tegen Hitler. Het betekende slechts uitstel van executie – en niet alleen figuurlijk.

Michoëls werd doodgeknuppeld in Minsk in 1949, Suskin werd drie jaar later omgebracht in „de nacht van de dode dichters”. Die, besluit Nathan zijn huiveringwekkende verhaal, dus eigenlijk „de nacht van de dode dichters en een nar” was – hoe je met een klein woord iets groots kunt zeggen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.