Leren we kinderen oprechtheid of beleefdheid?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen.

Illustratie Claudia van Rouendal

Moeder: „Moet een kind zeggen: ‘Bedankt voor het spelen’ als ze er geen klap aan vond? Moet het bedanken voor een cadeautje terwijl hij het niet leuk vindt? En mag het dan zeggen: ‘Dank voor je moeite, maar ik had liever iets anders gewild?’

„Ik leer mijn kinderen van 8 en 10 dat het belangrijk is om jezelf te zijn, en ik wil graag dat ze hun eigenheid tot uitdrukking brengen. Maar ‘meedoen’ en ‘je voegen’ vind ik ook belangrijk. Ik vind dit een van de grootste dilemma’s van de opvoeding. In hoeverre moedig ik mijn kinderen aan te zeggen wat ze echt vinden?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Steunen in hun voorkeuren

Susan Bögels: „Ons naar anderen voegen behoort tot onze natuur. De evolutie zit zo in elkaar dat we bij een groep willen horen, dat is wezenlijk voor ons, de groep beschermt ons, maakt dat we ons veilig voelen. We zien dat de nadruk op individuele waarden in plaats van collectieve tot meer klachten als somberheid en angst leidt.

„Het bijbrengen van ‘beleefdheid’ kan belangrijk zijn voor het geluk van het kind, voor het kwetsbare zelfbeeld van de ander, en ook voor de groep in z’n geheel.

„Daarnaast leren we een kind natuurlijk ook om van zich te laten horen als er grenzen worden overschreden. Een goede oefening om een onderscheid te kunnen maken tussen beleefd en assertief zijn is om terug te gaan naar uw eigen jeugd: wanneer leverde beleefdheid en bedanken iets goeds op, en waar heeft het uw eigenheid overschreden?

„Voor een gezond gevoel van ‘ik’ is het belangrijk dat ouders hun kinderen echt zien, echt naar hen luisteren, en hen steunen in hun voorkeuren. Die bekrachtiging van hun authentieke zelf staat niet haaks op leren rekening te houden met de gevoelens van anderen, of te buigen voor hiërarchie. In dit geval is je dank uitspreken over de moeite die iemand heeft gedaan, ook als je het speelafspraakje niet leuk vond, een mooi compromis.”

Meningen niet meteen een plek geven

Stijn Sieckelinck: „De rituelen van het sociale verkeer kunnen geforceerd en formule-achtig overkomen, maar dat maakt ze nog niet overbodig. De beleefdheid zelf, schrijft de Franse filosoof Comte-Sponville, is nog geen deugd, zij doet slechts alsof zij deugdzaam is. Dus in de eerste plaats, stelt hij, leren ouders kinderen om beleefd te zijn, in de verwachting dat de werkelijke deugden zich te zijner tijd daaruit zullen ontwikkelen.

„Beleefdheid en oprechtheid hoeven geen tegenstelling te vormen. Ook onbeleefdheid en onoprechtheid laten zich trouwens prima combineren. Niet meteen je teleurstelling laten blijken is geen vorm van zelfverraad. Sommige mensen manifesteren zich door juist rekening te houden met de gevoelens van een ander.

„Het onderlinge verkeer is meestal gebaat bij een zekere terughoudendheid, met de eigen gevoelens en indrukken even op te schorten. Het helpt een bepaalde sfeer in stand houden die wenselijk is voor dat moment. Wat er gebeurt als een dergelijke beleefdheid geen rol meer speelt, zie je in hoeken van het online-universum waar trollen de dienst uitmaken en waarin beleefdheid wordt gezien als onderwerping.

„In pedagogisch opzicht moeten we gevoelens en meningen van kinderen wel een plek geven, maar dat hoeft niet per se meteen, dat kan ook als het bezoek weg is. ‘Wat voelde je toen je dat cadeau kreeg?’ ‘Wat was het andere dat je zo ontzettend graag wilde?’ ‘Zullen we eens heel voorzichtig aan de buurvrouw vragen of ze het bonnetje nog heeft?’”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.