Opinie

Geef maker middelen om journalist te zijn

Clarice Gargard

Freelancers van NRC hebben vorige week een dag gestaakt vanwege vergoedingen, vage arbeidsverhoudingen en een onzekere toekomst. Dat was een belangrijke stap die er hopelijk toe bijdraagt dat we overal in Nederland anders zullen omgaan met de freelancende journalist. In het kader van ‘je weet niet wat je mist tot het weg is’, lieten de NRC-freelancers lege plekken achter op de redactie. De stakers maken onderdeel uit van het dagelijks reilen en zeilen van de krant.

Als een werkgever wel de lusten van een vaste werknemer heeft, maar niet de lasten is sprake van ‘schijnzelfstandigheid’. Je huurt mensen voor hetzelfde werk in, maar is er minder groei in loon en sociale zekerheden. Bij NRC is het niet zo slecht gesteld, maar gemiddeld verdiende een freelance journalist volgens de Monitor Freelancers en Media in 2018 24.300 euro per jaar, terwijl iemand in vaste dienst 60.000 euro kreeg.

Freelance journalisten Ruud Rogier (Brabants Dagblad) en Britt van Uem (Tubantia) kregen vorig jaar gelijk van de kantonrechter toen zij méér dan 42 euro per foto of 13 cent per woord van uitgeverij DPG Media (onder andere ook uitgever van Algemeen Dagblad en de Volkskrant) eisten.

Ik weet hoe moeilijk het is om als zelfstandige – in mijn geval zonder schijn – het hoofd boven water te houden. Zo duurt het vaak weken en soms maanden voordat sommige opdrachtgevers uitbetalen. En er is altijd de angst dat iemand je zomaar vervangt. Sinds kort is er de website freelancevoorwaarden.nl, waar je meer kunt leren over je rechten. Ironisch genoeg wordt de site gratis gerund door freelance-journalist Nick Kivits, die zo hoopt de omstandigheden te verbeteren.

Want als freelance-journalist lijk je soms een fabrieksmedewerker, maar dan een die verhalen verpakt. (Ook fabrieksarbeiders zouden trouwens beter betaald moeten worden.) Maar in de journalistiek zijn de verhalenmakers bijna net zo belangrijk als het verhaal zelf. Je neemt je blik, stijl en ervaring mee – ook als je ‘alleen maar’ nieuwsberichten tikt.

Je wordt meestal geen journalist voor het geld. Eerder om tegels te lichten, mooie producties te maken, een luis in de pels te zijn en te informeren of activeren.

Toen ik aan mijn studie journalistiek begon had ik het (enigszins geromantiseerde) idee met pen en camera misstanden in de wereld aan te kaarten. Journalistiek bedrijven is een publieke dienst verlenen. Waarbij soms vergeten wordt dat de degenen die dat doen ook moeten eten.

Vooral anderen blijken er rijk(er) van te worden. Bijvoorbeeld het Belgische bedrijf Mediahuis, dat onder andere Metro, De Telegraaf en NRC uitgeeft. Dat maakte in 2018 maar liefst 28 miljoen euro winst. Of presentatoren die tot de ‘Balkenendenorm’ mogen verdienen.

Uitgevers en presentatoren zijn natuurlijk nodig. De een voor distributie en de ander om het gezicht te zijn en een programma te dragen. Maar zonder redacteuren valt er niets te distribueren of presenteren.

Juist in tijden van nepnieuws, false balances, demagogie en anti-democratie moet er geld vrij gemaakt worden om bewogen en zorgvuldig makersschap te kunnen bedrijven.

Het kabinet maakt binnenkort nieuwe regels voor de wet deregulering beoordeling arbeidsrelatie (DBA), die over álle zzp’ers gaat. Zoals een minimumloon van 16 euro. En wie meer dan 75 euro verdient, moet een vragenlijst invullen om onder andere schijnzelfstandigheid te voorkomen.

Maar veel zzp’ers vinden dat 1,1 miljoen zelfstandigen zo worden behandeld alsof er geen onderlinge verschillen bestaan. Die groep bestaat namelijk uit iedereen van bouwvakkers en huisartsen tot yoga-instructeurs, kunstenaars en journalisten. Freelancers zijn kortom net mensen. En het vervelende aan mensen is dat ze altijd graag op waarde geschat worden.

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.