Recensie

Recensie Film

‘Les Misérables’: thriller in een banlieue vol leven

Drie politiemannen proberen elk op hun eigen manier de orde te handhaven in de Parijse buitenwijk Montfermeil: (vlnr) Stéphane (Damien Bonnard), Chris (Alexis Manenti) en Gwada (Djebril Zonga), in ‘Les Misérables’.
Drie politiemannen proberen elk op hun eigen manier de orde te handhaven in de Parijse buitenwijk Montfermeil: (vlnr) Stéphane (Damien Bonnard), Chris (Alexis Manenti) en Gwada (Djebril Zonga), in ‘Les Misérables’. Foto srabfilms

Een kwart eeuw na het grimmige Franse banlieuedrama La Haine (1995) verdiende regisseur Ladj Ly in Cannes de Juryprijs (derde prijs) en een Oscarnominatie met zijn indrukwekkende speelfilmdebuut Les Misérables. Over drie agenten die in een Parijse buitenwijk de lieve vrede bewaren tussen talloze clans: zigeuners, West-Afrikanen, drugsdealers, Moslimbroeders. Als het drietal in het nauw gedreven een kind verwondt, filmt de jonge nerd Buzz dat bij toeval met zijn drone. Waarna de jacht is geopend op een opname die rellen kan ontketenen.

Drie agenten: dat perspectief is het spiegelbeeld van La Haine, waar drie vrienden – een Jood, Algerijn, zwarte Afrikaan – kansloos rondhangen in hun betonenclave, getreiterd door een politie die zich opstelt als bezettingsmacht. La Haine eindigde in een ‘Mexican standoff’ met vuurwapens en slotwoord: „Dit is een verhaal van een samenleving in vrije val. Die zich onderweg geruststelt met: tot zover gaat alles goed.”

Les Misérables zit vol referenties naar La Haine, inclusief een open eind met nawoord, nu van Victor Hugo, die in 1862 een boek schreef met dezelfde titel: „Er zijn geen slechte planten, geen slechte mensen, enkel slechte kwekers.” Maar bij Ladj Ly vertrouw je wat meer op een goede afloop.

Zijn film speelt zich af in de Parijse buitenwijk Montfermeil, waar Hugo zijn boek schreef, Ladj Ly opgroeide en zijn filmcollectief Kourtrajmé documentaires maakte, onder andere over de banlieue-rellen van 2005. Dat jaartal hangt als een donderwolk boven de film. Tien jaar na La Haine raakte de Franse samenleving de bodem en kookte de frustratie over in weken van straatrellen, plundering en brandstichting. Maar de banlieue bleef achter met de puinhopen, en op een herhaling zit niemand te wachten. Deze banlieue is namelijk geen gevangenis in zwart-wit als in La Haine, maar een kleurrijk tapijt van volken, belangen, kliekjes, coalities en informeel overleg. Arm, maar levendig.

Lees ook een interview met regisseur Ladj Ly over ‘Les Misérables’: ‘Voor ‘Les Misérables’ hoefde ik niets te verzinnen’

Ladj Ly mixt knap humor, spanning en tragiek. Zijn toon is niet fatalistisch, herinnert eerder aan Spike Lees Do The Right Thing (1989). Net als Lee belicht Ly uiterst compact de logica en menselijkheid van al zijn personages. Ook van de cynische agent Chris (Alexis Manenti), fier op zijn scheldnaam ‘roze varken’. Chris gelooft dat je op straat alleen respect afdwingt met intimidatie, maar hij kent de wijk en bewaart met zijn gefrustreerde zwarte rechterhand Gwada (Djebril Zonga) een soort orde. Provinciaal Stéphane (Damien Bonnard) verbaast zich over hun cowboygedrag: zijn instinct is bruggen slaan. Met zijn morele ernst overvleugelt hij al snel de tierende Chris, maar het evenwicht in de wijk blijkt zeer fragiel.

Toch is Les Misérables hoopvol. In de banlieue woekert een veenbrand van wrok en rancune, maar er is een vrijwillige brandweer en met genoeg water en bemesting kan er zelfs iets moois groeien. Zelfs de jonge raddraaier Issa, katalysator van veel ellende, wil er gewoon bijhoren: zie hem in het begin maar in tricolor juichen bij de Franse voetbalzege op het WK van 2018.