Masja (Vasilisa Perelygina, links) en Ija (Viktoria Mirosjnitsjenko) houden elkaar overeind in een gebrutaliseerd Rusland na de Tweede Wereldoorlog, in ‘Beanpole’.

Foto Liana Mukhamedzyanova

Interview

‘De verwoesting van oorlog zie je in de gezichten’

Kantemir Balagov ‘Beanpole’ is een heftige film over twee wankele Russinnen net na de oorlog. „Ik hoop dat één veteraan het voor mijn film opneemt.”

In een Leningrads hospitaal doen eind 1945 gewonde Sovjetmilitairen dieren na voor kleutertje Pasjka (Paultje). Nu jij, roepen ze. Doe maar een hond. Pasjka kijkt beduusd, een soldaat bedenkt: „Waar kan hij een hond hebben gezien? Die zijn allemaal opgegeten.”

Wanneer moeder Masja van het front terugkeert, hoort ze dat Pasjka inmiddels is overleden. „Kom op”, is haar reactie. „We gaan dansen.”

Gevoelloos? „Dat is trauma”, zegt de 28-jarige regisseur Kantemir Balagov. „Wanneer je in de beste jaren van je leven continu geliefden en vrienden om je heen ziet sterven, raak je onthecht.” Beanpole (Dylda) van het Russische wonderkind Balagov valt in mei op het filmfestival van Cannes in de prijzen. Net als zijn debuut, het claustrofobische Tesnota (‘Nabijheid’), waarin het Joodse meisje Ilana anno 2000 door het etnische mijnenveld van Balagovs Kaukasische geboortestad Naltsjik navigeert.

Lees ook het interview met Kantemir Balagov over ‘Tesnota’

Beanpole is al even claustrofobisch. We zijn bijna altijd binnen: in de kommoenalka – groepswoning – waar twee afgezwaaide vrouwelijke militairen, Ija (Viktoria Mirosjnitsjenko) en Masja (Vasilisa Perelygina), eind 1945 een kamer delen. En we zijn vaak in het ziekenhuis waar ze werken. Alleen als vrijer Aleksander Masja aan zijn ouders voorstelt, twee partijbonzen, opent zich even een grote, besneeuwde wereld. Beanpole is een dwingend gestileerde film, ook qua licht en kleur.

De bonenstaak is Ija: gesloten, onhandig en bruusk. Door een hoofdwond lijdt zij aan absences. Ze staart dan in de verte en maakt klokkende geluidjes – en zo smoort ze ongewild Pasjka, de zoon van haar vriendin Masja, die extravert, fel en ondernemend is. Als Masja van het front terugkeert, wil ze dat Ija een nieuw kind voor haar baart; iets warms dat van haar is. Zelf verloor Masja haar baarmoeder. En Ija? Die wil Masja.

Beanpole is een stille, heftige film over twee wankelende vrouwen die elkaar overeind houden in een gebrutaliseerd Rusland dat nergens meer van opkijkt. Een gedurfde film, want onder Poetin is de herdenking van de ‘Grote Vaderlandse Oorlog’ op Veteranendag (9 mei) uitgegroeid tot dé nationale feestdag. Beanpole gaat niet over helden en glorieuze herinneringen, maar over beschadigde zielen die in de mist ronddwalen.

Als ik de debuterende Russische actrices Viktoria Mirosjnitsjenko en Vasilisa Perelygina in Cannes de vraag stel, dalen hun stemmen een octaaf: gegiebel wordt geagiteerd gefluister. De vraag: wat zullen Russische oorlogsveteranen van de film vinden? Perelygina: „Wij zijn daar eerlijk gezegd nogal bezorgd over. We spelen bepaald geen standaardvrouwen die stoïcijns reageren op de gruwelijkheden. Nu u dit zo vraagt, word ik best bang.”

Regisseur Kantemir Balagov: „Ik zou dolgelukkig zijn als één veteraan het voor mijn film opneemt.” Ook al omdat de relatie van Ija en Masja een lesbische component heeft. „Het huidige Rusland is zeer homofoob. Beanpole is privaat gefinancierd, zo’n film zal de overheid niet snel subsidiëren. Al vind ik het onjuist de relatie van Ija en Masja tot lesbisch te reduceren. Het gaat om beschadigde mensen die zich aan elkaar vastklampen, niet over seks.”

Inderdaad: toen Beanpole in juni in Rusland uitging, waren in de sociale media termen als ‘pervers’, ‘ziek’ en ‘lesbische propaganda’ te lezen. Maar in oktober was het wel de Russische inzending voor de Oscar: cultureel lijkt weer een lichte dooi ingetreden.

Balagov denkt dat het lastig is je echt te verplaatsen in een generatie die hongersnood, zuiveringen en een genocidale oorlog overleefde. Hij liet zijn actrices de schrijver Andrej Platonov lezen om ze gevoel te geven voor Russische spreektaal rond 1945. „Die klinkt in onze oren erg kunstmatig.” Ook lazen ze De oorlog heeft geen vrouwelijk gezicht van Nobelprijswinnaar Svetlana Aleksijevitsj, waarop Balagov zijn film baseert. Dat boek is een hartverscheurend mozaïek van oorlogsherinneringen van vrouwen die soms meevochten. Aleksijevitsj schetst een fysiek en emotioneel geknakte generatie.

Lees ook het portret van Svetlana Aleksijevitsj dat Michel Krielaars schreef toen zij de Nobelprijs voor de Literatuur won

Kantemir Balagov: „Mijn generatie durft het daar niet echt over te hebben, vermoedelijk terecht. Het is al snel: hoe durf je? Toch verklaart het ook ons land, hoe we zo werden. Al was ik bij deze film nooit bezig met een actuele boodschap. Ik wilde twee echte personen in 1945 tot leven wekken, want zo zie ik Ija en Masja.”

Uw film kent een ongewone esthetiek. Het licht is melkachtig, de kleuren zijn rood en groen, een onprettige combinatie.

„Bij Tesnota was het doel fotorealisme, hier kunst. Kleur gebruik ik als ritme. In mijn ogen gaat Beanpole over de strijd tussen trauma en leven. Rood is trauma, groen het leven. Maar ik ben nooit zo bezig met betekenis of stijl, het gaat mij erom hoe een film voelt. Film is een product van emoties, niet van redeneringen.”

Hoe schiep u het Leningrad van 1945?

„Door met oude mensen te praten over praktische zaken. Schoren vrouwen hun benen? Welk ondergoed kon je krijgen ? We doken ook de archieven in voor foto’s. Bij elke foto checkten we of dit echt was of geënsceneerd, want dat is vaak het geval.”

Wie is de hoofdpersoon van ‘Beanpole’?

„In principe Ija, maar later toch Masja. Ze zijn een soort compositie. Ija de bonenstaak met haar geremde, onhandige gevoelsleven, Masja de handige, maar beschadigde opportunist. Hoe ik mij hun toekomst voorstel? Ooit gaan ze zich realiseren dat hun wonden nooit zullen helen, denk ik. Maar dat hun trauma ze ook voedt, sterk kan maken.”

Uw film speelt in de Sovjet-Unie onder Stalin. Toch zien we weinig communisme.

„Ik geloof dat cinema zich moet afspelen buiten tijd en plaats. Het gaat niet over politiek. Zo laat ik ook bewust geen ruïnes of bomkraters zien. De verwoestingen van de oorlog zie je niet in het landschap maar alleen in de gezichten. Dat zijn keuzes die je maakt.”