Fish en Voronina verrassen, Nederland heerst op 1.500 m

Schaatsen Na een stroef begin slaan de Nederlandse schaatsers laat toe op de WK, met goud voor Ireen Wüst, Kjeld Nuis en Jorrit Bergsma.

Sjinkie Knegt (derde van rechts) in actie tijdens de 5.000 meter relay bij de wereldbeker in Dordrecht. Nederland werd tweede.
Sjinkie Knegt (derde van rechts) in actie tijdens de 5.000 meter relay bij de wereldbeker in Dordrecht. Nederland werd tweede. Foto Vincent Jannink

Zo dominant als de afgelopen jaren is de Nederlandse schaatsploeg niet meer, maar een lange eindsprint op de WK afstanden in Salt Lake City, met drie individuele wereldtitels op de slotavond, maakte veel goed.

Gouden medailles voor Ireen Wüst en Kjeld Nuis, beiden op de 1.500 meter, en een wereldtitel op de massastart voor Jorrit Bergsma zorgden ervoor dat de Nederlandse ploeg toch nog tevreden kon terugkijken op het toernooi op ’s werelds snelste ijsbaan.

Op de individuele nummers had eerder in het lange weekend alleen Jutta Leerdam vriend en vijand verrast met haar titel op de 1.000 meter. Met haar tijd (1.11,84) was ze net boven het wereldrecord (1.11,61) van Brittany Bowe gebleven.

Ook de ploegachtervolging bij de mannen, met Sven Kramer, Douwe de Vries en Marcel Bosker, leverde goud op, en wél een wereldrecord: 3.34,68. Het oude record stond eveneens op naam van Nederland. Kramer reed in 2013 op dezelfde baan met Jan Blokhuijsen en Koen Verweij naar een tijd van 3.35,60.

Wereldrecords

Maar de show, zeker als het om de tijden ging, werd vooral gestolen door buitenlandse rijders. Zo sloeg de Rus Pavel Koelizjnikov, eerder al winnaar van de 500 meter, zaterdag keihard toe op de 1.000 meter: zijn wereldrecord (1.05,69) deed de Nederlandse concurrentie – onder wie oud-recordhouder Nuis (zilver) – verbleken. Thomas Krol eindigde als derde, maar werd gediskwalificeerd wegens het hinderen van zijn tegenstander.

Op de twee langste afstanden, waarop de Nederlandse schaatsers decennialang de dienst uitmaakten, vond op de Olympic Oval van Utah een wisseling van de wacht plaats. De 5.000 meter was al een prooi voor de Nederlandse Canadees Ted-Jan Bloemen, de 10.000 meter kreeg een zeer verrassende winnaar, ook uit Canada. Graeme Fish (22), uit het stadje Moose Jaw, zorgde voor een stunt met goud en een wereldrecord: 12.33,86. Oud-recordhouder Bloemen (12.36,30 in 2015) werd tweede, de Duitser Patrick Beckert pakte het brons.

Het was voor het eerst sinds de eerste editie van de WK afstanden, in 1996, dat de langste afstand niet door een Nederlander werd gewonnen. De serie begon met Gianni Romme (4x goud), en ging via Bob de Jong (5x) en Carl Verheijen (2x) naar Kramer (5x) en Bergsma (3x). Bergsma eindigde dit keer als vierde (12.48,45), Patrick Roest werd achtste (13.03,90).

Fish, die met Bloemen traint onder de Nederlander Bart Schouten, had nog nooit een internationale wedstrijd gewonnen voordat hij wereldkampioen werd. „De progressie die ik dit seizoen heb gemaakt, is niet te bevatten”, zei hij tegen de NOS. „Ik moet met name Ted-Jan Bloemen en mijn coach Bart Schouten dankbaar zijn. Zonder hen had ik hier nu niet al als wereldkampioen en wereldrecordhouder gestaan.”

Ook bij de vrouwen was er een verrassing op de langste afstand. Niet de Tsjechische Martina Sablikova won de 5.000 meter, maar de Russische Natalia Voronina, in een wereldrecord: 6.39,02. Sablikova haalde zilver, het brons was voor olympisch kampioen Esmee Visser.