Opinie

Slaat Netanyahu op tijd een Arabische leider aan de haak?

Alweer naderen Israëlische verkiezingen. Carolien Roelants ziet dat premier Netanyahu op de Arabische wereld mikt om zijn kansen te verbeteren.

Dwars

Gaat Netanyahu vóór de verkiezingen van 2 maart deze of gene Arabische leider aan de haak slaan? Ik ben niet helderziend – ach, wat zou dat handig zijn in mijn baan. Maar ik weet wél dat de Israëlische premier daarvoor bijna letterlijk een moord zou doen, als steun in de rug in de stembureaus. De vorige twee verkiezingen (9 april en 17 september 2019) eindigden immers onbeslist tussen zijn Likud en Gantz’ Blauw en Wit. En dit keer móét hij winnen. U denkt toch niet dat de Israëliërs nog een vierde verkiezing willen?

Ja, het gonst dezer dagen werkelijk van de speculaties over dergelijke toenaderingen, soms, zo vermoeden Israëlische analisten, door Netanyahu zelf op het net gezet. Maar er zijn ook echte ontmoetingen. Voor ik u op het verkeerde spoor zet: het gaat niet om liefde voor Netanyahu of zijn premierschap of zelfs voor Israël. De Arabische kant wil via Israël toegang tot president Trumps grote hart en vandaar uit naar keiharde tegenprestaties. Voor wat hoort wat.

Zo’n echte ontmoeting was die op 3 februari in Oeganda tussen Netanyahu en generaal Burhan, voorzitter van de soevereine raad die de komende drie jaar het presidentschap van Soedan waarneemt. Burhan heeft volgens een Israëlische zender tegen een Soedanese krant gezegd dat hij tot God had gebeden hem een teken te geven of het in orde was om met Netanyahu te gaan praten. „God gaf me het gevoel dat ik hem moest gaan ontmoeten.” Hm.

De keiharde tegenprestatie die generaal Burhan wil, is dat Amerika Soedan schrapt van de lijst van staatssponsors van terrorisme. Daarop staat het sinds 1993, toen wijlen Osama bin Laden en de zijnen er plezierig woonden en complotteerden. Daardoor kan het huidige overgangsbewind in Khartoum geen hulp krijgen van het IMF en andere instanties, terwijl het zulke steun juist broodnodig heeft om zijn economie uit het slop te halen.

Burhan had dan wel van tevoren met God gesproken, maar niet met zijn premier, die nogal ontstemd was. Het ligt allemaal delicaat in Soedan, wat ook blijkt uit Burhans ontkenning dat een geleidelijke normalisering van de relaties is overeengekomen, zoals Netanyahu zei. „We spraken niet over normalisering, maar over een relatie van vriendschap met de hele wereld”, zei Burhan later.

Ook aardig: de drietrapsregeling die Netanyahu volgens Israëlische media heeft voorgesteld waaronder 1) de VS de Marokkaanse annexatie van de Westelijke Sahara erkennen; 2) Marokko de relaties met Israël normaliseert; en 3) Netanyahu op bezoek in Rabat gaat, vóór de verkiezingen natuurlijk. Marokko heeft het niet ontkend, maar ook niet bevestigd. Ik vraag me af, wat zou Marokko met zo’n erkenning opschieten? Internationaalrechtelijk verandert er niets.

Maar de hoofdprijs zou natuurlijk een non-agressiepact met Arabische Golfstaten zijn – de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Katz zei in december dat Israël en Amerika daar samen hard aan werken. Ik denk (maar ja, dus niet helderziend) dat het niet gaat lukken. Waarom zouden ze? Het zou een hoop gedoe over de Palestijnse kwestie opleveren, beschuldigingen van verraad en zo, iets waarvan bijvoorbeeld de Saoedische koning helemaal niet houdt. En de onofficiële verhouding zoals die nu bestaat, werkt prima.

Volgens de peilingen van de Arab Barometer (kijk even op arabbarometer.org) geloven maar weinig Arabische burgers dat toenadering tot Israël voordelig is voor de regio. Maar u weet, burgers tellen nauwelijks mee in de afwegingen van hun leiders.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.