Reportage

In Farmsum vrezen ze voor de wekelijkse ontploffing

Fabriek Delfzijl en de provincie willen geen gezondheidsrisico’s door de productie van siliciumcarbide. Probleem: fabrikant ESD-SIC heeft al sinds 1973 een vergunning.

Gemiddeld eens per week ontploft één van de 24 ovens van ESD-SIC nabij het Groningse dorp Farmsum.
Gemiddeld eens per week ontploft één van de 24 ovens van ESD-SIC nabij het Groningse dorp Farmsum. Foto Kees van de Veen

In het filmpje lijkt het alsof de meiden van 14, 15 en 16 in een grote plas modder zijn gesprongen. Gezichten vol bruine spikkels, vieze broeken. „Echt pittig, heftig”, zegt één van hen in de camera.

In feite zijn ze vrijdagochtend 7 februari fietsend naar school in het Groningse Woldendorp met ‘stof’ van chemisch bedrijf ESD-SIC in aanraking gekomen door een stofexplosie. De bruine vlekken zijn een mix van voornamelijk zand en petroleumcokes, de grondstoffen die de fabriek gebruikt.

Gemiddeld eens per week ontploft één van de 24 ovens van ESD-SIC nabij het Groningse dorp Farmsum. Daardoor ontstaan steekvlammen en zwarte wolken. Die laatste bereiken soms hoogtes van honderd meter. Wie te dichtbij is, loopt kans op „sproeten”, zoals een van de meiden het in het filmpje noemt.

Noord-Groningen is de afgelopen maanden in de ban van de ‘blazers’, zoals het bedrijf (honderd medewerkers, 40 à 50 miljoen omzet) de stofexplosies noemt. Die doen denken aan zware ontploffingen of – zoals het Dagblad van het Noorden het in een hoofdredactioneel commentaar beschreef: „Een bombardement in Aleppo.” Na een zware blazer is in de wijde omtrek van de fabriek een laagje zwarte stof te vinden, tot irritatie van omwonenden, booteigenaren en bestuurders.

De lokale autowasserij heeft zelfs speciale sponsjes ingeslagen om de korreltjes uit de autolak te poetsen. „Na een blazer staan de werknemers van de fabriek hier in de rij met hun auto’s”, zegt Nigzar Hikmat. Ofschoon hij profiteert van de blazers, is Hikmat er niet blij mee. „Mijn gezondheid is belangrijker dan geld.”

Mogelijk kankerverwekkend

Begin 2019 werd de zaak op scherp gezet toen bleek dat bij blazers vezels vrijkomen die volgens de GGD mogelijk kankerverwekkend zijn. Hoewel de kans dat iemand er ziek van wordt zeer klein is, schudde de ontdekking de omgeving wakker. Voor de provincie was het de druppel die de emmer deed overlopen: ze zou een dwangsom van 250.000 opleggen, elke keer als er vezels zouden worden gemeten.

Maar bijna een jaar later is nog steeds sprake van blazers én uitstoot van vezels – en het is vooral duidelijk dat je als overheid bij zeer ongewenste situaties niet zomaar kunt ingrijpen.

In het kantoor van ESD-SIC, aan de rand van het fabrieksterrein, ontvangt directeur Richard Middel (geen familie van de auteur) de verslaggevers opgewekt. Op tafel ligt een brokje siliciumcarbide – het product dat de fabriek maakt. Het materiaal wordt gebruikt als korrel op schuurpapier en voor vuurvaste producten, zoals de emaillen pannen van Le Creuset of als wandbekleding in verbrandingsovens. Het brokje heeft nog het meest weg van een pikzwarte glinsterende diamant. Wereldwijd zijn slechts een handvol siliciumcarbidefabrieken te vinden. „Wij zijn de meest energiezuinige en milieuvriendelijke producent ter wereld”, zegt Middel.

Lees ook deze reportage uit Wijk aan Zee, dat worstelt met de grafietregens van Tata Steel

Grondwater

Hoe de blazers precies ontstaan, weet eigenlijk niemand. Middel: „In een oven van 2000 graden kun je niet kijken, laat staan een camera ophangen.”

Wel heeft hij een „werkhypothese”. Siliciumcarbide wordt gemaakt in grote ovens, die als zwarte bulten op het fabrieksterrein liggen. Zand en petroleumcokes worden daarin onder hoge temperatuur gemengd. Soms sluipt daar grondwater bij. Als dat door de hitte verdampt, kunnen holtes met gas voorkomen. Door verschillen in druk kan in dit soort holtes een ‘instabiele fase’ ontstaan, waardoor de grondstoffen de lucht in vliegen.

Dat de grondstoffen daarbij dan in de wijde omgeving terechtkomen, komt doordat de ovens tijdens het productieproces alleen bedekt zijn met folie. „Een overkapping bouwen kan niet”, zegt Middel die dat heeft onderzocht samen met de provincie. „Los van de investeringen – het is niet veilig.”

Door de blazer verliest het fabricaat in de betrokken oven zijn waarde en kan Middel beginnen met het zoveelste rondje crisiscommunicatie. „We vinden dit zeer spijtig”, zei hij tegen RTV Noord toen het filmpje van de drie fietsende scholieren openbaar werd gemaakt. „We hebben contact met de families. Als de kleding vies is, zullen we zorgen voor het reinigen ervan.”

Het opvallende aan de ophef: de blazers zijn al sinds 1973 toegestaan volgens de vergunning. In die tijd werden ze gezien als onvermijdelijk deel van het productieproces. Je ontkomt simpelweg niet aan blazers bij het produceren van siliciumcarbide. „Dat is bij alle fabrieken in de wereld zo”, zegt Middel.

Afgezien van de kritiek van enkele bewoners uit omliggende dorpen zijn de blazers decennialang nauwelijks onderwerp van gesprek geweest. Een fabriek levert werk op en dat is broodnodig – daar bestaat in Noord-Groningen zelden discussie over.

Lees ook het interview met Marian Schaapman over een schadvergoeding na het werken met gevaarlijke stoffen

Vezeluitstoot

Die opvatting slaat om in 2018. Uit een nieuw meetnet van onderzoeksinstituut TNO – aangelegd omdat bewoners van omliggende dorpen klaagden over stank – blijkt dat de fabriek siliciumcarbidevezels uitstoot buiten het fabrieksterrein. Dat gebeurt met name bij de blazers. Die vezels zijn mogelijk kankerverwekkend, aldus de GGD. Daarop adviseert rijksmilieudienst RIVM de uitstoot „te voorkomen”, omdat het gezondheidsrisico „niet nul is”.

Dan grijpt de provincie in. Op 16 april 2019 maakt het provinciebestuur bekend een dwangsom van 250.000 euro te eisen als de uitstoot van vezels na acht weken niet is gestopt. Zo’n stevig besluit is volgens de provincie nodig om de fabriek tot verandering te dwingen.

Dan gaat het bedrijf failliet, denkt Middel – die stelt in aanloop naar de bekendmaking nauwelijks contact te hebben gehad met de provincie.

Volgens hem is de productie van siliciumcarbide een „marginale” business. Uit cijfers van de Kamer van Koophandel blijkt dat ESD-SIC in 2018 zelfs 2,5 miljoen euro verlies draaide. En de uitstoot binnen acht weken stoppen kan simpelweg niet, tenzij de fabriek sluit.

Wereldwijd zijn slechts een handvol siliciumcarbidefabrieken te vinden

Dus stapt Middel in juni naar de rechter om in kort geding de dwangsom te voorkomen. Dat is het begin van een ingewikkeld driehoeksspel tussen provincie, rechter en fabriek, met als inzet de vraag: hoe streng mag de overheid optreden wanneer een fabriek plots een stof blijkt uit te stoten waar mogelijk gezondheidsrisico’s aan kleven?

De afgelopen maanden voltrok nagenoeg hetzelfde circus zich twee keer: de provincie probeert de druk op te voeren door een dwangsom op te leggen, de rechter wijst deze af en maant de partijen om de tafel te gaan om te praten over nieuwe voorwaarden in de vergunning. Intussen blijft ESD-SIC ontploffen en vezels uitstoten, tot frustratie van provincie en omwonenden. Het aantal blazers steeg, van 29 in 2016 tot 52 vorig jaar, al zijn er verschillen in zwaarte.

Simpel gezegd vindt de rechter dat ESD-SIC voorlopig niet te hard gestraft mag worden. Hij wil dat de partijen eerst uitzoeken of een vergunning te verzinnen is waarbij de fabriek de uitstoot zoveel mogelijk vermindert en vervolgens toestemming krijgt voor die uitstoot.

Meer kennis, beter meten

Gevraagd door NRC de zaak te bestuderen, zegt advocaat Anna Collignon, milieuspecialist bij advocatenkantoor Stibbe, niet verbaasd te zijn. Dit soort kwesties komen volgens haar de laatste jaren vaker voor. „Er komt meer kennis over verschillende stoffen en de effecten ervan, en de meetmethoden worden eveneens beter.”

Vaak gaat het volgens haar ook om lozingsvergunningen. Uit onderzoek van Rijkswaterstaat bleek medio vorig jaar bijvoorbeeld dat driekwart van dit soort vergunningen niet meer actueel was.

Als een nieuwe stof wordt aangetroffen of een stof blijkt schadelijker dan verwacht, zitten overheden volgens Collignon al snel met de vraag: wat kunnen we hiermee? Soms leidt dat tot hoge dwangsommen of pogingen een vergunning in te trekken. Maar voordat je een fabriek mag sluiten, moet je hebben aangetoond dat de milieuschade „niet slechts ongewenst, maar ontoelaatbaar nadelig” is, zegt Collignon. „Dat is een heel strenge toets.”

Bij voorkeur worden eerst andere opties bestudeerd. Valt een stof wel écht buiten de vergunning? Of, zoals bij ESD-SIC: valt een vergunning zo op te stellen dat de uitstoot zo veel mogelijk wordt verminderd?

De provincie Groningen en het bedrijf probeerden daar de afgelopen maanden uit te komen. „We respecteren het oordeel van de rechter, maar zijn wel wat verbaasd”, zegt provincie-ambtenaar Marco Deenik, verantwoordelijk voor milieuzaken. Volgens hem moet de uitstoot, en dus het aantal blazers, simpelweg zo snel mogelijk omlaag. Maar juist op dat punt krijgt ESD-SIC in de ogen van de provincie steeds uitstel, terwijl er weinig lijkt te veranderen.

Lees ook dit onderzoeksverhaal over de arbeidsomstandigheden bij AAF International in Emmen: Na elke werkdag hadden de fabrieksarbeiders hoofdpijn en groen haar

Drainage

Op een plattegrond van de fabriek toont directeur Middel welke sloten de afgelopen tijd allemaal zijn gegraven. Hij heeft zijn hoop gevestigd op drainage: als het terrein minder nat is, zou minder water in de ovens kunnen komen. Volgens de directeur is de heftigheid van de blazers al afgenomen. Maar aan de hoeveelheid is de afgelopen tijd vrijwel niks veranderd.

In de vergunningaanvraag die ESD-SIC dit voorjaar indient, stelt de fabriek nog meer afwateringsmaatregelen voor. De provincie zegt te bekijken waar het bedrijf mee komt, maar sluit een nieuwe afwijzing, en een nieuwe rechtszaak, niet zomaar uit.

Sluiting van de fabriek, inclusief gevoelig banenverlies in een krimpgebied, dreigt nog steeds. „Daar zijn we absoluut niet op uit”, zegt gedeputeerde Tjeerd van Dekken (milieu, PvdA). „Maar de verantwoordelijkheid om veilig te produceren en ervoor te zorgen dat omwonenden geen gezondheidsrisico’s lopen, ligt bij het bedrijf.”

Correctie (17 februari 2020): In een eerdere versie van dit artikel stond vermeld dat ESD-SIC sinds 1974 bevoegd is te werken met siliciumcarbide. Dat moet 1973 zijn, en is hierboven aangepast.

De fabriek van ESD-SIC nabij het Groningse dorp Farmsum. Foto Kees van de Veen