Recensie

Eigenzinnig orkestwerk van de 89-jarige icoon Theo Loevendie

Recensie Het Radio Filharmonisch speelde in de NTR ZaterdagMatinee een nieuw orkestwerk van Theo Loevendie (89). La calle bleek heerlijk eigenzinnig en allerminst bejaard.

Theo Loevendie (89) thuis in Amsterdam in 2017.
Theo Loevendie (89) thuis in Amsterdam in 2017. Foto Lars van den Brink

Op de dag dat de NTR ZaterdagMatinee afscheid nam van het ene icoon, klonk voor het eerst nieuw werk van een andere. Reinbert de Leeuw, die vrijdag op 81-jarige leeftijd overleed, was decennialang een graag geziene gast in de serie, als dirigent en pianist, maar ook als componist. Artistiek leider van de Matinee Kees Vlaardingerbroek eerde De Leeuw met een in memoriam, ingeschoven in het programmaboekje bij de wereldpremière van Theo Loevendie’s La calle.

Loevendie en De Leeuw: twee geboren Amsterdammers, uit verschillende milieus, die ieder hun stempel op de Nederlandse muziek hebben gedrukt.

Lees ook: Reinbert de Leeuw wees de weg naar muzikaal avontuur

De Leeuw vooral als gids, bewonderaar en uitvoerder, óók van Loevendie’s muziek, bijvoorbeeld bij diens tachtigste verjaardag in 2010; Loevendie als jazzmusicus en componist van een rijk en vrolijk buiten de lijntjes kleurend oeuvre, waaraan hij zaterdag heerlijk eigenzinnig, allerminst bejaard orkestwerk toevoegde.

Over straat wandelen

La calle (‘de straat’) is een passacaglia. Dat woord is afgeleid van Spaans voor ‘over straat wandelen’: alle instrumenten kiezen hun eigen pad over een bestrating van vaste basnoten.

Loevendie schrijft voor zijn jazzband in Café Welling tegenwoordig aan de lopende band passacaglia’s en voelt zich overduidelijk kiplekker bij die vorm, die hij helemaal naar zijn hand zette, waarbij de baslijn ook naar andere registers reisde en sowieso werd bedolven onder ideeën. De gelijktijdigheid van muzieken deed soms zelfs denken aan Charles Ives.

De opening was ijzersterk: de grote trom en het lage koper speelden een dreigend, moddervet riff, met schmierende glijers in de trombones. De contrabassen fluisterden vervolgens bijna teder hun lijn, waarna het hele orkest bronstig aanzwol. Wie al deze flaneurs en wandelaars waren mocht eenieder zelf verzinnen.

Lees ook: Theo Loevendie: ‘Ik heb een avontuurlijk leven geleid’

Het was een beetje hollen of stilstaan, maar dat paste goed bij het uitgangspunt van La calle, en het uitstekende Radio Filharmonisch gaf de noten vleugels, met veel mooie soli voor onder meer trompet en klarinet. En hoe Loevendie tot besluit een speeldoosje van piano, harp en glockenspiel aan een showtune monteerde was verrukkelijk.