Toch geen kunst op perron 13

Seinhuis Amsterdam CS Een vergevorderd plan voor kunst op het Centraal Station in Amsterdam strandde op vrees voor censuur door NS.

Voormalig seinhuis op perron 13 van het Amsterdamse Cantraal Station dat een platform voor video- en dichtkunst zou worden
Voormalig seinhuis op perron 13 van het Amsterdamse Cantraal Station dat een platform voor video- en dichtkunst zou worden Foto Stichting Overholland

Seinpost Over Holland, het leek zo’n fantastisch idee. Een nieuwe, hedendaagse vorm van ‘openbaar kunstbesef’: een voormalig seinhuis op perron 13 van het Centraal Station in Amsterdam zou met een reeks van led-schermen een platform voor video- en dichtkunst worden. Een cultureel baken dat „hoopvolle signalen over het culturele en maatschappelijke landschap in Nederland” zou gaan verspreiden. Gedichten, teksten en video’s die aanleiding zouden geven voor een glimlach, twijfel, hoop, verwondering of overpeinzing – een onverwacht cadeautje voor de tienduizenden reizigers die dagelijks Amsterdam CS bevolken.

Na vijftien maanden overleg met de Nederlandse Spoorwegen leek niets de verwezenlijking nog in de weg te staan. De grote Nederlandse musea en kunstopleidingen hadden hun medewerking toegezegd en zouden ook participeren in de redactieraad. De Stichting Over Holland zou het project financieren. En de essentiële afspraken over de te verspreiden culturele boodschappen stonden op papier. Handtekeningen onder het contract, en het project had een dezer dagen voor een periode van minstens drie jaar van start kunnen gaan.

Maar Seinpost Over Holland komt er niet, althans niet op spoor 13 van Amsterdam CS. Op 20 januari liet Jan Christiaan Braun, de oprichter van Stichting Over Holland, de NS per brief weten dat de stichting het projectvoorstel heeft ingetrokken. De reden: vrees voor censuur door NS. Ondanks eerdere afspraken over de inhoud van Seinpost Over Holland kwam het vervoersbedrijf op het laatste moment met een goedkeuringsprocedure die voor de stichting onacceptabel was.

NS wilde de door de redactieraad goedgekeurde films en teksten vooraf toetsen om vervolgens „ernaar te streven binnen maximaal 5 werkdagen” te beslissen of die mochten worden verspreid. „Een totaal onwerkbare en onaanvaardbare situatie”, aldus Braun in zijn brief aan NS. Zo’n tijdrovende procedure maakt inspelen op de actualiteit per definitie onmogelijk, staat in de brief. De procedure zou bovendien de samenwerking met de musea en kunstacademies frustreren.

Brauns conclusie in de brief: „De rol van de redactieraad en een ongewenste goedkeuringsprocedure die duidt op censuur, zijn van zo’n essentieel belang dat wij geen vertrouwen meer hebben in het tot stand komen van een vruchtbare samenwerking.”

Scherpzinnige denkers

Uit het projectvoorstel en de genoemde brief valt op te maken dat beide partijen lang hebben onderhandeld over de inhoud van het cultuurbaken. Een door de Stichting Over Holland samengestelde redactieraad van „smaakmakers en scherpzinnige denkers” zou verantwoordelijk worden voor de selectie. De NS was ook voor deze raad uitgenodigd.

„Visuele poëzie, zonder geluid” was het uitgangspunt voor de bewegende beelden. De leeskrant, met dagelijks een andere basistekst, zou mikken op het aanspreken van reizigers „die niet gewoon zijn een gedicht te lezen of een museum, theater of concert te bezoeken”. Commerciële uitingen en platte tegeltjeswijsheden waren taboe verklaard.

De redactieraad zou rekening houden met het gemêleerde internationale publiek op het station. Dat blijkt uit een door de stichting opgesteld kader voor de redactieraad. „De content mag niet strijdig zijn met de goede zeden en de openbare orde, hetgeen in ieder geval betekent dat de content niet racistisch, religieus of van partijpolitieke aard mag zijn, niet mag oproepen tot geweld, geen haat mag zaaien en evenmin de goede naam van het NS concern mag aantasten. Bij twijfel zal de redactieraad over het desbetreffende item met de NS overleggen, die daarvoor een contactpersoon zal aanstellen. De NS kan in dat geval zijn goedkeuring alleen onthouden, indien de content niet voldoet aan de hiervoor genoemde criteria.”

Een „roomser dan de paus tekst” noemde Braun dit uitgangspunt in een mail aan een van de ingewijden in het project. Maar voor de NS bood dit kader kennelijk toch onvoldoende zekerheid, want als reactie kwam het voorstel voor een voorafgaande goedkeuringsprocedure door de NS.

Twitterriool

Het Rijksmuseum, het Kröller Müller Museum, Museum Boijmans Van Beuningen, het Stedelijk Museum Amsterdam en het Kunstmuseum Den Haag hadden toegezegd mee te werken aan Seinpost Over Holland. Studenten van de Nederlandse Filmacademie, de Willem de Kooning Academie, de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en de Akademie St. Joost zouden filmpjes gaan maken.

„Werken aan producties die openbaar getoond worden, geeft studenten natuurlijk vleugels”, zegt René Verouden, de onderwijsmanager van de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Een langlopend project als Seinpost Over Holland had volgens hem „een leerschool op zichzelf kunnen worden voor studenten en docenten”.

Verouden spreekt ook van „een fantastisch gebaar naar het wachtende stationspubliek”. Daar is Boijmans-directeur Sjarel Ex het van harte mee eens. „Tienduizenden mensen per dag die op het station zoekend en wachtend rondlopen en helemaal niet bedacht zijn op iets anders dan de werkelijkheid van treinen en perrons. Een mooiere manier om reizigers met kunst te confronteren is er toch niet?”

Braun heeft alle betrokken musea en academies afschriften gestuurd van zijn brief aan NS waarin hij het voorstel voor Seinpost Over Holland intrekt. Tot nadere toelichting is hij niet bereid; hij geeft nooit interviews.

Sjarel Ex begrijpt de door NS verlangde goedkeuringsprocedure niet. „Wat een ongefundeerde angst voor de zeggingskracht en functie van kunst.”

Bart Römer, directeur van de Nederlandse Filmacademie in Amsterdam, noemt de reactie van NS „wat defensief”. „Mijn gevoel is dat de spoorwegen bang zijn voor reputatieschade.” Wat hem betreft een voorbeeld van de nieuwe preutsheid veroorzaakt door de sociale media. „Iedereen vreest het riool van Twitter en Instagram ingezogen te worden.”

Kunst in de openbare ruimte is een groot goed, zegt Römer. „We leven in een land met 17 miljoen inwoners en evenzoveel overtuigingen. Kunst moet een beetje schuren en debat veroorzaken. Alleen pratend kom je tot nieuwe inzichten.”

NS laat in een eerste reactie weten nog in gesprek te zijn met „de kunstenaar”, met wie het bedrijf vermoedelijk de Stichting Over Holland bedoelt. „We zijn ook graag bereid om met hem verder aan tafel te gaan.” Die bereidheid is er niet meer bij de Stichting Over Holland.

Als de NS met dat nieuws wordt geconfronteerd, zegt een woordvoerder dat het „superjammer” is. „Wij zijn een maatschappelijk onderneming, wij eisen het recht om de op het station te verspreiden kunst vooraf te kunnen afkeuren.”

Een zegsman van Over Holland laat weten dat de zoektocht naar een alternatieve locatie voor de ‘seinpost’ is begonnen.