Opinie

Van Merwijk dicht door

Frits Abrahams

Dat was schrikken. Cabaretier Jeroen van Merwijk verstuurde deze week een mail naar ‘Lieve mensen’, waarin hij onthulde dat hij ernstig ziek was. Na een optreden in de Kleine Komedie had hij plotseling iets vreemds in zijn buik gevoeld.

Twee weken later wees onderzoek uit dat hij aan uitgezaaide darmkanker lijdt. Hij is begonnen met „een palliatieve chemokuur die ervoor moet zorgen dat ik nog een poosje onder de mensen ben”. Hij blijft er vrij laconiek en ironisch onder. „Met een beetje mazzel kunnen jullie dus nog een flinke tijd genieten van het veelzijdige genie en morele kompas dat zich nu al bijna 65 jaar Jeroen van Merwijk mag noemen.” Eind dit jaar wil hij nog naar de theaters met een nieuwe voorstelling, laat hij me weten.

Gráág Onze Lieve Heer, want Van Merwijk is een van onze beste tekstdichters, zonder hem wordt het Nederlandse cabaret een Ajax-zonder-Ziyech. (Ja, ik ga ook gebukt onder het harteloze nieuws dat die naar Chelsea vertrekt.) Van Merwijk volg ik sinds een jaar of tien op de voet, nadat ook ik hem te lang veronachtzaamd had. Een groot publiek zal hij nooit bereiken, omdat hij het meer van zijn liedjes – vol spot en zelfspot – dan van zijn conferences moet hebben.

Hij is een even inventieve als productieve tekstdichter. Deze week verscheen zijn boek Was volgend jaar maar vast voorbij (uitgeverij Brooklyn), een verzamelbundel van liedteksten. Een jaar lang schreef hij op zijn Facebook-pagina elke dag een tekst op rijm over een actuele gebeurtenis of ontwikkeling. Hij bestreek een breed spectrum van onderwerpen, van het riskante vreugdevuur in Scheveningen tot de dood van prinses Christina, en wist regelmatig de tijdgebondenheid te overstijgen.

Hij had zichzelf deze dagelijkse verplichting ‘voor de lol’ opgelegd, schrijft hij in zijn inleiding. „Zoals ik alles wat ik heb gemaakt altijd in de eerste plaats voor de lol deed.”

Wegens ruimtegebrek kon ik uit de 365 teksten er maar één kiezen – een onrechtvaardige beperking. Het werd ‘Bevrijding’ over ‘5 mei’. Ik was van plan een venijnige tekst te gaan schrijven Over de treurige staat van ons land En dat zou ik dan lekker eens gaan overdrijven Beweerderig zwaar op de hand

Dat de mensen elkaar niet genoeg respecteren Zo komt de vrijheid vaak in het gedrang Alleen nog maar schelden en niet discussiëren De lontjes zijn kort en de teentjes zijn lang

En ik zou het wel allemaal even vertellen Zo van zo gaat het toch niet langer meer En ik zou jullie een sombere toekomst voorspellen En het is toch een schande meneer

Maar toen ben ik dus eerst in de regen gaan lopen Langs de Merwede en langs de Vecht En ik kwam na een uur of wat half verzopen Op de vrijmarkt in Lombok terecht

En ik zag al die kleuren en geuren en smaken Zwart wit en geel door elkaar En hoe alles daar lekker plezier liep te maken En ik dacht bij mezelf laat ook maar