Necrologie

‘Reinbert de Leeuw zei dingen die je zelf soms dacht, maar niet durfde te zeggen’

De invloed van De Leeuw Vrijdag werd bekend dat componist Reinbert de Leeuw op 81-jarige leeftijd is overleden. Musici die met hem werkten, benadrukken allemaal dat hij alle muziek vanuit volle overtuiging bracht.

Reinbert de Leeuw repeteert met 356 muzikanten in het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Archiefbeeld uit 2011.
Reinbert de Leeuw repeteert met 356 muzikanten in het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Archiefbeeld uit 2011. Foto Andreas Terlaak

„Het was mijn levenswerk een podium te scheppen waarop musici en levende componisten met elkaar in dialoog konden gaan”, zei Reinbert de Leeuw dit najaar in NRC. Musici die met hem werkten benadrukken allemaal dat hij alle muziek die hij bracht met overgave uitvoerde.

„Het staat buiten kijf hoe belangrijk hij is geweest voor de moderne muziek”, reageert componist Michel van der Aa (1970) op het overlijden. Als docent liet hij Van der Aa het werk begrijpen van componisten als Ligeti, Oestvolskaja of Vivier. De Leeuw dirigeerde ook werk van Van der Aa. „Hij was compromisloos in zijn artistieke blik en sloot geen compromissen waar het om vriendschap ging. Ook wij stonden wel tegenover elkaar, maar kwamen twee jaar geleden weer bij elkaar. Deze zomer kwam hij naar mijn virtual reality installatie Eight. Na afloop begreep hij wat de mogelijkheden waren. Dat is hoe ik me hem wil herinneren: kwetsbaar met die VR-bril op, open en gretig om kennis te nemen van wat nieuw is.”

Reza Namavar (1980), van wie einde deze maand in het Concertgebouw een nieuwe compositie ten gehore wordt gebracht die aanvankelijk door Reinbert de Leeuw gedirigeerd zou worden, ziet De Leeuw als de belangrijkste dirigent waar hij mee werkte. „Hij zei dingen die je zelf soms dacht, maar niet durfde te zeggen. Sommigen vonden dat hij daar wel eens te ver in ging, maar hij steunde de componist van wie hij het werk uitvoerde zo enorm, dat was fantastisch. Wanneer een muzikant van je compositie bijvoorbeeld zei dat hij het niet kon spelen, dan ging hij daar niet in mee en zei hij: dan doe je maar alsof!” Het was vooral de manier waarop hij zich kon inleven in wat je bedoelde, zich kon verplaatsen in je compositie. Namavar: „Hij volgde tempo-aanduidingen letterlijk op, waar andere dirigenten wel eens hun eigen tempo verkiezen. Zo secuur als hij was, zag je niet gauw.”

Fantastisch

Dat is ook wat de componist Sander Germanus vindt. „Andere dirigenten hadden ook werk van me uitgevoerd, maar niemand zo goed als hij. Er was altijd commentaar op hoe hij ‘slaat’, zo van 1-1-1- in plaats van 1-2-3, maar wat er qua muziek uitkwam is fantastisch. Ik werk altijd met microtonen en dan zei hij: daar weet ik niks van, toch was het geweldig. omdat hij heel precies was in wat er stond.”

Lees ook de necrologie: Reinbert de Leeuw wees de weg naar muzikaal avontuur

Goeie herinneringen heeft Germanus aan de keren dat hij bij De Leeuw thuiskwam, waar een cd-speler op de grond stond. „Daar zat hij dan op z’n knieën, de cd-speler die niet heel goed werkte en hij vertelde ondertussen over verschillende componisten.”

Dat De Leeuw zijn stokpaardjes had – Rob Zuidam, Vivier, Louis Andriessen – betekende niet dat hij minder aandacht had voor werk dat niet in zijn specifieke hoek paste. „De laatste keer vertelde hij over een compositie waar hij mee bezig was, maar ook dat hij heel erg twijfelde of dat wel goed was. Over zijn eigen composities was hij onzeker, over de opnames van hem als dirigent niet. Toen ik naar het rijtje cd’s bij de cd-speler keek, lagen er allemaal opnames met hem als dirigent, zo was hij dan ook wel weer”, lacht Germanus ter afsluiting van het telefoongesprek.

Ook de sopraan Barbara Hannigan, kwam bij hem thuis om te oefenen voor concerten: „Het was rokerig bij hem thuis. We spraken weinig over muziek. Hij speelde piano en ik zong. Het was erg intiem en kostbaar.”

Ze ontmoette De Leeuw twintig jaar geleden als sopraan en trad ruim 75 keer met hem op: „Ik ben met hem opgegroeid. De muzikant die ik nu ben, ben ik door zijn begeleiding en inspiratie. Hij was voor mij als een heldere ster in de lucht, waar je altijd naar kon kijken als je de juiste richting zocht.”

Cherry Duyns, die met De Leeuw in de jaren 90 de veel bekeken serie Toonmeesters over moderne componisten maakte, vindt vooral de manier waarop De Leeuw een pleitbezorger was voor moderne muziek belangrijk. Hij maakte die toegankelijk ook voor mensen „die misschien niets met dit muziekgenre hebben. Daarin is hij onvervangbaar. Hij was er tot op het laatst mee bezig. Toch besloot hij ook de Matthäus Passion te dirigeren. Dat deed hij met dezelfde intensiteit en bevlogenheid als de moderne stukken.”

„Hij en Andriessen bleven zich ontwikkelen”, benadrukt journalist Max Arian. „En je kon ze gewoon ontmoeten. Ze liepen over straat. Zie dat alsof je Beethoven en Mozart kon ontmoeten, alsof je in Wenen woonde. Ik ben ontzettend dankbaar dat ik dat heb mogen meemaken.”