Recensie

Recensie Muziek

Een militante mix van postpunk en soul

Pop De band Algiers heeft weinig met Algerije, maar alles met een artistieke missie tegen onrecht en ongelijkheid. Zanger Franklin James Fisher is een baken van bezieling.

Algiers in Paradiso, met links Franklin James Fisher.
Algiers in Paradiso, met links Franklin James Fisher. Susana Martins

Het kwam als een opluchting dat zanger Franklin James Fisher tussen de nummers van zijn band Algiers een hartverwarmende glimlach liet zien. Voor het overige was zijn uitstraling grimmig, dreigend, intens en fanatiek, alsof de zwaarte van zijn muziek geen frivoliteit toeliet. Acrobatisch bewegend tussen zangmicrofoon, gitaar, piano, sambaballen en effectapparatuur toonde Fisher een urgentie die een gewoon popconcert te boven ging.

Algiers is op een artistieke missie tegen racisme, ongelijkheid en machtsmisbruik. Een lach is toegestaan, maar alleen wanneer de boodschap met de juiste hoeveelheid kracht de zaal in was geslingerd.

Lees ook: Postpunk en soul voor een verwarrende wereld

De bandnaam Algiers werd acht jaar geleden vrij willekeurig gekozen. Tot voor kort was de band uit Atlanta, Georgia nog nooit in de Algerijnse hoofdstad geweest. Hun muziek is een hoogst eigenzinnige mix van postpunk en soul, met samples die uit een oude mono-cassetterecorder tevoorschijn worden getoverd en de saxofoon van Lee Tesche als een scheepstoeter in de mist. Fishers bezieling is niet die van een prettig in het gehoor liggende soulzanger. Zijn stem is krachtig in het verlengde van militante voorbeelden als Rare Earth of The Undisputed Truth.

Confronterend

Algiers is een band van grote contrasten. Tegenover de heftige punksong ‘Void’ van het recente album There Is No Year staat de contemporaine gospel van ‘Disposession’, over brandschattende politici die Amerika van de gewone man hebben afgepakt. „Freedom is coming soon”, belooft Fisher voordat hij achter de piano plaatsneemt voor de relatief rustige OutKast-cover ‘Liberation’.

Algiers’ hoogenergetische optreden is een confronterend geheel van paranoïde denkbeelden, galmende lawaaiexplosies en smekende soulsongs in een bedding van elektronisch opgewekte ruis en noise. Stil is het zelden bij deze dampende punkrockmachine. De achtergrondzanger beukt zijn tamboerijn tegen de grond alsof hij er vuur uit wil slaan. In het midden staat Franklin James Fisher, een baken van soul op een podium vol constructieve herrie.