‘Vervuiling in de Rijn moet minstens 30 procent omlaag’

Conferentie Ministers uit landen in het stroomgebied van de Rijn kwamen bijeen in Amsterdam. Ze willen meer maatregelen om het overstromingsrisico te verkleinen en de uiterwaarden te herstellen.

De eerste keer dat de Haringvlietsluizen op een kier werden gezet, januari 2019. Daarmee werd de deur voor zalm en andere trekvissen opengezet.
De eerste keer dat de Haringvlietsluizen op een kier werden gezet, januari 2019. Daarmee werd de deur voor zalm en andere trekvissen opengezet. Foto Rijkswaterstaat

De Rijn is vergeleken met vijftig jaar geleden best schoon, maar er is nog een wereld te winnen. „Om de waterkwaliteit verder te verbeteren en de Rijn als bron voor de drinkwaterwinning te behouden, moeten de emissies van microverontreinigingen op de Rijn en zijn zijrivieren voor 2040 met minstens 30 procent worden verminderd.” Aldus een van de maatregelen die de landen in het stroomgebied van de Rijn donderdag in Amsterdam hebben gemaakt.

„Die 30 procent is een flinke kluif. Het is wat de landen haalbaar vinden”, zei minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD), die de zogenoemde ‘Rijnministersconferentie’ leidde.

Je zou uit de maatregel kunnen afleiden dat de Rijn nog altijd behoorlijk vies is, maar dat ligt genuanceerder, zegt directeur Gerard Stroomberg van het RIWA, de vereniging van rivierwaterbedrijven Rijn (drinkwaterbedrijven). „Er is de afgelopen decennia veel bereikt. We komen uit een diep dal, maar het blijft nodig om te voorkomen dat ergens een bedrijf stoffen loost die wij eruit moeten halen. We treffen in het water nog altijd veel natuurvreemde, antropogene stoffen aan.”

Het wordt steeds moeilijker die eruit te zuiveren, zegt Stroomberg. „Het is van belang dat bij de productie van zulke stoffen daarover wordt nagedacht. En heel vaak lukt het bedrijven heel goed die lozingen te beperken als zij daarop worden gewezen.”

Ook meer medicijnresten

Het gaat bij de verontreiniging van Rijnwater niet alleen om lozingen door fabrieken, maar ook om resten van gewasbeschermingsmiddelen, röntgencontrastmiddelen en resten van geneesmiddelen. Van Nieuwenhuizen: „Europa vergrijst en we gebruiken meer medicijnen, dus het wordt een hele kluif om te zorgen dat medicijnen niet in het water terechtkomen. We moeten mensen overtuigen ze niet door het toilet te spoelen maar terug te brengen naar de apotheek.”

Lees ook: De Haringvlietdam zet je niet zomaar op een kier

De waterkwaliteit van de Rijn is slechts een van de kwesties die de Rijnlanden aan willen pakken. Het risico op overstromingen is de afgelopen kwart eeuw, na de overstromingen in de jaren negentig, met een kwart gereduceerd. Er werd door de landen voor 14 miljard aan maatregelen getroffen: meer ruimte voor water, dijkversterkingen, retentiegebieden.

Overstromingsrisico omlaag

Maar dat is niet genoeg, vinden de landen; het overstromingsrisico moet voor 2040 met nog eens 15 procent worden verlaagd. „Dat is haalbaar”, zegt Van Nieuwenhuizen. Ook voor de droogte, die bijna twee jaar geleden de Rijn hier en daar onbevaarbaar maakte, worden „gezamenlijke oplossingen ontwikkeld”. Verder zal ook het stroomgebied van de Rijn een natuurlijker aanblik krijgen; over twintig jaar moet tweehonderd vierkante kilometer uiterwaarden zijn hersteld en zullen oevers over vierhonderd kilometer „natuurlijker” zijn ingericht.

Een overwinning denken natuurorganisaties te hebben geboekt voor de trekvissen. Van Nieuwenhuizen kondigt aan „stappen te zetten” bij het uitbreiden van een visvrije zone rond het Haringvliet. De dam daar staat sinds een jaar af en toe op een kier, zodat zout water naar binnen stroomt en de zalm, symbool van de Rijn, weer de rivier op kan zwemmen, op zoek naar de paaiplaatsen in de Rijn of in de zijrivieren. De zalm wordt bij het Haringvliet helaas veelal weggevangen.

„Wij gaan de minister houden aan wat ze hier heeft gezegd”, reageert Bas Roels van het Wereld Natuur Fonds. Het heeft Nederland twintig jaar discussie gekost voordat de Haringvlietdam eindelijk op een kier werd gezet. Intussen leken miljoeneninvesteringen van Duitsland en Frankrijk om zalmen te kweken en stuwdammen beter passeerbaar te maken gedeeltelijk voor niets; de zalm en andere trekvissen stuitten in het Haringvliet immers op een dichte deur.

Met de opening van het Haringvliet is ook de weg vrij voor nieuwe maatregelen aan stuwen in Frankrijk en Duitsland, zo is op de conferentie aangekondigd. Frankrijk heeft beloofd op nog eens drie plaatsen grootse vispassages te bouwen en er zullen nog minstens driehonderd knelpunten voor de zalm worden weggenomen tussen Haringvliet en Schaffhausen in het noorden van Zwitserland. Succes kan niet uitblijven, stellen de Rijnlanden; er worden zelfs nu al weer elk jaar „honderden zalmen geteld”.