Natuur Marker Wadden ontwikkelt zich goed

Nieuwe natuur Amper drie jaar nadat het eerste zand van Marker Wadden droogviel, zijn er al successen te melden. Veel vogels hebben het gebied ontdekt en het broedsucces is boven verwachting.

De natuur op de nieuwe eilandengroep Marker Wadden ontwikkelt zich „zeer hoopvol”, blijkt uit een eerste onderzoek.
De natuur op de nieuwe eilandengroep Marker Wadden ontwikkelt zich „zeer hoopvol”, blijkt uit een eerste onderzoek. Foto Bram van de Biezen

De natuur op de nieuwe eilandengroep Marker Wadden ontwikkelt zich „zeer hoopvol”. Zowel broedvogels als trekvogels hebben de eilandjes in het Markermeer ontdekt en het broedsucces van visdieven, kluten en dwergsterns is „boven verwachting goed geweest”. Dat concludeert Natuurmonumenten na een eerste ecologisch onderzoek.

De aanleg van het nieuwe stukje Nederland, een idee van Natuurmonumenten, was bedoeld om een forse bijdrage te leveren aan het ecologisch herstel van het enigszins zieltogende gebied. Dat lijkt te lukken. „Amper drie jaar nadat het eerste zand van Marker Wadden droogviel, zijn er al enkele duidelijke successen te melden”, aldus de onderzoekers.

Lees ook: De Marker Wadden: pionieren op een eiland van zand en moerasandijvie

Op het hoogtepunt van de vogeltrek waren er twintigduizend oeverzwaluwen, drieduizend slobeenden en duizend zwarte sterns. De Europese doelstellingen voor zeldzame vogelsoorten worden nu al ruimschoots behaald en ook komen veel paaiende vissen af op beschutte plekken, zoals ondiepe geulen tussen de moerasplanten. Er zijn grondels waargenomen, maar ook larven van blankvoorn, winde, baars en pos. Ook zitten er veel dansmuggen en watervlooien, geschikt voor steltlopers en oeverzwaluwen.

Troebelheid niet verdwenen

De troebelheid van het water, een van de hardnekkige problemen in het Markermeer, is niet verdwenen. Dit vergt „nog meer ontwikkelingstijd”, aldus het rapport. „Op kleine, lokale schaal is evenwel duidelijk dat de helderheid snel kan toenemen.” Er is een twee kilometer lange, honderd meter brede en zes meter diepe geul in de bodem van het Markermeer ten zuidwesten van de eilandjes gegraven. Daarin moet vuil slib zich gaan verzamelen om vervolgens daaruit met enige regelmaat te worden verwijderd.