Morgen eten we techfood

Eten Het voedselsysteem kraakt onder klimaatverandering en een groeiende wereldbevolking. De technologie die ons in de penarie hielp, kan ons dagelijks eten ook redden, verwacht Amanda Little.

Beeld: Uli Westphal

Amanda Little schaamt zich, als ze in Afrika ziet dat haar ideeën over biotechnologie en genetische modificatie geen stand houden. In landen waar klimaatverandering, mislukte oogsten en honger er zó in hakken, heb je als westerling wel heel makkelijk praten als je waarschuwt voor monoculturen, onbekende risico’s van genetisch gemodificeerde gewassen of het imperialisme van landbouwmonopolisten als Monsanto. Je hoeft alleen maar te zien hoe het continent nu geteisterd wordt door de ergste sprinkhanenplaag sinds 1953 en je begrijpt wat ze bedoelt. Eerst eten, dan pas de vraag of het verantwoord is om gewassen zo te modificeren dat ze bestand zijn tegen onkruid, ziektes en plagen.

Elf landen en dertien Amerikaanse staten bezocht onderzoeksjournalist Little voor The Fate of Food (vertaald als: Wat schaft de toekomst?) om te onderzoeken wat de technologie kan inbrengen tegen de gevolgen van klimaatverandering, een groeiende wereldbevolking en een voedselvoorziening die daardoor in het nauw lijkt te komen. Dat lijkt abstract en ver weg, maar als zelfs je bakkie koffie in gevaar is omdat de grond die geschikt is voor koffieplantages door opwarming halveert, komt het wel heel dichtbij.

Littles reis rond de wereld maakt de problemen en oplossingen, die soms eerder wanhoopsdaden zijn, concreet. Een kweker die zijn steeds vroeger bloeiende appelbomen met ventilatoren tegen nachtvorst beschermt, een Chinese biologische teler die gewassen vanuit een kantoor in Shanghai door robots in de gaten laat houden, of techneuten die in New Jersey (VS) zonder aarde of water onder led-licht verbouwen.

Hoe grensoverschrijdend ons voedselsysteem is, blijkt uit alles. Little begint met een hoofdstuk over gevriesdroogd voedsel, dat in eerste instantie aftrek vond onder mormonen, maar nu verkocht wordt aan ‘preppers’ over de hele wereld die zich voorbereiden op de apocalyps. In een ander hoofdstuk gaat ze naar Noorwegen, waar de stuurse Alf-Helge Aarskog een kwart van de mondiale kweekzalm produceert, met alle milieukwesties van dien. Ze beschrijft hoe Nasa zelfs nieuwe landbouwmethoden onderzoekt voor in de ruimte.

In het hele boek duiken Google, Amazon en Microsoft op als investeerders in nieuwe technologie. Of het nu om kweekvlees, plantgenetica, verticale landbouw of gepersonaliseerde voeding gaat: ons voedsel is allang niet meer het domein van (alleen) boeren, op sommige boerderijen zie je eerder gisse ondernemers en software-ontwikkelaars dan groene vingers. De techreuzen investeren niet alleen in vindingen die zich nog moeten bewijzen, ze beheersen nu al een deel van de industrie – zo kocht Amazon twee jaar geleden de supermarktketen Whole Foods. En de vinger van Bill Gates zit diep in de Afrikaanse rijstpap.

Little, die haar eigen mislukte moestuin gebruikt om te laten zien hoeveel valse romantiek er bij landbouw komt kijken, laat bij alle technologische ontwikkelingen die ze onderzoekt haar vooroordelen omver blazen, om daarna ook weer kritiek toe te laten. Aan het eind zegt ze ruiterlijk: „Ik ben genezen van enkele van mijn nostalgische fantasieën, ik wil de industriële landbouw niet meer met wortel en tak uitroeien.” Hoewel er, vindt ze, een plek moet blijven voor een robuust netwerk van kleinschalige lokale boeren, naast efficiëntere grootschalige bedrijven. „We moeten innoveren met nederigheid.”

Onderweg heeft ze de hoop gevonden dat er in de toekomst genoeg voedsel voor iedereen is. Tussen ‘tovernaars’, die al hun kaarten op (bio)tech zetten en ‘profeten’ die in te veel ingrijpen een gevaar zien voor de ecologische balans – een debat dat ook in Nederland gevoerd wordt – zoekt zij de ‘derde weg’, een synthese tussen traditie en technologie, „het oeroude en het fundamenteel nieuwe”.

De vraag wie in 2050 de macht heeft over de voedselvoorziening van de wereld, wordt door Little niet behandeld. Misschien omdat het voor haar nauwelijks nog een vraag is, de grote lijnen tekenen zich al af. Dit boek heet Wat schaft de toekomst? maar de toekomst ligt al op je bord zonder dat je het doorhebt.

Wat schaft de toekomst, Amanda Little (vert. Klaske Kamstra), uitgeverij De Arbeiderspers, 408 blz., 23,99 euro