Recensie

Recensie Boeken

Een internationale bestseller over seks en vrouwelijk leed

In zes rauw getoonzette essays vertelt de Ierse Emilie Pine over zichzelf en haar getroebleerde jeugd. Dit boek, over seks en leed, werd een internationale bestseller.
Emilie Pine
Emilie Pine Foto via uitgeverij

Nieuw, nieuw, nieuw, maar toch niet heel anders: dat is het genre van de vrouwelijke memoir dat nu erg in de mode is. Van Amerika tot aan Australië bepeinzen vrouwen hun wereld, niet in een roman, maar in iets wat doorgaans het midden houdt tussen een dagboek, een zelfhulpboek, een verkenning en een traktaat. Soms gaat het over seks, soms over leed, meestal over allebei, en over normen, waarden en wat een meisje zoal meekrijgt in haar jeugd. Steeds staat het ‘puur persoonlijke’, het ‘authentieke’ voor op, meer dan vormgeving of verbeelding. Het wordt gepresenteerd met een zeker aplomb: dit geldt voor mij, maar vast en zeker ook voor jou. Puur het feit dat het ‘natuurgetrouw’ en o zo vrouwelijk is, maakt het naar het idee van de auteurs in kwestie al direct lezenswaardig. Er is immers te lang gezwegen over ‘vrouwenzaken’, en die ruimte moet nu worden ‘opgeëist’. Hormonen vieren hoogtij, want over ongesteldheid, zwangerschap, miskramen of de overgang moesten vrouwen tot nu toe zwijgen, alle feministische golven ten spijt.

De internationale bestseller op dit gebied heet in vertaling Alles wat ik niet kan zeggen van de Ierse Emilie Pine. In zes rauw getoonzette essays vertelt Pine over zichzelf. Vooral met het eerste hoofdstuk, over haar aan alcohol verslaafde vader, imponeert ze. Middels sprongen in de tijd, waarin ze afwisselend verpleegster, hulpbehoevend kind en haar huidige ik is, toont ze hoe het is en was. Het stuk gaat over loslaten, noodgedwongen. Sterk aan dit stuk zijn de opbouw en de nuchtere toon. De toon is puur registerend, nergens klaaglijk, en daardoor komt een en ander des te harder aan. In de gestileerdheid zit ‘m de kracht. Dit geldt ook voor het stuk dat ze schreef over haar tijd als losgeslagen puber, over de troosteloosheid die ze destijds opzocht, niet bewust, maar ook niet helemaal per ongeluk – ze analyseert dat vrij knap.

Strijdbaarheid

Helaas geldt dit niet voor alle stukken in het boek. Als Pines strijdbaarheid de boventoon voert, krijgt haar proza iets potsierlijks: ‘Beroemd is de truc voor goed schrijven: laat je bloed stromen op papier. Ik stel me de mannelijke schrijver voor die deze uitdrukking heeft bedacht [...]. Wat voor bloed zag hij voor zich? Vast niet het bloed uit een baarmoeder.’ Mannen zouden het niet goed vinden, als je daarover schrijft. De maatschappij moet er niets van hebben, heet het, en meisjes wordt ‘nu eenmaal’ aangeleerd niet te zeggen wat ze voelen en behoeven, en dat ook niet op te schrijven. Dat mógen ze niet, dat kunnen ze niet, dat wordt ze onmogelijk gemaakt.

Dit is gemakzuchtig. Een open discussie erover is niet te voeren: zodra je er iets tegenin brengt ben je meteen verdacht, en, indien vrouw, duidelijk gevangen in je door mannen van jongs af aan gehersenspoelde hoofd (indien man moet je sowieso je bek houden). Irritant, idioot en eveneens gemakzuchtig is de aanname dat alle (witte) mannen wel alles aldoor zomaar durven, mogen en kunnen.

Correctie: In een eerdere versie van dit artikel werd de suggestie gewekt dat Emilie Pine uit Australië afkomstig is. Dat is onjuist: Pine is Ierse.
Lees ook dit opiniestuk over de invloed van menstruatie op het handelen van vrouwen: Je cyclus bepaalt niet wie je bent en hoe je je gedraagt. Dat moet je toch echt zelf doen