Een speler die zo groot is als Lionel Messi kan zijn eigen club gijzelen

Topsportconflict De ruzie die Lionel Messi bij FC Barcelona ontketende roept een vraag op: kan een speler groter worden dan zijn club? „Als je sterspeler zich tegen je keert, dan heb je gewoon een heel groot probleem”, zegt de sportmediator.

Lionel Messi in april vorig jaar in de Champions League.
Lionel Messi in april vorig jaar in de Champions League. Foto Alejandro Garcia/EPA

Er was maar één post op Instagram nodig om een sportclub met een omzet van meer dan een miljard euro in crisis te trekken. Sterspeler Lionel Messi van FC Barcelona keerde zich vorige week via het sociale medium tegen Éric Abidal, de technisch directeur. Hij ontketende daarmee een „interne aardbeving” (El Mundo Deportivo), „een tsunami” (Sport), een „ongekende institutionele crisis” (AS).

Messi was boos over een interview dat Abidal had gegeven. De directeur vond dat sommige spelers niet alles gaven op het veld. Messi vond dat „vies spel” van Abidal – die had volgens hem namen moeten noemen en anders zijn mond moeten houden.

Was hij een onbelangrijkere speler geweest, dan had de club hem simpelweg de deur kunnen wijzen. Naar het oude voetbalprincipe: niemand is groter dan de club. Maar dit was Lionel Messi, een van de beste voetballers aller tijden, die FC Barcelona een volle prijzenkast (vier keer de Champions League, tien keer kampioen van Spanje) bezorgde. Dus gingen volgens de Spaanse pers de telefoons van de bestuursleden uit, moest niet Messi maar Abidal vrezen voor zijn baan en probeert de club ondertussen stilzwijgend de rust terug te brengen.

Lees ook: onrust in Barcelona over het ongenoegen van Lionel Messi

De ruzie bij een van de grootste voetbalclubs ter wereld roept een vraag op die ook voor andere sportclubs van belang is: hoe ga je om met een speler die groter wordt dan de club?

„Als je zo belangrijk bent als Lionel Messi, dan kun je je club gijzelen”, zegt Agnes Vissers. Als sportmediator probeert ze conflicten binnen sportverenigingen en bonden op te lossen en ze is bestuurslid van de Nederlandse handboogbond. Vergelijk de situatie van Messi bij Barcelona met die van iedere andere werknemer in een gewoon bedrijf en je ziet hoeveel macht die ene speler heeft. Vissers: „Messi is een volksheld, een God voor supporters – dat zie je in gewone bedrijven niet snel. Bovendien wint Barcelona zonder hem geen prijzen. Dus het is verdomd lastig om als club niet tegemoet te komen aan zijn eisen als je geen duidelijk afspraken hebt.”

Privileges

Wat volgens Vissers vaak misgaat: extreem getalenteerde mensen worden zo vertroeteld dat ze privileges krijgen die niet meer zomaar teruggedraaid kunnen worden. „Dat kan zelfs gebeuren binnen de handboogbond. Mensen die vanwege hun talent worden gekoesterd en in de watten gelegd kun je bijna niet meer als gemiddelde boogschutter behandelen. Ze voelen dat ze meer kunnen maken en trekken privileges naar zich toe.”

Henk Karman, medeoprichter van de stichting sportmediation en zelf ook bemiddelaar bij sportruzies, gaat bij een dergelijk conflict op zoek naar de „balans in verschillende systemen binnen een grote sportvereniging”. Hij onderscheidt onder meer het bestuur als subsysteem, de directie, de technische stad en het team en vraagt zich af hoe die zich tot elkaar verhouden. Als de balans in één van die grootheden zoek raakt, kan dat invloed hebben op de hele club. Karman: „Bij Barcelona is het duidelijk dat het team is gebouwd rondom het individu Messi maar de oprechte vraag is of Messi nog de kwaliteit heeft om het gehele team te dragen.”

De oorzaak van een ruzie zoals die tussen Messi en Abidal ligt volgens Karman vaak in details. Hij vraagt zich af hoe de onderlinge verhoudingen waren toen de twee nog samenspeelden, hoe Messi is omgegaan met de periode dat Abidal werd geconfronteerd met leverkanker, maar ook welke privileges en zeggenschap Messi heeft binnen de club.

Dát Messi zo belangrijk is voor Barcelona kan een complicerende factor zijn, maar de oorzaak – en dus de oplossing – van de ruzie met de directeur kan ook in een detail liggen, denkt Karman.

Extra lastig is wel dat Messi 142 miljoen volgers kan bereiken met één bericht via Instagram. Vissers: „In dit conflict zijn al heel wat voorwaarden voor een geslaagde mediation – zoals radiostilte en respect voor elkaar – aan diggelen. Je hebt als club gewoon een heel groot probleem als je sterspeler zich tegen je keert.”

Cristiano Ronaldo in het shirt van Real Madrid, in mei 2018. Foto Rodrigo Jimenez/EPA

Romário en geen zin

Weinig spelers zo belangrijk als Messi, weinig clubs zo groot als FC Barcelona. Toch komt het onderliggende dilemma van de onaantastbare sterspeler vaker voor in de sportwereld. Regelmatig gebruiken sterren hun status om meer geld te verdienen. Geestelijk vader van die aanpak is Johan Cruijff, een van de eerste spelers die gebruik maakte van zijn talent als machtsmiddel. In Spanje hebben Lionel Messi en Cristiano Ronaldo (toen hij bij Real Madrid speelde) lange tijd geweigerd om minder te verdienen dan de ander: hun clubs gingen steeds hogere salarissen betalen omdat ze de sterren niet kwijt wilden. Volgens het Amerikaanse financiële magazine Forbes verdient Messi nu het meest: een salaris van 81 miljoen euro in 2019 (plus 31 miljoen aan sponsorinkomsten).

Maar soms gaat het om meer dan geld. Daar kunnen ze bij PSV over meepraten. Van 1988 tot 1993 speelde de Braziliaan Romário de Souza Faria in Eindhoven. Hij begon daar zijn Europese voetbaljaren waarin hij naam maakte als een van de beste spitsen ter wereld. Bij PSV werden ze af en toe stapelgek van hem. Romário had zelden zin om te trainen, kwam regelmatig te laat terug van vakanties, voerde soms bijna niets uit in wedstrijden.

PSV koos er bewust voor om Romário zijn gang te laten gaan. Dus in plaats van hem uit te foeteren, zorgde PSV, in het bijzonder coach Guus Hiddink, dat hij zich thuis bleef voelen. Medespelers werden naar zijn huis gestuurd om hem wakker te maken en op te halen voor de training om 10.30 uur. In televisieprogramma Andere Tijden Sport vertelde Hiddink ooit dat hij zo nodig tegen Romário loog dat hij zélf misschien verkeerd op de klok had gekeken als de Braziliaan weer eens te laat kwam, om hem maar niet te hoeven straffen.

Henk Karman noemt dat een „gevaarlijke situatie”, omdat er maar „één korrel zand in de radar hoeft te komen en je bent verkocht.” Denk aan medespelers die zichzelf te belangrijk vinden om Romário te gaan ophalen, bankzitters die hun ergernis over het vedettegedrag niet langer voor zich kunnen houden en de pers zoeken. Karman: „Het kan héél lang goed gaan, en dat gebeurde bij PSV ook, maar als mediator zie je vooral veel risico’s als een club de oren zo naar een individu laat hangen.”

Mickey Mouse

Romário vertrok uiteindelijk toen de opvolger van Hiddink, Bobby Robson, besloot zijn privileges af te pakken. Op een dag had hij tekeningen gemaakt op een groot bord, die hij ten overstaan van de hele spelersgroep liet zien. Er stond op: de ene dag ben je Péle (met tekening van de Braziliaanse superster), de andere dag Mickey Mouse (portret van het stripfiguur). Het kwam nooit meer goed – Romário vertrok kort daarna naar FC Barcelona.

Kan een club vedettegedrag voorkomen? Heel moeilijk, denken Vissers en Karman. Goede afspraken over de invloed en medezeggenschap van een belangrijke speler kunnen helpen, net als duidelijkheid over wat wel en niet via social media wordt gedeeld. „Maar de honger naar zo’n talentvolle speler is zo groot dat clubs concessies gaan doen”, zegt Karman.

Hij kent één voorbeeld waar het anders liep: bij Manchester United, onder coach Alex Ferguson. Hij stuurde bijvoorbeeld Jaap Stam – op dat moment een van de beste verdedigers ter wereld – weg omdat die in zijn autobiografie kritiek had geuit op de manager. Op een andere sterspeler, David Beckham, werd Ferguson ooit zo boos dat hij een schoen door de kleedkamer schopte – die Beckham ook nog een wond bezorgde.

Jaap Stam in 1999 in actie voor Manchester United. Foto Ben Radford/Allsport

Schoolgenoot Dan Whitelaw vertelde eens in NRC over de werkwijze van Ferguson, Alec voor vrienden: „Als je je autoriteit laat ondermijnen ben je verloren. Alec wist dat. Toon nooit zwakheid.”

Vedettegedrag voorkomen is dus moeilijk, ermee omgaan ook, want de macht van een sterspeler is nu eenmaal enorm. Nóg moeilijker is het om een conflict met een grote speler op te lossen. Vissers: „Dat lukt alleen als beide partijen bereid zijn om hun ego aan de kant te zetten. Dat is natuurlijk lastig in de topsport. Die mensen zijn ook zo ver gekomen vanwege hun grote ego. Toch kunnen ze maar één ding doen. Dat is in het openbaar zeggen: ik zat fout, het spijt me.”