Werken bij de overheid? Liever niet

Personeelswerving Overheidsdiensten hebben moeite personeel te vinden: het imago is slecht. Laat via sociale media zien dat het werk interessant is, klinkt het advies.

Illustratie Rik van Schagen
Illustratie Rik van Schagen

Tim Smit (30) kreeg scheve blikken toen hij in 2016 zijn werk bij een adviesbureau verruilde voor een baan bij de gemeente Amersfoort. „Collega’s zeiden: waarom ga je in gódsnaam naar de publieke sector? Consultant staat toch veel leuker op je kaartje dan ambtenaar?”

Hij had niet verwacht dat de clichés zo hardnekkig waren. Smit: „Ook familie en vrienden suggereerden dat ik een ‘suffe’ ambtenaar zou worden. Met saai werk en veel nutteloze overleggen. En dat ik van tien tot vier zou gaan werken. Ja, mocht ik willen!”

De arbeidsmarkt is historisch krap, en dat merkt ook de Nederlandse overheid. Sinds 2010 groeit het aantal vacatures bij de grootste werkgever van het land sterk. Hierbij gaat het om banen binnen het openbaar bestuur, zowel bij rijksoverheid als op lokaal niveau, en in de openbare veiligheid, zoals bij de politie.

Het binnenhalen – en houden – van vooral jonge werknemers blijkt niet makkelijk: de gemiddelde leeftijd in het openbaar bestuur is 48 jaar. Voor de Nederlandse beroepsbevolking is dat 41 jaar. Ruim 34 procent van de rijksambtenaren (werkzaam voor een ministerie) en 33 procent van gemeenteambtenaren is zelfs 55 jaar of ouder, blijkt uit inventarisaties van gemeenten en Binnenlandse Zaken.

Hoe abstracter een beroep, hoe negatiever mensen zijn

Lars Tummers organisatie-expert

Uitkeringsinstantie UWV publiceert jaarlijks een lijst van moeilijk vervulbare vacatures. De jongste, van september vorig jaar, bevatte voor het eerst beroepen in het openbaar bestuur. Zo zijn voor ruimtelijke ordening en milieu – thema’s waarvoor de laatste jaren meer geld en aandacht is – beleidsmedewerkers lastig te vinden. Maar vooral specialisten waaraan óók in andere sectoren een tekort is, vormen een probleem voor de overheid, zegt arbeidsmarktonderzoeker Freek Kalkhoven van het UWV.

Bij deze beroepen heeft de overheid een streepje áchter als werkgever, zegt hij. Denk aan beveiligers of IT-specialisten. Jongeren haken af doordat ze een slecht beeld van de overheid hebben, en door het vooruitzicht op een lager salaris dan in de commerciële sector. Kalkhoven: „Ze vragen zich af: wil ik bij de overheid werken, of kan ik ook bij een dynamischer bedrijf aan de slag?”

Stereotypen

Ook Lars Tummers ziet dat er vooroordelen over ambtenaren zijn. Als hoogleraar organisatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht doet hij onderzoek naar stereotypen met betrekking tot de publieke sector. Tummers liet 289 studenten zoveel mogelijk karaktereigenschappen van ambtenaren opschrijven. Het vaakst noemden zij ‘bureaucratisch’ (62 keer) en ‘lui’ (51). „De term ambtenaar is natuurlijk heel algemeen, terwijl er grote verschillen zitten tussen een politieagent en een beleidsmedewerker bij de gemeente”, zegt Tummers. „Ik denk dat vooroordelen over de verschillende groepen ook anders zijn.”

Ook in het bedrijfsleven bestaan veel hardnekkige vooroordelen over de publieke sector, zegt Tummers. Zo ondervroeg de Londense Kamer van Koophandel 348 werknemers in de private sector. Slechts 17 procent van hen zag het aannemen van medewerkers uit de publieke sector als een voordeel voor hun organisatie.

Waar komen deze stereotypen vandaan? Daar heeft de Nederlandse politiek een belangrijke rol in, denkt Zeger van de Wal, hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. „Het ‘bashen’ van de bureaucratie is onder politici een populaire methode geworden om stemmen te winnen. Daardoor ontstaat het beeld: met de helft van de ambtenaren kunnen we het ook”, zegt Van de Wal.

Minder eisen

Hoe lastig het vullen van vacatures kan zijn, weet de gemeente Barneveld. Ze had vorig jaar op 450 medewerkers ruim zeventig vacatures openstaan. Vooral moeilijk is het mensen te vinden voor specialistische functies, zoals ook het UWV al vaststelde: een projectleider civiele techniek, een beleidsadviseur milieu of een IT-beveiliger. Kandidaten hiervoor zijn überhaupt schaars, zegt communicatiemedewerker Patricia van Putten, maar het imago van de ambtenaar helpt niet mee. „Ik hoor vaak van jongere collega’s dat ze van tevoren niet hadden gedacht dat werken bij de gemeente zó leuk zou zijn.”

Inmiddels stelt Barneveld bouwprojecten uit, stelt de gemeente minder eisen aan vacatures en denkt personeelszaken over het delen van medewerkers met een andere gemeente, vertelt Van Putten. Zelf ziet ze het meeste heil in beter laten zien wat werken bij de gemeente écht inhoudt. Door jonge medewerkers via sociale media te laten vertellen over hun werk, bijvoorbeeld. „Met foto’s van de werkvloer en zelfgeschreven verhalen van jonge medewerkers kun je de dynamiek van het werk beter overbrengen”, zegt Van Putten.

Geen slechte strategie, denkt hoogleraar Tummers. Mensen zijn namelijk positiever over beroepen waarmee ze ervaring hebben. „Hoe abstracter een beroep, hoe negatiever mensen zijn. Bijvoorbeeld: ambtenaren zijn over het algemeen lui, maar die medewerker bij ons loket is heel goed.”

Mensen kunnen zich slecht voorstellen dat iemand waardevol werk doet, als ze niet weten wát diegene aan het doen is, zegt Tummers. Beter informeren over wat een ambtenaar precies doet voor de maatschappij, kan dus zeker helpen bij het oppoetsen van het imago van de beroepsgroep.

Carrièrebeurzen

Jonge ambtenaar Tim Smit neemt dat serieus. Hij meldde zich als vrijwilliger bij stichting Futur, een landelijke organisatie die zich inzet voor ambtenaren tot 36 jaar. Voor Futur reist Smit nu naar carrièrebeurzen, waar hij met studenten spreekt over de overheid als werkgever. Zo willen stichting en ambtenaar het imago van werken bij de overheid een beetje oppoetsen.

Ook voor zijn jonge collega’s is een taak weggelegd, vindt Smit. „Vertel trots over je werk en wat je allemaal bijdraagt aan de samenleving! Alleen zo kunnen we vooroordelen die niet kloppen bestrijden.”