Recensie

Recensie Muziek

Tegenstellingen vormen de kracht van dit album

De Belgische pianist Julien Libeer houdt van onorthodoxe combinaties. Op een vorig album schitterde naast Haydn en Mozart het Pianoconcertino in klassieke stijl dat de 19-jarige Roemeense pianist Dinu Lipatti in 1936 schreef. Parallelle lijnen, luidde de titel. Zoiets doet Libeer nu andermaal door Johann Sebastian Bach en Béla Bartók gebroederlijk naast elkaar te zetten.

De ‘verantwoording’ in het cd-boek is nogal vergezocht, en niet door hemzelf geschreven, alsof Libeers intuïtieve keuze verstandelijke onderbouwing nodig heeft. Bovendien vormen niet de overeenkomsten, maar de tegenstellingen de kracht van dit album.

Libeer laat Bachs Vijfde Franse Suite en Tweede Partita doorzichtig stromen door een rotsachtige bedding. Ook Bartóks Out of Doors en Opus 16 blijven helder, maar doen eerder denken aan de zwarte spiegeling van een diep bergmeer. De pianist laat horen dat Bartók leefde in een tijd, waarin de mens zocht naar nieuw houvast, naar een alternatief voor de God en ordening van Bach. Dat stemt tot nadenken. Mooi.