Wrevel groeit tussen Turkije en Rusland over Idlib

Strijd om Idlib Door Rusland gesteunde Syrische troepen rukken op. Maar Turkije stuurt versterkingen naar de rebellen.

Syrische rebellen bij het wrak van de helikopter van het Syrische leger die ze zeggen dinsdag te hebben neergehaald, met hulp van Turkse commando’s.
Syrische rebellen bij het wrak van de helikopter van het Syrische leger die ze zeggen dinsdag te hebben neergehaald, met hulp van Turkse commando’s. Yahya Nemah/EPA

De escalerende strijd in de Noord-Syrische provincie Idlib tussen Turkije en het door Rusland gesteunde regime van president Assad stelt het toch al steeds stroever lopende strategische partnerschap tussen Turkije en Rusland zwaar op de proef.

Vrijdag was een Russische delegatie in Ankara aangekomen voor gesprekken met Turkse functionarissen, maar die eindigden dinsdag zonder overeenkomst over een bestand.

Intussen veroverden troepen van het Assad-regime dinsdag in Idlib ondanks inspanningen van de Turken en hun bondgenoten ook het laatste deel van de strategisch zeer belangrijke M5, een snelweg die de vier grootste steden van Syrië met elkaar verbindt.

De crisis tussen de beide diep in Syrië betrokken landen is er één die velen zagen aankomen nadat Turkije in 2018 twaalf observatieposten in Idlib had opgezet om een verdere opmars van het Syrische regime te voorkomen. President Erdogan gokte er al die tijd op dat zijn hechte band met Moskou op het gebied van handel en defensie een confrontatie in Syrië zou voorkomen.

Maar dat lijkt ijdele hoop nu het regime steeds verder oprukt in Idlib, het laatste bolwerk van de gewapende Syrische oppositie. Zeven van de twaalf Turkse observatieposten zijn inmiddels omsingeld. Maandag waren bovendien vijf Turkse militairen gedood bij beschietingen door het regime op een observatiepost, bij Taftanaz. Daar heeft Turkije versterkingen naar toe gestuurd nadat ook vorige week acht Turkse militairen waren gesneuveld toen het Syrische leger een Turks konvooi onder vuur nam.

Tijdens eerdere offensieven in Idlib bewaarde Erdogan zijn toorn steeds voor het regime in Damascus. Maar na de Turkse doden van vorige week haalde hij ook uit naar Rusland, dat hij beschuldigde van „nalatigheid” bij het in toom houden van de troepen van Assad.

Moskou verweet op zijn beurt Turkije dat het had nagelaten de locatie van zijn konvooi door te geven – wat Ankara ontkende. Maar dat valt niet meer vol te houden na de beschieting van de Turkse observatiepost, waarvan de coördinaten bekend zijn in Damascus.

Het strijdtoneel in het noorden van Syrië

Turkse commando’s

De Turkse doden van maandag vielen terwijl de rebellen dreigden met een tegenoffensief om de recente opmars van Assads troepen teniet te doen. Daarbij krijgen ze steun van Turkse militairen in Idlib, die maandag zware artilleriebeschietingen uitvoerden op posities van het regime. Turkse commando’s adviseren de rebellen aan de frontlinie. Dinsdag zouden ze de troepen van Assad iets hebben teruggedrongen en een Syrische legerhelikopter hebben neergehaald. Het zou de eerste substantiële offensieve Turkse operatie tegen het regime zijn sinds het begin van de burgeroorlog.

De dood van de Turkse militairen van vorige week heeft bij de Turkse bevolking tot woedende reacties geleid. Veel Turken vinden dat de president niet genoeg doet om het Syrische regime te stuiten.

Erdogan stelde Damascus vorige week een ultimatum: alle troepen moeten voor het eind van de maand zijn teruggetrokken bij de Turkse observatieposten in Idlib. „Als het regime zich in deze periode niet terugtrekt, zal Turkije de klus zelf moeten opknappen.”

Erdogan zette zijn eis kracht bij door veel versterkingen naar Idlib te sturen: tanks, pantservoertuigen, houwitsers, en commando’s. Zeker 250 voertuigen in de afgelopen dagen, zo meldden analisten. Video’s op Twitter toonden lange konvooien van vrachtwagens die tanks en zwaar geschut transporteerden. Die zijn bedoeld voor het Syrische Nationale Leger (SNA), een los verband van Syrische strijdgroepen, dat wapens, training en soldij krijgt van Turkije.

De Turkse minister van Defensie Hulusi Akar zei maandag tegen Hürriyet dat „ons belangrijkste doel is om migratie [naar Turkije] en menselijk lijden te voorkomen”. Hij suggereerde dat Turkije zint op een grote tegenaanval als het regime zich niet aan de wapenstilstand houdt. „Wij houden ons aan internationale wetgeving en akkoorden. We drukken onze legitieme eisen resoluut uit. Maar als het bestand steeds wordt geschonden, hebben we ook een plan B en C.”

Lees ook dit interview met de Syrische filmmaker Eyad Aljarod. ‘Inwoners van Idlib moeten kiezen: sterven of vluchten’

Ideale splijtzwam

Erdogan is vastbesloten om de observatieposten in Idlib te behouden en de opmars van het regime te stuiten. Maar daarmee stelt hij president Poetin voor een dilemma. De afgelopen jaren zijn de relaties tussen de twee leiders steeds hechter geworden. Poetin ziet Turkije als een ideale wig in de NAVO, bijvoorbeeld door het raketsysteem S-400 te verkopen aan Ankara. Hierdoor komt Turkije steeds meer alleen te staan in het Atlantische bondgenootschap.

Er lijkt Poetin dus veel aan gelegen om zijn goede relatie met Erdogan te behouden. Maar dat wordt door de strijd in Idlib steeds moeilijker. De afgelopen maanden is een half miljoen burgers naar de Turkse grens gevlucht, en Erdogan wil een nieuwe stroom vluchtelingen naar zijn land koste wat kost voorkomen. Turkije vangt al 3,7 miljoen Syriërs op, meer dan ieder ander land. En sinds de economische crisis is de animositeit jegens vluchtelingen er sterk toegenomen.

Zo komen er steeds meer scheurtjes in het strategische partnerschap tussen Turkije en Rusland in Syrië, dat lang verbloemde dat ze rivaliserende partijen steunen in de oorlog.

Ook in andere conflicten staan beide landen tegenover elkaar, zoals in Libië en in Oekraïne. Op een handelsmissie naar Oekraïne vorige week herhaalde Erdogan tot woede van het Kremlin dat Turkije de „illegale” Russische annexatie van de Krim, waar veel Turkse Krim-Tataren wonen, nooit zal erkennen.

Erdogan en zijn Oekraïense ambtgenoot Zelensky zetten tijdens het bezoek stappen naar een vrijhandelsakkoord. Ook bood Erdogan 33 miljoen dollar aan militaire steun, opdat Oekraïne meer Turks wapentuig kan kopen. Oekraïne is een belangrijke afnemer van Turkse drones. Dat zal slecht zijn gevallen in Rusland, dat op gespannen voet staat met Kiev.

Kansen voor Washington

De strubbelingen tussen Turkije en Rusland bieden kansen voor Washington om zijn getroebleerde verhouding met Ankara te verbeteren. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Pompeo was er als de kippen bij om de „voortdurende, ongerechtvaardigde en moorddadige aanvallen op de bevolking van Idlib” door het Syrische regime te veroordelen. En hij sprak zijn steun uit voor de „gerechtvaardigde vergeldingsacties uit zelfverdediging” door het Turkse leger. Woensdag is ook de Amerikaanse Syrië-gezant James Jeffrey in Turkije.

Toch lijkt het niet waarschijnlijk dat Erdogan zijn strategisch partnerschap met Poetin zal inruilen voor steun van Amerika. Het ligt meer voor de hand dat hij de Turkse troepenopbouw in Idlib gebruikt als drukmiddel tegenover Moskou om een nieuwe wapenstilstand af te dwingen.

Poetin op zijn beurt zou de strategisch belangrijke verovering van het laatste stuk van snelweg M5 door troepen van het regime dinsdag kunnen aangrijpen om een nieuwe gevechtspauze in te lassen.

De oud-Kremlin-adviseur Gleb Pavlovsky zei tegen persbureau Bloomberg: „Het is voor Poetin hard werken met Erdogan, die hem sterk irriteert. Maar hij heeft geen keuze. Rusland kan niet opereren in het Midden-Oosten als het in conflict is met Turkije.”