Opeens is veiligheid op Schiphol een zorg

Veiligheid Schiphol Coalitiepartijen D66 en ChristenUnie maken zich zorgen over de veiligheid op Schiphol. Maar hun oproep voor onderzoek verbaast.

Er waren vorig jaar 7.500 (verplichte) meldingen van ‘voorvallen’, waarvan 40 procent rond geparkeerde en taxiënde vliegtuigen en 60 procent rond vliegtuigen tijdens start, landing of in de lucht.
Er waren vorig jaar 7.500 (verplichte) meldingen van ‘voorvallen’, waarvan 40 procent rond geparkeerde en taxiënde vliegtuigen en 60 procent rond vliegtuigen tijdens start, landing of in de lucht. Foto Peter Bakker/ANP

Opeens hebben Schiphol en minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD) er een probleem bij. In enkele dagen tijd is de veiligheid van Schiphol een politieke kwestie geworden. De toekomst van Schiphol, waar dit voorjaar duidelijkheid over moet komen, was al gecompliceerd genoeg. De door de luchtvaartsector beoogde capaciteitsgroei van de huidige 500.000 naar 540.000 vliegtuigbewegingen per jaar is even onzeker als de opening van polderdependance Lelystad Airport. Tot nu toe waren geluidshinder en schade aan klimaat (CO2), gezondheid (fijnstof) en natuur (stikstof) de obstakels die de sector moest overwinnen om te kunnen groeien.

Lees ook: Schiphol mag groeien, maar hoe?

Dinsdag voegden D66 en ChristenUnie veiligheid toe aan dat rijtje. De twee coalitiepartijen willen laten onderzoeken in hoeverre aanbevelingen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) zijn uitgevoerd. In april 2017 publiceerde de OVV een kritisch rapport over het vliegverkeer op Schiphol, met als conclusie dat groei van de luchthaven alleen mogelijk is als „de veiligheidsrisico’s structureel zijn verminderd”. De VVD vindt nader onderzoek niet nodig, het CDA houdt zich op de vlakte.

Aanleiding voor de bezorgdheid van D66 en CU is informatie die Van Nieuwenhuizen vrijdagavond naar de Kamer stuurde. Acht rapporten, sommige al maanden oud, gaan in op de veiligheid op Schiphol. Op verzoek van de Partij voor de Dieren is een Kamerdebat over vliegveiligheid, gepland voor woensdag, uitgesteld zodat de Kamerleden alle rapporten kunnen lezen. Dinsdag vroeg vakbond FNV ook aandacht voor veiligheid van het grondpersoneel op Schiphol. Hoge werkdruk, personeelsverloop en drukte op het platform zorgen voor riskante situaties, zegt de FNV.

De aandacht voor veiligheid is toe te juichen. Hoe belangrijk ook voor de uitvoerende partijen, in het debat over luchtvaart speelde het onderwerp een ondergeschikte rol. De OVV was een roepende in de woestijn.

Ergernis daarover klonk door in de evaluatie die de OVV een jaar na het rapport publiceerde. In april 2018 concludeerde de OVV „dat partijen er niet voldoende van doordrongen zijn dat een fundamenteel andere wijze van functioneren en samenwerken nodig is om nu en in de toekomst de veiligheid op Schiphol te waarborgen”. Van de acht aanbevelingen uit 2017 waren er op dat moment vijf beperkt uitgevoerd, één niet en twee nog niet. Ministerie, Schiphol en luchtvaartmaatschappijen waren te optimistisch, aldus de Raad. Het complexe banenstelsel, de tijdspieken met aankomende en vertrekkende vluchten en de vele baanwisselingen om geluidshinder te beperken zorgen voor risico’s op botsingen bij starten, landen en taxiën.

Toch is er iets vreemds aan de oproep van D66 en ChristenUnie.

Ten eerste omdat de rapporten van afgelopen vrijdag geen reden bieden om alarm te slaan. In de Staat van Schiphol 2019 inventariseert de Inspectie Leefomgeving en Transport wat er misging op en rond Schiphol, ook qua afspraken over hinder en vervuiling. Er waren vorig jaar 7.500 (verplichte) meldingen van ‘voorvallen’, waarvan 40 procent rond geparkeerde en taxiënde vliegtuigen en 60 procent rond vliegtuigen tijdens start, landing of in de lucht. Dat was meer dan in 2018, maar minder dan in 2017. Het aantal onjuiste baangebruikers (runway incursions), afgebroken starts, arbeidsongevallen en ‘afwijkingen van regelgeving’ lag in 2019 lager dan in 2018. Alleen het aantal vogelaanvaringen nam toe, van 580 naar 670. „De veiligheid verslechtert niet”, constateert de Inspectie in een summiere toelichting.

De roep om nieuw onderzoek verbaast ook omdat de OVV zelf besluit om iets te onderzoeken, en in 2018 al een evaluatie publiceerde. Daarnaast heeft het ministerie al een evaluatie van de OVV-aanbevelingen uitgezet, door onderzoeksbureaus To70 en Kwink. Deze evaluatie is „zo snel mogelijk” gereed, aldus een woordvoerder van de minister. Kennisinstituut NLR onderzoekt bovendien of veilige groei mogelijk is.

Volgens Schiphol heeft de luchtvaartsector de OVV-aanbevelingen „actief opgepakt en omgezet in een meerjarenprogramma met maatregelen om de veiligheid nog verder te verbeteren”. De verkeerstoren is verbouwd, taxibanen zijn aangepast.

Dat veiligheid een hoofdrol krijgt in de discussie over groei van Schiphol is terecht. Waarom het bijna drie jaar duurde voordat dit aspect die rol kreeg is een raadsel.