Opinie

Pyrrusoverwinning maakt van Assad geen legitieme leider

Syrië

Commentaar

‘De wereld heeft het Syrische volk in de steek gelaten”, schreef Waad al-Kateab vrijdag in The New York Times. De gevierde Syrische filmmaker die met haar documentaire For Sama de wereld een unieke inkijk gaf in de gruwelijke belegering van Aleppo, moet nu met lede ogen aanzien hoe ook de laatste rebellenprovincie Idlib ten prooi valt aan de troepen van Assad.

De eindstrijd in de negen jaar durende oorlog in Syrië heeft de afgelopen weken gezorgd voor een humanitaire catastrofe, aldus de Verenigde Naties. De schrijnende beelden van platgebombardeerde steden en vluchtende gezinnen doen sterk denken aan de exodus in 2015, op het hoogtepunt van de oorlog. Meer dan een half miljoen Syriërs bevinden zich op het moment in erbarmelijke omstandigheden bij een dichte Turkse grens. De vraag is hoe lang de Turkse president Erdogan de grens gesloten wil en kan houden. Met al zo’n drie miljoen Syrische vluchtelingen in Turkije is het in ieder geval onwaarschijnlijk dat de Turken er nog een half miljoen zullen opvangen. Bij een eventuele vrije doorgang zal dat onvermijdelijk gevolgen hebben voor Europa.

Lees ook dit interview met de Syrische filmmaker Eyad Aljarod: ‘Inwoners van Idlib moeten kiezen: sterven of vluchten’

De Europese Unie, net als de VN, kwam de afgelopen week niet verder dan een oproep aan strijdende partijen om bombardementen op Syrische burgers stop te zetten, en een vrije doorgang te verlenen aan humanitaire hulpdiensten. Of het Assad-regime daar ontvankelijk voor is laat zich raden. De Syrische dictator heeft altijd duidelijk gemaakt dat hij koste wat het kost het hele land wil terugveroveren op de gewapende oppositie. Het ziet er nu ook naar uit dat hij daarin zal slagen, met een kleine vertraging door de aanwezigheid van Turkse troepen in Idlib. Een wrange constatering, met niet alleen een nederlaag voor de Syrische oppositie, maar ook voor de internationale orde.

De Assad-dynastie zit nu een halve eeuw in het zadel. Hafez al-Assad, de vader en voorganger van Bashar, liet in 1982 met het neerslaan van de opstand in de stad Hama (tienduizenden doden) al blijken hoe genadeloos het regime kon zijn. De honderdduizenden doden en gewonden, miljoenen vluchtelingen, en het doelbewust bombarderen van markten en ziekenhuizen door zoon Assad getuigen van zo’n wreedheid dat ‘Hama’ erbij verbleekt.

Het onvermogen van het Westen om het brute geweld een halt toe te roepen, mag het zichzelf aanrekenen. Westerse landen die de (verdeelde) Syrische oppositie steunden deden dat met halve kracht, wisten bovendien niet wíe zij precies van wapens voorzagen, en ondanks dreigende taal van Amerikaanse presidenten Obama en Trump is de positie van Assad nooit in gevaar geweest. Door die halfslachtige houding werd het Westen afgetroefd door Assads bondgenoten Rusland en Iran, voor wie mensenrechten geen betekenis hebben.

Wie nu denkt dat de naderende overwinning van Assad het herstel van een ‘stabiele’ dictatuur betekent, komt bedrogen uit. Het land is niet alleen verwoest, maar ook overgeleverd aan vele milities die voor Assad het vuile werk opknapten. Rusland en Iran zullen ook hun oorlogsbuit in de vorm van grondstoffen en strategische aanwezigheid opeisen. Assad zal zich met zijn pyrrusoverwinning presenteren als legitieme gesprekspartner voor wederopbouwplannen. Hem die eer toekennen zou een klap in het gezicht betekenen voor alle slachtoffers van de oorlog – een oorlog waar zoveel moe(s)ten lijden voor het lijfsbehoud van een despoot.