Profiel

‘Mayor Pete’ wil niet kiezen tussen revolutie of status quo

Pete Buttigieg Na zijn verrassende eerste plek in Iowa, vorige week, hoopt Pete Buttigieg deze dinsdag ook goed te scoren in New Hampshire. Maar de kandidatuur van de mogelijk eerste gay president van de VS kent ook zwaktes.

Pete Buttigieg zondag op campagne in New Hampshire, waar dinsdag de tweede ronde van de voorverkiezingen voor de Democratische presidentskandidatuur plaatsvinden.
Pete Buttigieg zondag op campagne in New Hampshire, waar dinsdag de tweede ronde van de voorverkiezingen voor de Democratische presidentskandidatuur plaatsvinden. Foto Katherine Taylor

Iemand moet een stoel voor hem hebben neergezet, want ineens steekt zijn bruine kuifje uit boven de menigte in de hal van de Londonderry Middle School. Voor hij aan zijn toespraak begint, bedankt Pete Buttigieg de mensen die hier staan, want zij zullen hem zo meteen niet meer kunnen zien, alleen kunnen horen via de luidspreker. De kantine van de school staat al zo vol met belangstellenden, dat de brandweer geen mensen meer toelaat. „Het is jammer voor jullie, maar het is een goed teken voor onze campagne”, zegt Buttigieg. „Wij hebben het momentum.”

Bij de eerste Democratische voorverkiezingen in de presidentscampagne, vorige week in Iowa, eindigde Buttigieg verrassend op de gedeelde eerste plaats met Bernie Sanders – beiden vroegen overigens maandag om een hertelling. Zo’n uitslag geeft energie en trekt belangstellenden aan. Vandaar de uitpuilende school in Londonderry, New Hampshire, waar Buttigieg zondag een verkiezingsbijeenkomst houdt. Mocht hij het deze dinsdag ook bij de voorverkiezingen in New Hampshire goed doen, dan kan niemand meer om deze voormalige buitenstaander heen.

Toen Buttigieg in april 2019 als 37-jarige – drie jaar jonger en hij had helemaal niet mee mógen doen – zijn kandidatuur voor het presidentschap aankondigde, was hij geen senator, geen gouverneur, niet eens lid van het Huis van Afgevaardigden. Hij was burgemeester van zijn thuisstad South Bend, Indiana, een gemeente die in inwonertal (102.000) net Venlo evenaart.

Lees ook: Democraten maken in Iowa valse start met chaos op uitslagenavond

Dat was de eerste reden om hem geen serieuze kansen toe te dichten. En nu hij toch een kansrijke kandidaat blijkt te zijn, worden zijn nederige bestuurlijke komaf en gebrek aan nationale of internationale politieke ervaring hem aangewreven door zijn rivalen. Veteraan Joe Biden – die met Buttigieg concurreert om de gematigde Democratische stem – lanceerde dit weekend een campagnefilmpje waarin hij diens gebrek aan ervaring bespotte. We zien Biden als vicepresident belangwekkende zaken als Obamacare en het Iran-akkoord regelen. En na elke Biden-prestatie zien we er eentje van Buttigieg: nieuwe trottoirs aanleggen, huisdieren chippen.

Buttigieg zelf presenteert zijn burgemeesterschap juist als goede leerschool. In zijn vorig jaar gepubliceerde memoires Shortest Way Home schrijft hij dat South Bend een ‘stervend stadje’ was, totdat hij er aan de macht kwam. En hoe die omslag als ‘model’ kan dienen voor „de toekomst van Amerika”. Dat hij niet ‘besmet’ is door de giftige politieke polarisatie in de hoofdstad, maakt dat hij een „nieuw perspectief” meebrengt, stelt hij. Daarom ook – én omdat niet iedereen weet hoe je zijn van oorsprong Maltese achternaam uitspreekt (boet-etsj-etsj) – voert hij met trots zijn burgemeestersbijnaam ‘Mayor Pete’.

De VS hebben Mayor Pete leren kennen als een welbespraakte, misschien wat gladde en vroegoude jongeman. In een talkradioshow viel het volgende grapje te noteren: „Pete Buttigieg is de jongen die op je feestje komt en dan de hele avond boven met je ouders gaat zitten praten.” Het lijkt hem niet te deren. Hij laat graag merken dat hij een studiebol is, dat hij studeerde aan Harvard en Oxford, onder andere op een al even prestigieuze Rhodes-beurs.

Als zoon van een linguïste zou hij zeven vreemde talen (enigszins) beheersen, uiteenlopend van Frans, Spaans, Italiaans, Maltees, Arabisch, Dari tot Noors. Dari leerde hij in de maanden dat hij als militair in Afghanistan diende. Noors heeft hij naar eigen zeggen geleerd om ook onvertaalde werken van zijn favoriete Noorse romancier Erlend Loe te kunnen lezen.

First Gentleman

Op de bijeenkomst in Londonderry wordt Buttigieg ingeleid door een lokale organisator van zijn campagne. Zij onderstreept hoe belangrijk diens kandidatuur is voor haar „als lesbische vrouw”. Toen hij op 29-jarige leeftijd werd verkozen tot burgemeester, zat hij nog in de kast. Vier jaar later, tijdens zijn herverkiezingscampagne, besloot hij daar uit te komen in een interview met de lokale krant. Hij huwde Chasten, leerkracht op een Montessori-school. Die vergezelt hem nu op campagne en verstuurt als potentiële First Gentleman bedelmailtjes aan donateurs.

Maar zoals Obama zich in 2008 niet expliciet aanprees als eerste zwarte president en hoop uitsprak over „een post-raciaal Amerika”, zo legt Buttigieg geen nadruk op zijn liefdesleven. Hij stelt „niet mee te doen om de eerste gay president van de VS te worden”, maar „om president voor iedereen te zijn”.

Beschouwingen over zijn historische gooi naar het Witte Huis verschijnen toch wel in de media, dus zelf begint hij er alleen desgevraagd over. Zoals vorige week, in gesprek met kiezers op CNN, toen hij geroerd sprak over het effect dat zijn kandidatuur kan hebben op jonge mensen die worstelen met hun coming-out. „Het feit dat ik hier sta, dat mijn echtgenoot in het publiek toekijkt, is een ongelooflijk voorbeeld dat ze thuishoren in Amerika.”

Buttigieg met zijn echtgenoot Chasten en hond Buddy, thuis in South Bend, Indiana.

Foto Joshua Lott/The Washington Post/Getty Images

In termen van minderheden kan Buttigieg misschien rekenen op extra stemmen uit de lhbt-gemeenschap. Maar sceptici wijzen op peilingen onder andere minderheden: zwarte kiezers en hispanics. Daar krijgt hij geen voet aan de grond. Joe Biden haalde tot december 154 steunverklaringen van huidige of voormalige politici van kleur binnen, Buttigieg zes. Zijn rally’s in South Carolina zijn een vrijwel exclusief witte aangelegenheid, gaf hij vorige maand zelf toe.

In die zuidelijk staat, met een relatief groot zwart electoraat, worden eind deze maand de Democratische voorverkiezingen gehouden. Hier staat Buttigieg, anders dan in het ‘witte’ New Hampshire, vijfde in de polls met een gemiddelde van 5,5 procent. Zijn concurrent Biden gaat er ruim aan kop. Ook onder latino’s maakt Buttigieg nog weinig enthousiasme los.

Buttigieg heeft niet het voordeel van Biden, die acht jaar de rechterhand was van de eerste zwarte president, Barack Obama – en die hij nooit vergeet te noemen als hij oreert of debatteert. Buttigieg heeft hier nadeel van zijn tijd als burgemeester. Dat hij in 2012 kort na zijn aantreden de eerste zwarte korpschef van South Bend ontsloeg, wordt hem nagedragen door Afro-Amerikaanse kiezers. De politiecommandant had heimelijk witte agenten afgetapt om hun mogelijk racistische uitlatingen te registreren. Buttigieg verving hem, de affaire verzandde in juridisch getouwtrek en zette de raciale verhoudingen in de stad jarenlang onder druk. Hij verving ook nog de zwarte brandweercommandant door een witte.

In het laatste tv-debat met andere Democraten hamerde een van de presentatoren op een pijnlijk feit: dat het aantal zwarte inwoners van South Bend dat werd gearresteerd wegens bezit van marihuana, onder Buttigieg steeg. De inmiddels ex-burgemeester probeerde zich er vanaf te maken door de statistiek te ontkennen.

Gematigd imago als strategie?

Bij linksere Democraten roept hij daarnaast weerstand op vanwege zijn politieke standpunten. Buttigieg mag de jongste deelnemer van het veld zijn, juist onder de overwegend jonge aanhang van Bernie Sanders (78) oogst hij afschuw. Zij wijzen op Buttigiegs jaren bij consultancyreus McKinsey en kritiseren dat hij campagnedonaties aanneemt van het bedrijfsleven en rijkere Amerikanen. Voor hen is hij een crypto-Republikein, een zetbaas van het establishment en het grootkapitaal.

Tijdens de chaotische nasleep van de caucuses in Iowa, vorige week, verhevigde die kritiek. De vraag is of ze helemaal eerlijk is. Buttigieg is inderdaad gematigder dan Sanders of Elizabeth Warren. Maar, zoals het linkse millennial-platform Vox deze maand uiteenzette, als hij de nominatie wint, is hij nog altijd „de meest progressieve Democratische kandidaat sinds Walter Mondale” (die in 1984 door Reagan weggevaagd werd).

Dat komt deels doordat de Democratische partij als geheel naar links is opgeschoven. Misschien daarom wel meet Buttigieg zich een meer gematigd imago aan dan zijn programma rechtvaardigt, stelt Vox. Een slimme strategie om Republikeinse kiezers niet tegen hem te mobiliseren, zoals een meer uitgesproken linkse kandidaat mogelijk wel zou doen?

Hij mengt zich in ieder geval weinig in identiteitspolitiek of andere kwesties die de Amerikaanse cultuuroorlog gaande houden. Wel spreekt hij over de noodzaak van grondig onderhoud van de democratie, zoals hervorming van het Hooggerechtshof, Senaat of het kiesstelsel. Zijn campagne plaatst hem al op één lijn met voorgangers als Kennedy, Carter en Obama: jonge beloften die als eerste katholiek, eerste zuiderling (sinds de Burgeroorlog) en eerste zwarte president het Witte Huis veroverden.

‘Meer energie’ dan Biden

In Londonderry is het enthousiasme voor Buttigieg onder de honderden aanwezigen groot, maar bepaald niet onvoorwaardelijk. „Ik twijfel tussen hem en Elizabeth Warren”, zegt de 50-jarige Lynn Kelly. Het pleit voor Buttigieg dat hij niet „al een miljoen jaar in Washington heeft gewerkt”, vindt zij. Een andere vrouw zegt dat zij „voor 90 procent naar Buttigieg neigt”. En de rest? „Die neigt naar Bernie Sanders.”

Dit valt vaker te beluisteren in de schoolgang in Londonderry: de verschillen tussen de meer linkse en de gematigde kandidaten worden niet als zodanig gepercipieerd onder de hier aanwezige kiezers. In de kranten en op tv worden Sanders en Warren aan de ene kant en Buttigieg en Biden aan de andere kant als aartsvijanden afgeschilderd. En ze gaan er in hun onderlinge ontmoetingen ook naar staan. Sanders viel in het laatste debat Buttigieg aan om de miljardairs die hem financieel steunen. Buttigieg stelde dat Sanders „mensen dwingt te kiezen tussen de revolutie en de status quo” en zo „eigenlijk tegen de meesten van ons zegt: je hoort er niet bij”.

Ingenieur Peter Perrinez twijfelt tussen Buttigieg en Andrew Yang, maar hij neigt naar de eerste. Niet omdat zijn ideeën zoveel beter zijn: Perrinez is erg gecharmeerd van Yangs plan voor een universeel basisinkomen van 1.000 dollar per maand. Hij neigt naar Buttigieg „omdat hij de energie en het momentum heeft”.

Perrinez is eerder op de dag wezen kijken bij Joe Biden, maar daar gaat hij echt niet op stemmen, ingeslapen bedoening. Biden werd vierde in de caucus van Iowa en probeert zich groot te houden tot de voor hem beslissende voorverkiezingen in South Carolina en Super Tuesday, op 3 maart. „Je moet energie hebben om Trump te verslaan”, zegt Perrinez.