Hoe betrouwbaar zijn de coronacijfers uit China?

Slachtoffers Er overlijden nu elke dag honderd mensen aan de ziekte. Voornamelijk in China, dat steeds meer moeite heeft de crisis het hoofd te bieden.

Personeel van een ziekenhuis in Wuhan verplaatst een patiënt in het afgesloten deel van het ziekenhuis. Uit China komen berichten dat ziekenhuizen in Wuhan de toestroom van patiënten niet meer aankunnen. Foto Reuters
Personeel van een ziekenhuis in Wuhan verplaatst een patiënt in het afgesloten deel van het ziekenhuis. Uit China komen berichten dat ziekenhuizen in Wuhan de toestroom van patiënten niet meer aankunnen. Foto Reuters

Het aantal doden dat de epidemie van het nieuwe coronavirus heeft geëist, overstijgt dat van de uitbraak van coronaziekten SARS in 2003 en MERS sinds 2012. Dinsdag liep het aantal doden van de 2019-nCoV-uitbraak op tot 1.018; bij SARS en MERS staan de tellers op 774 en 858. En het einde is nog niet in zicht: volgens de officiële cijfers stijgt het aantal mensen dat aan de virusziekte komt te overlijden nog iedere dag.

Er overlijden nu honderd mensen per dag aan de ziekte, voornamelijk in China.

Maar hoe betrouwbaar zijn de cijfers van infecties en doden? Die vraag wordt steeds prangender nu er uit China berichten komen dat de testcapaciteit tekortschiet, en de ziekenhuizen in Wuhan – waar de epidemie begon en het hevigst is – de toestroom van patiënten niet meer aankunnen.

The New York Times berichtte zondag dat testlaboratoria in de Chinese provincie Hubei hun maximale capaciteit van zesduizend testen per dag hebben bereikt. Maar zelfs nu het personeel daar dag en nacht doorwerkt kan het de werklast niet aan. De uitslag van een test laat soms dagen op zich wachten.

Lees ook: Bitterheid groeit over de Chinese aanpak van het coronavirus

De laatste week kwamen er elke drie dagen tienduizend nieuwe bevestigde besmettingen bij. Maandag rapporteerde de Chinese infectieziektedienst dat er behalve 40.171 patiënten met een bevestigde infectie ook nog 23.589 mensen zijn van wie vermoed wordt dat ze besmet zijn. Die moeten dus allemaal nog getest worden.

Gebrek aan testcapaciteit

Door het gebrek aan testcapaciteit zijn ziekenhuizen in China overgegaan op het testen van mensen van wie vermoed wordt dat ze de infectie hebben opgelopen. Met een CT-scan wordt gekeken of zij inderdaad een longontsteking hebben. Dat kan ertoe leiden dat geïnfecteerde mensen met milde symptomen gemist worden, wat het risico op verdere verspreiding van de infectie kan vergroten. Ook kunnen mensen die niet geïnfecteerd zijn maar toch een afwijkende scan hebben, ten onrechte in het ziekenhuis in quarantaine geplaatst worden met het risico dat ze daar alsnog besmet raken.

Hoewel ook China zich realiseert dat genetisch testen op het virus de gouden standaard blijft, heeft het land tot dusver het aanbod van buitenlandse hulp afgeslagen. Liever lost het land het zelf op. Het BGI, het grootste dna-analyselaboratorium ter wereld, maakte vorige week juist bekend dat het in Wuhan een nieuwe laboratorium heeft gebouwd dat dagelijks tienduizend virustesten kan uitvoeren. Of dat al in werking is, is niet bekend.

Ondertussen maakt de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) zich ook zorgen over de testcapaciteit elders in de wereld, met name in derdewereldlanden. Daarom gaat de WHO zo snel mogelijk 250.000 testkits versturen naar 159 laboratoria in de wereld.

Opmerkelijk weinig gevallen in Azië

Amerikaanse epidemiologen waarschuwen voor onderrapportage in een aantal Aziatische landen ten tijde van het begin van de uitbraak, toen veel reizigers uit Wuhan kwamen. Ze baseren zich op een rekenmodel met het aantal reizigers en het aantal gemelde besmettingen.

Landen als Indonesië en Cambodja, die directe vluchten vanuit Wuhan ontvingen, hebben nog geen of nauwelijks patiënten gemeld. En ook Thailand, het eerste land buiten China dat begin januari een besmetting meldde, telt tot nu toe minder besmettingen dan je op basis van de intensiteit van het vliegverkeer met Wuhan zou verwachten.

Lees ook: Wat we tot nu toe weten over het nieuwe coronavirus

Om de epidemie de kop in te drukken moeten patiënten en hun directe contacten zo snel mogelijk opgespoord worden en zo nodig in quarantaine worden geplaatst. Maar dat wordt bemoeilijkt doordat de ziekte bij veel mensen mild verloopt. Daardoor kunnen ze geneigd zijn zich niet te melden bij een arts, of mogelijk zelfs geïnfecteerd zijn zonder er zelf iets van te merken.

Naar schatting 82 procent van de patiënten ervaart slechts milde symptomen, vertelde Maria Van Kerkhove van de WHO vrijdag op een persconferentie. Ze baseerde zich op de epidemiologische gegevens van 17.000 patiënten in China. Bij 15 procent van de patiënten zijn de verschijnselen ernstig en 3 procent van de patiënten belandt in kritieke toestand door de longontsteking. Daarvan overlijden er minder dan twee op de drie, aldus Van Kerkhove. De ernst van de ziekte en de kans op overlijden neemt toe naarmate de patiënten ouder zijn.